Direct naar artikelinhoud
Een ‘townhall-sessie’ en iftar waar Rabin Baldewsingh (NCDR) in gesprek gaat met jonge moslims.

Jonge moslims zijn discriminatie beu en laten van zich horen

Een ‘townhall-sessie’ en iftar waar Rabin Baldewsingh (NCDR) in gesprek gaat met jonge moslims.Bron Bram Petraeus

Gediscrimineerd worden vanwege je geloof is voor veel jonge moslims een bekende ervaring. De Nationaal Coördinator Discriminatie en Racisme gaat met hen in gesprek. ‘De kracht van verandering ligt bij jullie.’

Dit artikel is geschreven doorLeestijd 4 min

De gezichten in de volle, historische vergaderruimte van het Spoorwegmuseum in Utrecht staan ernstig. Een paar uur voordat het vasten wordt verbroken met een iftarmaaltijd, luisteren tientallen islamitische studenten, jonge onderzoekers, ondernemers en beleidsmedewerkers naar Rabin Baldewsingh.

De Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme (NCDR) zet zijn stem kracht bij als hem wordt gevraagd wat de overheid kan doen tegen discriminatie van moslims.

“Niets!”, zegt hij prikkelend. De zaal zwijgt in spanning. Hij vervolgt: “De politiek is losgeraakt van de samenleving. Het Nederland van morgen is voor mij het Nederland waarin het gesprek niet bepaald wordt door witte mannen in pak die vanuit hun bubbel denken. De oplossingen moeten vanuit de samenleving komen. Vanuit de kracht en energie van jonge mensen zoals jullie.”

Het is niet de eerste keer dat de NCDR, zelf regeringsfunctionaris, in een ‘townhall-sessie’ zijn oor te luisteren legt bij Nederlandse moslims. Hij is op tournee en spreekt met islamitische organisaties en moslims.

Bij zijn bureau komen zorgelijke signalen binnen van moslims die structureel worden benadeeld. Dat meer dan de helft van hen regelmatig discriminatie ervaart, zoals onder meer blijkt uit onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau, is voor hem reden genoeg om actief moslims te benaderen en te zoeken naar oplossingen. Die zal hij voorstellen in zijn tweede ‘nationaal programma’ dat hij in het najaar presenteert.

De lijst met voorbeelden van ervaren discriminatie onder moslims is lang. Vaak is er sprake van ‘intersectionaliteit’ en worden moslims om verschillende redenen benadeeld, vanwege hun achternaam bijvoorbeeld, of huidskleur.

Van de straat tot AI

Onderzoekers Roemer van Oordt en Ineke van der Valk, oprichter van de monitor moslimdiscriminatie, zien het overal gebeuren, zeggen ze tijdens het panelgesprek. “Op het internet, in het onderwijs, bij financiële instellingen, de overheid, de politie. Maar vooral gewoon op straat, waar moslims negatief worden bejegend.”

In de zaal wordt geknikt. Met name vrouwen hebben het weleens ervaren. “Dat je ineens iemand achter je hoort zeggen: ‘Hey, hoofddoek, de politie staat daar en zal blij zijn om je te zien’”, vertelt studente Suha Baba tijdens een van de rondetafelgesprekken. “Als je dan met ze in gesprek wil, geven ze niet thuis.”

Ook in de wereld van kunstmatige intelligentie, die het menselijk brein nabootst, dringt discriminatie van moslims door, zegt AI-deskundige Oumaima Hajri. “We zijn allemaal dol op ChatGPT. Maar dat is gebaseerd op een taalmodel dat het woord ‘moslim’ in 66 procent van de gevallen associeert met geweld, weten we uit wetenschappelijk onderzoek. Nieuwe technologieën worden ontwikkeld in een samenleving die te maken heeft met discriminatie en uitsluiting van minderheden. Die uitsluitingsmechanismen worden versterkt in de technologie.”

De lijst van de Belastingdienst

Sümeyye Yaşar (30), juridisch adviseur bij Rijkswaterstaat, kreeg een negatief assessmentrapport toen ze solliciteerde voor een traineeship bij de overheid, vertelt ze in de pauze. “Ik had moeite met sommige spreekwoorden en gezegden, omdat ik dat vanuit huis niet heb meegekregen. Maar dat zegt niets over mijn talent. Zelfs in die assessments zitten vooroordelen die mensen uitsluiten. Gelukkig gaf het sollicitatiegesprek de doorslag, daar kregen ze een ander beeld van mij. Later heb ik als trainee bij de inkoopafdeling die assessments onder de loep genomen en er feedback op gegeven. Dat was een eyeopener voor mijn collega’s.”

Dat haar islamitische kleding en hoofddoek de aandacht trekken in haar weinig diverse werkomgeving, daar is ze aan gewend. Maar dat zelfs de overheid haar als moslim lijkt te categoriseren, realiseerde Yaşar zich toen haar vader een excuusbrief van de Belastingdienst ontving. Ze vertelt het lachend, met grote ogen vol verbazing omdat ze nog steeds niet weet wat de reden daarvan is.

“In die brief stond dat hij ten onrechte op een fraudelijst had gestaan. Zonder dat hij er maar enigszins weet van had. Er werd niet uitgelegd waarom.” Ze verwijst naar het nieuws van vorig jaar, waaruit bleek dat de Belastingdienst moslims die doneerden aan de moskee op de zwarte lijst van mogelijke fraudeurs zette. “Ik denk dat we allemaal op die lijsten staan omdat we doneren aan de moskee.”

Institutioneel racisme

Moslims hebben te maken met institutioneel racisme, ziet Baldewsingh. Als gevolg van allerlei wetten die terrorisme, criminaliteit en witwaspraktijken moeten aanpakken, en die daarmee moslims als verdachten aanmerken. Als ze een donatie willen doen aan een moskee bijvoorbeeld, of bij de oprichting van een islamitische school. “Dan worden ze eerst helemaal doorgelicht, enkel op basis van hun religie. Dat is toch triest!”

Over de jonge generatie, de twintigers en dertigers waar de sessie van vandaag zich op richt, maakt Baldewsingh zich extra zorgen. Een deel van deze jongeren haakt af door het continue wantrouwen en institutioneel racisme vanuit de overheid, op de woningmarkt en de arbeidsmarkt, ziet hij. “Een ander deel staat juist op en probeert het tij te keren.”

Assamaual Saidi (22), de voorzitter van de koepel van islamitische studentenverenigingen MSA, behoort bij de tweede groep. Hij zegt: “Als jonge moslims voelen we de urgentie om moslimdiscriminatie op de agenda te krijgen. Daar staat het nu niet. Behalve bij politieke partijen die racisme graag aanwakkeren. Er moet echt een stevige aanpak komen tegen uitsluiting van moslims.”

Onder zijn leiding doet MSA nu onderzoek naar hoe islamitische studenten inclusie en uitsluiting ervaren op hun onderwijsinstelling. En wat voor effect de pas ingevoerde rente op de studiefinanciering heeft op hun studieloopbaan. Sommige moslimstudenten willen vanwege hun geloofsovertuiging geen rente betalen, waardoor ze in de problemen dreigen te raken. Met de resultaten willen de jongeren een stevige lobby voeren.

Keerpunt

Tijd voor een actieplan, is de conclusie van Rabin Baldewsingh. “We moeten verder gaan dan alleen constateren”, zegt hij voordat het gezelschap richting het avondgebed en de eetzaal gaat. De jongeren beloven hem een lijst met actiepunten te sturen.

Sümeyye Yaşar onderschrijft de oproep van de NCDR om de oplossing niet alleen bij de overheid te zoeken. “Verandering begint bij jezelf. Wij moeten als community door de zure appel heen bijten en van ons laten horen. Net zoals dat met ‘black lives matter’ en de zwartepietendiscussie is gebeurd. Zo moeten ook wij volhouden. Als de samenleving ziet hoe serieus we zijn, dan zal er een keerpunt komen.”

Lees ook:

Verwijs naar nieuwsbericht

Nederlandse wet- en regelgeving is ‘gebaseerd op wantrouwen vanuit de politiek en overheid jegens de burgers’

Dat schrijft de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme Rabin Baldewsingh in het eerste Nationaal Programma tegen Discriminatie en Racisme.

Help ons door uw ervaring te delen: