Desolaat koorboek in een lege kerk in Gronsveld.

Samen zingen

Kerkkoren dreigen corona niet te overleven: ‘Zingen is een ademsport. Het wordt nooit meer zoals het was’

Desolaat koorboek in een lege kerk in Gronsveld.Beeld Laurens Eggen

Veel rooms-katholieke kerkkoren hebben het moeilijk door de coronacrisis. Samen zingen of repeteren is er niet meer bij. Willen leden nog wel doorgaan als het straks weer kan?

Je kunt wel zeggen dat 2020 alles in zich had om het jaar te worden van het Gemengd Kerkelijk Zangkoor Sint-Martinus uit het Limburgse Gronsveld. Het koor bestond vijftig jaar en op 15 maart zou er in het koetshuis van het mooie Kasteel Rijckholt een groots opgezet jubileumconcert plaatsvinden. Niets was aan het toeval overgelaten. Het koor zou in stemmig zwart gekleed gaan, voor de dames waren zelfs speciaal nieuwe sjaals aangeschaft. En natuurlijk hadden veel vrouwelijke koorleden ruim van tevoren een afspraak gemaakt bij een van de kapsalons die het dorp rijk is.

Er was een mooi programmaboekje gemaakt met daarin onder meer een feestelijke foto van het koor en de tekst ‘Zangkoor Sint-Martinus Gronsveld, 50 jaar jong’. Over het repertoire van het jubileumconcert was goed nagedacht. Niet alleen kerkmuziek, maar ook wereldlijke liederen. Niet alleen Laudate Dominum van Mozart, maar ook Hallelujah van Leonard Cohen en Over the Rainbow uit The Wizard of Oz. Zo hoopten het bestuur en dirigent Steven van Kempen nieuwe leden te strikken, want die zouden weleens tegen al te veel kerkelijk repertoire kunnen aanhikken.

Maar de stoelen bleven die zondag in het koetshuis leeg en de sjaals bleven in de kast. Wat een jubileumjaar had moeten worden, werd uiteindelijk een rampjaar. “Drie dagen voor de bewuste datum ging Nederland in lockdown en dat concert heeft nooit plaatsgevonden”, vertelt alt en voorzitter van het koor Mariëlle Vinken. “Vervolgens is ook een aantal van onze koorleden ziek geworden en twee van hen zijn zelfs aan corona overleden, onder wie mijn eigen vader. Hij was meer dan zeventig jaar kerkzanger en vijftig jaar lid van het Sint-Martinuskoor en dus een van de gouden jubilarissen.”

Generale repetitie

Vinken en haar vader moeten samen honderden keren op het oksaal hebben gestaan. “Hij had een mooie tenorstem”, vertelt ze. “Mijn vader is ziek geworden op de feestdag van Sint Jozef, op 19 maart. De week daarvoor hadden we generale repetitie gehad voor ons jubileumconcert. We vermoeden dat hij daar besmet is geraakt, omdat wij toen als koor gewoon nog heel dicht op elkaar stonden. Ook andere leden zijn daarna ziek geworden.” Haar vader overleed uiteindelijk op 8 april, midden in de Goede Week.

Los van het verlies van een aantal gewaardeerde leden zijn de gevolgen van de coronacrisis voor het Sint-Martinuskoor enorm. Vinken: “Sinds 10 maart hebben we niet meer samen gezongen en gerepeteerd. Met kerstmis hoop ik dat we weer in de kerk staan, maar of dat ook gaat gebeuren is nog maar de vraag. De toekomst van ons koor is onzeker geworden.”

Even was er hoop

Niet alleen rooms-katholieke kerkkoren hebben het moeilijk. Ook PKN-koren, cantorijen en wereldlijke koren ondervinden de gevolgen van de pandemie en de lockdowns. Optredens vielen weg, repetities zijn niet meer mogelijk of vinden met heel veel moeite online plaats. De leden zijn elkaar soms uit het oog verloren. Even was er hoop, toen er na de eerste lockdown in de zomer van vorig jaar weer wat meer mogelijk was. Maar veel koren zijn toen niet eens meer opgestart. “In september vorig jaar wilde ik weer beginnen”, zegt dirigent Steven van Kempen. “De helft van de koorleden wilde toen wel proberen om te komen, maar de andere helft niet. Op het moment dat er op het journaal en in de kranten over een tweede golf werd gesproken, daalde het animo nog verder. In zo’n situatie heeft het geen zin meer nog iets te gaan doen.”

Mariëlle Vinken en Steven van Kempen in de kerk van Gronsveld. Beeld Laurens Eggen
Mariëlle Vinken en Steven van Kempen in de kerk van Gronsveld.Beeld Laurens Eggen

Soms werd het virus een koor zelfs fataal, zoals bij het Handels Gemengd Kerkkoor (HGK) dat sinds mensheugenis de vieringen opluisterde in de bedevaartkerk van het gelijknamige Brabantse dorp. Op 27 december was de afscheidsviering. “Als bestuur hebben we toen nog snel een paar mensen kunnen onderscheiden voor respectievelijk 50, 40 en 25 jaar lidmaatschap. Dat ging nog net”, vertelt Antoon Graat, de laatste voorzitter van het koor die zelf veertig jaar lid was. “We zaten hier midden in een brandhaard. Corona heeft ons de genadeklap gegeven. Het directe gevolg van die crisis was dat we niet meer mochten zingen in de kerk. Dat is nu net ons bestaansrecht. Als je lid bent van een voetbalclub wil je tegen een bal aan trappen, als lid van een koor wil je samen zingen.”

Het Handels Gemengd Kerkkoor had het voor de coronacrisis ook al zwaar. Graat: “De gemiddelde leeftijd van ons koor was hoog, die lag rond de 80. Ons oudste lid was 91. De mobiliteit van de koorleden nam af. Sommigen konden nog maar met moeite de trap naar het oksaal op. De laatste tijd stond ik alleen nog maar met dames te zingen. Ik heb ooit gezegd: ‘Zodra we er nog maar met zijn achten staan, moeten we stoppen’. Dat moment kwam steeds dichterbij. Toen onze organist er na 53 jaar trouwe dienst ook nog eens mee ophield, hebben we besloten per 1 januari 2021 te stoppen. Zonder corona hadden we misschien nog wat langer bestaan.”

Ook voor veel andere kerkkoren lijkt de coronacrisis een kantelpunt te worden. Wel of niet doorgaan? Tegelijkertijd is een koor een soort van graadmeter voor hoe een geloofsgemeenschap ervoor staat. Gaat het goed met het koor, dan gaat het goed met de kerk. “De situatie is ernstig”, zegt Ed Smeets, vicaris voor liturgie en kerkmuziek in het bisdom Roermond. “Toen het in maart vorig jaar allemaal begon, zijn de kerkkoren als eerste afgehaakt. De leden zijn op leeftijd, vallen bijna allemaal in de risicogroep. De vergrijzing heeft lang geleden al toegeslagen bij de kerkkoren. Oudere leden willen geen spelbreker zijn, maar zoeken vaak naar een natuurlijk moment om te zeggen ‘Ik stop ermee’. Ik ben bang dat voor velen de coronacrisis zo’n natuurlijk moment is.”

Tranen in hun ogen

Veel kerken werken nu met cantors; een paar leden worden uitverkoren om in de liturgie te zingen. Antoon Graat had de moeilijke taak de selectie te maken bij zijn koor. “Slapeloze nachten heb ik ervan gehad. Ik vond het hartstikke moeilijk om tegen mijn medekoorleden te moeten zeggen: jij mag wel en jij niet. De mensen die afvielen zaten soms met tranen in hun ogen in de kerkbanken.”

Van Kempen zingt zelf ook professioneel. “Dat geldt ook voor onze organist. We wisselen elkaar af als cantor. Deze constructie heeft ook voordelen. Je hoeft met niemand te repeteren en je kunt alles toespitsen op de liturgie van de dag. Maar ik onderken dat de sociale gevolgen van de coronacrisis voor koorleden enorm zijn.”

Antoon Graat, voorzitter van het Handels Gemengd Kerkkoor, in de kerk van Handel. Beeld Laurens Eggen
Antoon Graat, voorzitter van het Handels Gemengd Kerkkoor, in de kerk van Handel.Beeld Laurens Eggen

Wie met YouTube bekend is, ziet daar filmpjes voorbijkomen van koren die ieder in hun eigen vakje, vanachter hun eigen laptop toch samen zingen. Met andere woorden: het valt wel mee. Maar de werkelijkheid is anders. Volgens Peter Steijlen, dirigent van vier katholieke kerkkoren en een PKN-koor, is het nu eenmaal zo dat de magie van het samen zingen niet te vervangen is door een app of beeldscherm. “Je moet elkaar horen, zien en bijna ruiken. Zingen in een koor is naast een sociale bezigheid ook een ademsport, waardoor je heilzaamheid en verbinding ervaart. Voor de paar zangers die nog mogen zingen in vieringen, houd ik Zoom-repetities. Even de partijen voorzingen zodat men goed voorbereid de viering in gaat. Echt samen zingen op Zoom werkt niet goed vanwege de vertraging.”

Het Sint-Martinuskoor heeft een groepsapp, maar verder gaat de digitale revolutie hier niet. Mariëlle Vinken: “We hebben toch allemaal oudere leden die niet zo vaardig zijn met computers. Onze dirigent Steven heeft nog gedacht: ik stuur ze allemaal muziek op een USB-stick en dan kunnen ze dat thuis gaan oefenen. Maar mensen werden daar een beetje kriegel van, een beetje zenuwachtig. Hoe moet dat dan?”

De leden van het Sint-Martinuskoor zijn een paar keer samengekomen om elkaar een hart onder de riem te steken. Gewoon in de kerk van Gronsveld, omdat je daar mooi op anderhalve meter van elkaar kan zitten en kunt ventileren, want iedereen is ontzettend bang. Voorzitter Vinken probeert haar koor verder bij elkaar te houden door veel te mailen, te appen met koorleden en bij verjaardagen stil te staan. “Het lijkt erop alsof mensen al afhaken. Ze reageren nauwelijks meer als ik wat stuur. Als bestuur wachten we nu af hoe het met het vaccineren gaat. Onze deadline is september, dan moeten we weer gaan opstarten. Lukt dat niet dan moeten we serieus gaan nadenken of we als koor wel verder moeten gaan.” Van Kempen: “Dit koor had een hoog niveau. De vraag is wie van de leden terugkomt. Je kunt van een mooi gemengd koor dat alle bekende Mozart-missen zong, natuurlijk teruggaan naar ander repertoire. Maar ik kan me voorstellen dat bij sommige koorzangers de motivatie dan verdwijnt. Ik vermoed dat het heel anders gaat worden met de kerkkoren. Het wordt nooit meer zoals het was. ”

Antoon Graat is tegenwoordig op woensdagavonden vrij nu er niet meer gerepeteerd hoeft te worden. “Dat is voor mijn familie ook weleens fijn. Als er wat leuks werd georganiseerd op woensdagavond, kon ik nooit.” Op zondagochtend kijkt hij nu vaak met zijn vrouw naar de mis op televisie. “Het is niet dat ik in een gat ben gevallen, maar ik mis het koor wel. Ik kon zo genieten van de samenzang. Dat je van de repetitie naar huis liep en het stuk dat je net had ingestudeerd nog zachtjes neuriede. Vaak kreeg ik zelfs dan nog kippenvel.”

Onderzoek naar koren

Hanna Rijken is musicus en theoloog. Ze geeft les aan het Rotterdams Conservatorium en aan de Protestantse Theologische Universiteit te Amsterdam doet ze onderzoek hoe het met katholieke en protestantse kerkkoren gaat in coronatijd. “Half november vorig jaar heb ik een vragenlijst online gezet. Dat was vlak voor de huidige lockdown. Er stonden vragen in als: Wat is de impact van de crisis op de koren? Wat doet het met de koorzangers? Hoe gaat het met repeteren? Binnen een week kreeg ik duizend reacties, uiteindelijk meer dan elfhonderd.

“Toen ik de eerste analyse deed, schrok ik echt enorm. Ik kwam woorden tegen als ‘eenzaamheid’, ‘depressiviteit’, ’somberheid, uitzichtloosheid’. Ik vond het heftig. Door mijn onderzoek heb ik nog eens goed gemerkt hoe belangrijk zo’n koor is als bindmiddel voor de geloofsgemeenschap. Het is belangrijk voor kerken om zich hiervan bewust te zijn. Mensen lieten weten te zoeken naar mogelijkheden om te repeteren, maar twee derde van de koren is daarmee opgehouden.

“Ik kreeg ook veel tips binnen van zangers voor zangers. Zoals: blijf contributie betalen. Sommige koorleden houden daarmee op omdat er niet meer gerepeteerd kan worden. Dan krijg je de situatie dat de dirigent niet meer betaald kan worden en het helemaal ophoudt. Ik maak me zorgen dat deze coronacrisis het einde gaat betekenen van veel bloeiende kerkkoren. Geloofsgemeenschappen lopen inkomsten mis. Dan is het verleidelijk om op de dirigent en de koorscholing te gaan bezuinigen.

“Ik zou op basis van de uitkomsten van het onderzoek tegen de kerken, maar ook tegen de overheid willen zeggen: doe iets. Geef financiële steun. Inmiddels zijn veel dirigenten zich aan het omscholen. Voor je het weet raken de kerken ze op deze manier kwijt. Ik denk dat de kerkkoren uiterst belangrijk zullen blijven voor de toekomst van kerk. Omdat juist in muziek er verbinding is. En die verbinding maakt dat mensen zich weer aan een kerk willen binden. Dat blijkt ook uit mijn onderzoek.”

Lees ook:

Die ene Passion die wel doorging, met rampzalige gevolgen

Het Amsterdams Gemengd Koor zong op 8 maart Bachs Johannes-Passion in het Concertgebouw. Vijf dagen later moesten alle concertzalen sluiten. Voor het koor kwam die beslissing te laat.

De PKN adviseert helemaal niet meer te zingen in de kerk

Protestantse kerken kunnen het beste helemaal stoppen met zingen. Dit advies gaf het landelijk kerkbestuur van de Protestantse Kerk in Nederland donderdag aan de kerken. De katholieke kerk blijft het houden op maximaal vier koorzangers tijdens de mis.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden