Erfgoed

Kerken worden verkocht, verbouwd of gesloopt, maar is het kerkgebouw niet van ons allemaal?

null Beeld Nanne meulendijks
Beeld Nanne meulendijks

Steeds meer kerken worden verkocht en krijgen een nieuwe functie. Dat leidt niet zelden tot protest van de geloofsgemeenschap, of van omwonenden. Van wie zijn de kerken eigenlijk?

Het rommelt in het Overijsselse dorpje Langeveen. De rooms-katholieke Pancratiuskerk wordt binnen een paar jaar aan de eredienst onttrokken, zo maakte het bisdom Utrecht vorig jaar bekend. De kerk wordt gesloten, en de bezittingen van de kerk vervallen aan de overkoepelende parochie Tubbergen. Tot onvrede van veel gelovigen en dorpelingen, want decennialang heeft de dorpsgemeenschap geld en energie in het gebouw gestoken. ‘Wat van Langeveen is, moet van Langeveen blijven’, zo luidt de leus van de verontruste bewoners.

Langeveen is niet uniek. Sluiting van kerkgebouwen leidt vaker tot onvrede, recentelijk met name in de katholieke wereld, waar door snelle ontkerkelijking steeds meer gebouwen worden afgestoten. En niet alleen geloofsgemeenschappen hebben moeite met kerken die gesloopt worden of een nieuwe functie krijgen. Zo kwam een groep omwonenden in het geweer tegen de geplande sloop van de katholieke Theresiakerk in Den Haag, omdat ze het gebouw voor de buurt wilden behouden. Zo zijn er nog talloze voorbeelden.

Een vraag die vaak terugkeert is: van wie is de kerk eigenlijk? Wie heeft het recht om te bepalen wat er met een kerkgebouw gebeurt? Is dat voorbehouden aan de eigenaar, of ook aan de geloofsgemeenschap en de dorp- of stadsbewoners die zich met het gebouw verbonden voelen?

Kerken waren gemeengoed

Volgens cultuurhistoricus Gerard Rooijakkers zou het goed zijn als eigenaarschap van kerken breder wordt opgevat. “In Nederland is de ‘systeemwereld’ dominant, de wereld van wetten en regels, waarin privébezit heilig en onaantastbaar is. Die wereld kun je niet één op één op de kerken plakken. Daarmee doe je onrecht aan het wezen van die kerkgebouwen, en de betekenis die ze hebben voor mensen.”

Volgens Rooijakkers behoren kerken tot de wereld van de commons, een Engelse term die wel vertaald wordt als ‘gemeengoed’. Commons zijn – kort gezegd – goederen, gronden of gebouwen die gemeenschappelijk worden beheerd en gedeeld. De kerken waren eeuwenlang onderdeel van dit gemeengoed, en dat besef dreigen we volgens Rooijakkers te verliezen. Kerken zijn volgens hem onderdeel van de systeemwereld geworden, ze zijn privébezit, ze worden verkocht, verbouwd of gesloopt.

Daar wringt de schoen. Rooijakkers: “In de katholieke kerk worden gebouwen verkocht alsof het bisdom een vastgoedmanager is. Dan denk ik: is het recht van de bezitter nu het dominante recht voor iedereen geworden?”

Het is niet zo dat er helemaal geen oog is voor de publieke functie die een kerk van oudsher vervult. Veel herbestemde kerken krijgen een nieuw leven als zorginstelling, buurthuis, concertlocatie of horecagelegenheid, waarbij het gebouw wel degelijk voor de gemeenschap behouden blijft. Ook gebeurt het regelmatig dat een kerk in religieus gebruik blijft naast de nieuwe, niet-religieuze bestemming.

Verkocht aan een projectontwikkelaar

Een pleitbezorger van de kerk als gemeenschappelijk bezit is Angela Roothaan, in het dagelijks leven filosoof. Een aantal jaar geleden kwam Roothaan in de Haagse wijk Rustenburg en Oostbroek wonen. Ze hoorde dat de Theresiakerk aldaar zo goed als verkocht was aan een projectontwikkelaar, die het gebouw wilde slopen om er een woontoren neer te zetten. Vanwege teruglopend kerkbezoek en onvoldoende geld had de parochie tot die stap besloten. “Ik voelde een innerlijke noodzaak om iets te doen”, zegt Roothaan. Ze werd uiteindelijk voorzitter van de Stichting Theresia, opgericht om de Theresiakerk te behouden.

null Beeld Nanne meulendijks
Beeld Nanne meulendijks

Roothaan en haar medestanders wilden de parochie en de gemeente duidelijk maken dat er meer is dan alleen de juridische werkelijkheid. “De katholieke kerkgangers kunnen de kerk niet meer dragen, maar het is nog steeds een gemeenschapsgebouw, niet een willekeurig goed dat een verkoper aan een koper kan overdoen, alsof het alleen een zaak tussen hen is”, aldus Roothaan begin 2019 in de Haagse gemeenteraad. De stichting had succes: begin dit jaar werd bekend dat er waarschijnlijk een supermarkt in de kerk komt. Een gedeelte van de kerk krijgt een sociale functie met horeca.

Het parochiebestuur vraagt zich ondertussen af waar de omwonenden waren toen de parochie al die jaren in financiële nood zat. Maar volgens Roothaan kun je dat probleem niet bij de mensen neerleggen. “Het is aan een kerkorganisatie om dingen te doen om levendig te blijven. Dat heeft de katholieke kerk de afgelopen dertig jaar nauwelijks gedaan. Ze waren naar binnen gericht.”

Volgens Elza Kuyk, die onderzoek doet naar meervoudig gebruik van kerkgebouwen, moeten we ook weer niet vergeten dat het de geloofsgemeenschappen zijn die de kerken in stand hebben gehouden. “Je hoort vaak dat de kerken ‘van ons allemaal’ zijn. Zo’n uitspraak vind ik een beetje gratuit. Als je mensen vraagt wie ervoor zorgt dat de kerk wordt onderhouden, dan denken ze vaak dat de overheid dat doet. De overheid biedt zeker steun voor restauratie en onderhoud – in elk geval bij monumentale kerkgebouwen – maar in de eerste plaats is het de kerkgemeenschap die zorg draagt voor hun gebedshuis.”

Herbestemming in een stroomversnelling

Van de ongeveer 7000 kerken in Nederland hebben inmiddels 1500 een nieuwe bestemming gekregen. De herbestemming lijkt in een stroomversnelling terecht te zijn gekomen. Volgens vastgoedadviseur Colliers International zullen tussen nu en 2030 nog eens 1700 kerken hun functie verliezen. De meeste kerken krijgen een culturele of maatschappelijke bestemming, maar ook wonen in de kerk is populair: een kleine 30 procent van de herbestemde kerken is omgebouwd tot woonhuis of appartementencomplex.

Zie trouw.nl/kerkenonderzoek.

Wanneer de kerkgemeenschap het hoofd niet meer boven water houdt en afstand doet van een kerkgebouw, is soms onduidelijk wat ermee gaat gebeuren. “In zo’n geval claimen omwonenden of belanghebbenden weleens dat het kerkgebouw toekomst verdient en open moet zijn, maar ze hebben dan geen idee van wat daarvoor nodig is”, zegt Kuyk.

Ron van den Hout, bisschop van Groningen-Leeuwarden, vindt ook dat je het eigenaarschap van de kerk niet zomaar kunt verbreden. “Neem een dorpskerk die vlak na de oorlog is gebouwd, daar hebben mensen met privédonaties aan bijgedragen. Dat geld is gegeven voor de bouw van een kerk met sacrale functie, niet voor iets anders.” Daarom is het – bij katholieken – aan de parochie en het bisdom om te bepalen wat ermee gebeurt. “Stel dat de dorpsgemeenschap nu zegt: in de jaren vijftig hebben we daaraan bijgedragen, dus mogen we het nu ook claimen, terwijl de meeste bewoners nog maar weinig met het geloof hebben, dan heb ik daar moeite mee.”

Volgens Van den Hout hoeft er overigens geen tegenstelling te zijn tussen religieus gebruik en een niet-religieuze gemeenschapsfunctie. Dat gaat ook samen, hoewel hij wel pleit voor een ruimtelijk gescheiden gebruik. In het Friese Witmarsum werd de rooms-katholieke kerk verkocht aan een zorginstelling, voor dagbestedingsactiviteiten. De katholieke geloofsgemeenschap huurt het priesterkoor voor wekelijkse vieringen.

null Beeld

Wat is hierbij de rol van de burgerlijke gemeente, vertegenwoordiger van het publieke belang? Gemeentes zijn in elk geval druk met het thema bezig. In het hele land worden met subsidie van het Rijk zogeheten kerkenvisies gemaakt, een toekomstplan voor de kerkgebouwen in een gemeente. Daarvoor spreken gemeenten met betrokkenen, zoals eigenaren, kerkgenootschappen en omwonenden. Zo moet meer zicht komen op het religieus erfgoed, en het moet de herbestemming makkelijker maken.

Vlammetje

Een goed plan, vindt cultuurhistoricus Rooijakkers, maar hij plaatst ook kanttekeningen. “De partijen mogen hun zegje doen, het wordt genoteerd. Maar het uitgangspunt blijft het bezit: de eigenaar bepaalt. Ik vind dat een achterhaalde vorm.”

Bij de kerkenvisies ontbreekt het bovendien vaak aan wat Rooijakkers een ‘dragende gemeenschap’ noemt. “Wil je een monument generaties lang in stand houden, dan moet er een groep mensen zijn die betekenis geeft aan dat gebouw en niet bang is om daarvoor verantwoordelijkheid te nemen.”

Het verhaal van de Theresiakerk laat zien dat zo’n dragende gemeenschap er vaak wel degelijk is, zegt Roothaan. “Toen ik net in de buurt kwam was er nog wel betrokkenheid bij de kerk, maar men dacht dat het een verloren zaak was. Die betrokkenheid is een vlammetje dat kan uitdoven, maar je kunt het ook weer aanblazen. Dat is wat wij hebben gedaan.”

Eeuwenlang waren de kerken een vanzelfsprekend gemeengoed, en dat moet tegenwoordig bevochten worden, vindt Rooijakkers. “Men denkt nu: we verkopen de kerk en daarmee is het klaar. Daarom trek ik aan de bel. Wanneer je die kerken nu zonder waarborgen naar particulier bezit vervreemdt, knip je de draad met dat communale verleden definitief door. Dat zou een onherstelbare fout zijn.”

Lees ook:

Kunnen de gemeenten het religieus erfgoed redden?

In de komende jaren zullen honderden kerken de deuren moeten sluiten. Wat gaat er met al dat religieus erfgoed gebeuren? Het kabinet wil dat Nederlandse gemeenten er plannen voor gaan maken. Daar staan de gemeenten voor in de rij. Maar is daarmee de toekomst van al die kerkgebouwen gewaarborgd?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden