'Het is geen kwestie van: Ja Kant, Nee Kant'

Immanuel Kant

Ja, Immanuel Kant was een seksist en een racist

'Het is geen kwestie van: Ja Kant, Nee Kant'

Een groot deel van zijn leven vond Immanuel Kant ‘witte mensen’ van nature superieur, en de vrouw ondergeschikt aan de man. Wat betekent dat voor zijn ethiek, is die nu nog wel toepasbaar? Twee Kantkenners geven antwoord.

Janneke de Bekker

De Groningse hoogleraar Pauline Kleingeld (59) bestudeert Kant (1724-1804) al decennia. Ze is internationaal deskundige op het gebied van de Kantiaanse ethiek en ontving in 2020 de NWO-Spinozapremie, de hoogste Nederlandse onderscheiding in de wetenschap.

De Nijmeegse hoogleraar Thomas Mertens (65) publiceerde over een diversiteit van onderwerpen, waaronder Kants rechtsfilosofie. In september verschijnt Mertens’ becommentarieerde vertaling van Kants belangrijkste, kleine geschriften: Wat is verlichting?, uitgegeven door Boom.

Was Kant een seksist en racist?

Kleingeld, volmondig: “Ja. Ik ben niet bang om die termen te gebruiken. Tussen 1780 en 1790 verdedigde hij een rassenhiërarchie. Rond zijn zeventigste veranderde hij radicaal van gedachten. Hij komt dan op voor de gelijkwaardigheid van alle ‘rassen’. Zo is hij ook, terecht, de geschiedenis ingegaan: als de man die zich uitspreekt tegen kolonialisme.”

“Zijn seksistische opvattingen hield hij wel zijn hele leven aan. Anders dan bij rassen vond hij vrouwen niet per se minderwaardig. Maar de vrouw wordt wel overheerst door de man en staat onder diens voogdij. Het is de vraag of Kant vrouwen waarlijk in staat achtte om moreel goed te handelen. Nergens bekritiseerde hij hun ondergeschikte positie, nooit moedigde hij hun emancipatie aan.”

Mertens aarzelt. “Gelooft Kant dat man en vrouw ongelijk zijn? Ja. Bestaan er volgens Kant verschillende rassen? Ja. Let wel: de begrippen ‘seksist’ en ‘racist’ bestonden nog niet in zijn tijd. Wat ik bezwaarlijk vind, is om allerlei morele waardeoordelen met terugwerkende kracht toe te passen. Kant leefde in zijn tijd: in de achttiende eeuw, toen slavernij nog gebruikelijk was. Je moet een auteur zien in de historische context.”

Kant is één van de grootste filosofen aller tijden. Ondanks dat hij nauwelijks Königsberg uitkwam, was hij niet wereldvreemd. Hij kon breken met heersende opvattingen. Is het niet te makkelijk om zijn opvattingen af te doen als iets van zijn tijd?

Mertens: “Kant was zeker geen heilige. Hij was op de hoogte van andere ideeën, maar hield vast aan opvattingen die we nu volstrekt achterhaald vinden. Neem zijn opsomming over seksuele misdragingen. Masturbatie is daarbij ongeveer het ergste: je verlaagt jezelf tot een beest. Nu neemt niemand zo’n gedachte nog serieus. Ik schaar me achter Hegel: filosofie is haar tijd in gedachten vervat.”

Kleingeld: “Vergeet niet, ook in de achttiende eeuw was al veel discussie over de positie van de vrouw en Kants hiërarchie van rassen. Kant lunchte iedere week met de burgemeester van Königsberg die een feministisch traktaat schreef over de rol van de vrouw. Als een vriend van Kant in staat was om zo’n boek te schrijven, dan vind ik het te makkelijk om zijn seksisme af te doen als iets van de tijd.

“Kant schrijft zelf dat alle mensen recht hebben op vrijheid. De mens is aan niemand ondergeschikt. Je mag een ander nooit enkel als middel gebruiken. Nota bene in datzelfde boek zegt hij dat de vrouw is ondergeschikt aan de man. Met zijn eigen principes in de hand had hij deze inconsistentie kunnen zien. Dat deed hij niet. Tegenstanders spraken hem daar toen ook al op aan.”

De discussie moet niet draaien om het veroordelen van de filosoof, vinden Kleingeld en Mertens. “Ik geloof niet dat onze tijd moreel gezien beter is dan die van Kant”, zegt Mertens. “Dat wil niet zeggen dat we racisme of seksisme moeten goedkeuren, integendeel. Maar achter dat aanklagen van Kant gaat soms het idee schuil dat onze maatschappij superieur is aan die van toen. Denk vooral niet dat onze samenleving aan die kwalijke zaken is ontsnapt. Neem het geweld tegen vrouwen of racisme op het internet.” Kleingeld: “Mijn primaire belangstelling ligt ook niet bij het veroordelen van Kant, maar bij de vraag wat we met zijn seksisme en racisme moeten.”

Kunnen we de problematische passages uit Kants werk snijden en verder gaan met wat wij wel moreel juist achten?

Kleingeld: “Nee, ik verzet me tegen de algemene neiging om die passages in een voetnoot af te doen, zo van: ‘Kant zei de vreselijkste dingen over ‘rassen’, maar dat is niet relevant voor deze filosofische discussie.’ De spanning zit hem juist in de tegenstrijdigheden. Door die te negeren, loop je het risico dat je problematische sub-elementen alsnog meeneemt. Daarmee verdwijnt ook iedere aanmoediging om te onderzoeken hoe zijn seksisme en racisme in elkaar staken. Vaktijdschriften gebruiken als oplossing vaak inclusieve taal. Goedbedoeld, maar gevaarlijk. Als Kant schrijft: “Elk mens heeft het recht om zijn stem uit te brengen”, verandert een redacteur dat soms in: “zijn of haar stem”. Dat is historisch gezien fout. Kant bedoelde niet ieder mens, hij bedoelde economisch onafhankelijke mannen. Bovendien maak je van Kant zo een fatsoenlijke, inclusieve denker. Ook dat klopt niet.”

Is zijn hele theorie dan besmet?

Mertens: “Het is geen kwestie van: Ja Kant, Nee Kant. Hij had verwerpelijke ideeën, maar is ook een heel vruchtbaar schrijver. Dat verdwijnt in dit soort geweld. We mogen best onderscheid maken tussen zijn hoofdwerken en perifere werken. Een eenvoudig gelegenheidsgeschrift over rassen staat echt op een ander niveau dan Kritik der praktischen Vernunft. Hoe we die tekst lezen, blijft een filosofische uitdaging. Ik ben van de historische school: verplaats jezelf in zijn tijd.”

Kleingeld: “Als je alles wat riekt naar seksisme, racisme of homofobie in de ban doet, dan komen er maar weinig filosofen uit de geschiedenis door de ballotage. Je kunt beter Kants motto serieus nemen: sapere aude. (Durf te weten, red.) Hij leverde zelf het model ervoor. Zodra hij zijn eigen rassenhiërarchie opgaf, schrapte hij niet enkel iets uit zijn politieke theorie, hij voegde ook iets toe: het wereldburgerrecht. Dat moeten wij ook doen: niet enkel schrappen, maar onderzoeken welke rol racisme en seksisme in zijn werk spelen. Voor zover we zelf in Kantiaanse traditie werken, kunnen we dan kwalijke zaken aanpassen waar nodig.”

“Kants werk bevat nog steeds veel waardevols. Onze idealen zijn schatplichtig aan de hele geschiedenis van de filosofie. Dus nee, ik zou er niet voor pleiten om Kant terzijde te schuiven. De man had ook veel goede ideeën.”

Lees ook:

Filosoof Foucault zou zich aan minderjarige jongens hebben vergrepen.

Heeft dat gevolgen voor hoe we naar zijn denken kijken?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden