boekrecensie

Mensen verlangen naar iets dat ze zelf niet hebben bedacht

Het münchhausenparadigma. Waarom Freud en Lacan ertoe doen. Beeld RV

De filosoof Marc De Kesel publiceerde eerder over thema’s uit de wijsgerige antropologie, onder meer ‘Zelfloos’(2017), ‘Auschwitz, mon amour’( 2012)  en ‘Eros en ethiek’(2001), over religie ‘Goden breken’ (2010) en over hedendaagse denkers ‘Zižek’ (2012). Zijn boeken hebben een sterk psychoanalytische inslag. Ze zijn geïnspireerd door Freud en de psychiater-filosoof Jacques Lacan. 

De stelling

De status van psychoanalyse is de laatste decennia sterk geslonken. Dat komt omdat haar voornaamste intuïtie niet strookt met het heersende paradigma van objectieve wetenschap. De psychoanalyse gaat immers uit van het individu en van de verhalen die het vertelt, dus niet van meetbare gegevens. En dat individu is niet zo betrouwbaar. Een persoonlijkheid wordt namelijk gevormd in de kindertijd, met zijn trauma’s en voorvallen die elk van ons betekenis geeft vanuit zijn eigen verbeelding. Dat gebeurt op basis van de taal, die we niet eens zelf hebben uitgevonden, maar waarin we ons moeten ‘inschakelen’. “Het punt van waaruit de identiteit zich constitueert is niet een of andere ‘natuur’ of ‘essentie’. Dat punt valt overal buiten. Het is een fictief punt.”

Baron von Münchhausen

Het fictieve punt van waaruit de identiteit wordt gevormd, kunnen we begrijpen aan de hand van het verhaal van baron von Münchhausen. Toen hij met zijn paard in een moeras terecht dreigde te komen, greep hij de staart van zijn pruik en tilde zo zichzelf en zijn paard omhoog om veilig aan de overkant te komen. Het punt van waaruit de baron zichzelf omhoog tilt, illustreert het fundament van onze identiteit. Ze berust op verbeelding, een reeks voorstellingen die wel losjes gebaseerd zijn op de realiteit, maar die toch grotendeels fictief zijn. Dat de psychoanalyse de verbeelding ernstig neemt, is volgens de auteur haar grote troef, hoezeer ‘de wetenschap’ dat ook afkeurt.

Onvervulbaar verlangen

Het boek valt uiteen in drie delen: theorie, cultuurkritiek en esthetica. Centraal in de theoretische essays staat Lacans omschrijving van de mens als een persoon die samenvalt met een verlangen dat niet het zijne is, terwijl hij toch moet doen alsof hij ‘een zelf’ is. Bovendien is het verlangen fundamenteel onvervulbaar. Het tekort kan nooit definitief worden opgeheven, hoe graag we dat ook zouden willen. Het is geen toeval dat de patiënt tegenover de therapeut zijn onbehagen uit in de vorm van een symptoom waar hij vanaf wil. Maar tegelijk is de patiënt sterk gehecht aan dat symptoom, waarin hij heel wat lustenergie heeft gestopt, zodat het des te moeilijker is om hem ervan af te helpen.

Cultuurkritiek

De psychoanalyse kan helpen bij het formuleren van cultuurkritiek. Want de mens is volgens Freud niet alleen bezig met de bevrediging van vitale behoeften, hij streeft ook naar lust. In het psychisch apparaat, het domein van de onbewuste voorstellingen en herinneringen, vindt een soort ‘lusteconomie’ plaats, die niets te maken heeft met de logica van de levensfuncties. De lusteconomie vertrekt vanuit de verbeelding, die voor het individu evenveel betekenis heeft als de realiteit zelf. Dat heeft de kapitalistische economie goed begrepen. Marketeers weten dat menselijke behoeften onverzadigbaar zijn. Daarom verkopen ze niet zozeer een product, maar het verlangen naar een product. In die zin berust de waarde van een product ook niet op iets reëels, maar op veronderstellingen en fictie.

Religie

Boeiend is Lacans inschatting van religie. Hij is niet geïnteresseerd in objectieve religiekritiek, maar vraagt zich af waarom religie ondanks de secularisering succesvol blijft. Zijn antwoord luidt dat dit komt omdat religie appelleert aan het tekort dat de mens als lustwezen aankleeft. “Precies het feit dat het religieuze verhaal logisch noch wetenschappelijk consistent is, verhoogt zijn aantrekkingskracht om daarin zichzelf als ‘tekort’ te vinden. Zeker als dit religieuze verhaal verrassend helder en subtiel het radicaal tekort neerzet waarop het menselijke zelf teruggaat.”

Redenen om dit boek te lezen

De Kesel ontpopt zich tot een vurig pleitbezorger van de alom verguisde psychoanalyse. Hij vindt overtuigende argumenten voor eerherstel. Zijn nadruk op de aandacht voor de verbeelding als grondthema van de psychoanalyse, is origineel.

Redenen om dit boek niet te lezen

Dit boek is moeilijk leesbaar zonder een voorafgaande inwijding in de grondbegrippen van de psychoanalyse. Zeker de stukken over Lacan zijn lastig voor wie niet vertrouwd is met zijn abstracte concepten.

‘Het Münchhausenparadigma. Waarom Freud en Lacan ertoe doen.’ Marc De Kesel. Uitgeverij Vantilt; 284 blz. € 22,50 ★★★

Lees ook: Modernisme heeft alle sporen van het religieuze. In dit interview legt Marc De Kesel uit waarom modernisme en religie geen gezworen vijanden zijn. 

In ons dossier boekrecensies vindt u een overzicht van de besprekingen van pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden