Column

Kroeggesprek over kerkbezoek

Jean Jacques Suurmond.

"Hoe zei Carmiggelt dat ook weer?", vraagt mijn oude kennis zittend aan de bar. We hebben elkaar een tijd niet gezien. Hij heet Jan en heeft net over zijn ex verteld, met een gezicht alsof die na een lange ziekte is overleden. Laatst is hij hertrouwd.

"Wat?", antwoord ik. "O, je bedoelt: De belendende percelen nat houden?"

Exact, zegt hij en leegt met grote slokken zijn glas bier. Thuis is er een brandje, vervolgt hij. Ruzie. Misschien omdat we nog aan elkaar moeten wennen. We begrijpen elkaar niet altijd.

Dat herken ik op een andere manier, antwoord ik. Er zijn bijvoorbeeld weinig mensen die snappen waarom ik naar de kerk ga. Naaktlopen, oké. Moet je de bak in? Kan gebeuren. Maar christen?

Ik snap ook niet, zegt hij, wat jij met de kerk hebt. Hij bestelt nog een pilsje.

Jij denkt bij geloof aan allerlei rare dingen, zeg ik. Geen wonder. Als het op het tv-journaal over 'christelijke partijen' gaat, zet ik me al schrap. Ze menen overal het gesis van de paradijsslang te horen en zijn tegen het homohuwelijk, tegen abortus, tegen euthanasie, tegen hulp bij voltooid leven. Zoals ze vroeger tegen de stoomtrein en tegen pijnstillers bij een bevalling waren.

Ja, maar de kerk zelf is toch ook een gekke boel? zegt Jan. Met dominees die in een zwarte boerka een lange monoloog houden. En van de paus mogen mensen niet eens hun mobieltje omhoog houden. Alsof God en zijn engelen bang zijn om onvoordelig op de foto te komen. Hij neemt nog een slok. Ik volg hem zonder tegenzin.

Reptielenriem

Eigenlijk is de kerk nog veel gekker, antwoord ik terwijl ik naar de opstijgende bubbeltjes in mijn glas kijk. Om met Carmiggelt te spreken: In de kerkdienst word ik een ander mens en die ander heeft altijd een enorme dorst, een dorst naar hogere dingen. Soms word ik er een beetje duizelig van. Ik neem nog een slok.

Jan trekt een Socutera-gezicht. Alles oké? vraagt hij. Het gaat prima, zeg ik. Maar jij, hoe is het nou met jou?

Op dat moment komt er een strak kijkende man binnen, met een brede door reptielen bijeengestorven broekriem. Mijn man, introduceert Jan hem. Die wrijft met zijn hand over zijn jasje alsof het lichaamsdeel eerst opgewarmd moet worden, en vuurt hem dan af naar mij.

"Ik dacht wel dat je hier zou zitten", zegt hij tegen mijn makker. Hij praat met een slis. Streng kijkt hij naar onze glazen.

"Sorry, ik moest er even uit", reageert Jan terwijl hij verschuift op zijn barkruk. "Wil je niet wat drinken?"

"Geef mij maar een spa rood", antwoordt hij. Hij kijkt gecompliceerd in zijn glas, alsof er iets onrechtvaardigs op de bodem ligt. We hadden het net over christelijke partijen, begin ik om iets te zeggen. De man zegt dat hij daar zelf nooit op zal stemmen, maar dat ze toch wel iets hebben. Omdat ze tegen hoofddoekjes, tegen islamisering en tegen de verloedering zijn. Ze weten tenminste nog wat goed en kwaad is, slist hij boven zijn reptielenriem. En wat een huwelijk is, dat er spelregels zijn.

Mijn makker kijkt hem aan als een hondje dat schouderjeuk heeft en tegen hem aan wil schurken. "Zal ik eens iets christelijks doen?", zeg ik. "Het volgende rondje is voor mij."

"Nee dank je", Jan schudt met zijn hoofd.

Zijn man staat naast hem.

Jean-Jacques Suurmond is theoloog en predikant. Hij schrijft om de week een column over geloven.

Lees meer columns van Jean-Jacques Suurmond

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden