Theologisch Elftal

In stilte op weg naar Pasen

Voor christenen is het volgende week de stille week. Dat verlangen naar stilte is er ook buiten de kerk, en van die week zou best een algemene zingevingsweek gemaakt kunnen worden.

 Vasten is populair, veel mensen hebben het van oorsprong katholieke gebruik overgenomen om de veertig dagen voor Pasen in soberheid door te brengen. Ze laten zoetigheid staan, eten geen vlees, drinken niet of doen hun mobieltje ’s avonds uit. 

Net zo goed ziet Bas van der Graaf, predikant en begeleider van pionierskerken in de Protestantse Kerk in Nederland, dat er veel behoefte is aan stilte: “Steeds meer mensen krijgen in de gaten dat we in een tijd leven waarin we ongelooflijk overprikkeld raken door een overvloed aan informatie. De snelheid waarin we leven wordt steeds hoger. Het leven verdicht, en ik proef zeker bij de jonge generatie, maar ook bij ouderen een diep verlangen naar rust. Dat er even stilte is en je uit die stroom, die tredmolen kunt stappen.”

In de christelijke kerken is het volgende week de stille week; via de kruisiging van Jezus op Goede Vrijdag en de stille zaterdag waarop Jezus in het graf lag, loopt die stille week naar de opstanding van Christus met Pasen.

Voor Manuela Kalsky, bijzonder hoogleraar op de Schillebeeckxleerstoel en directeur van het Dominicaans Studiecentrum voor Theologie en Samenleving, is die week dit jaar ‘heel actueel’. Zij was een van die mensen op wie Van der Graaf doelt: altijd actief, een druk leven. Maar in september viel ze van de trap, en daar heeft ze een ernstig pijnsyndroom aan overgehouden, dat haar lichaam en haar leven ontregelt.

Kalsky: “Ik ga nu anders die week in. Het is voor mij niet alleen een stille week, het waren voor mij stille maanden. In vorige jaren begon ik vanuit de drukte, nu ga ik vanuit de stilte de stilte in. Dat is een andere route ernaartoe. Het geeft ook het belang van veertig dagen aan, ik merk hoezeer een andere aanvliegroute een andere bezinning mogelijk maakt. Met dat ongeluk ben ik een lijdenstijd ingegaan, in de stilte geworpen, stilgezet. Wat doet dat met je? Daarover had ik vanuit mijn professie wel nagedacht, maar het is toch anders als je existentieel in een lijdensverhaal terechtkomt. Plotselinge stilte terwijl de wereld naast je doorraast. Ik sta nu meer stil bij wat pijn en lijden met je doen en hoe je daarmee om moet gaan.”

Op het lijden lag in de protestantse wereld waarin Van der Graaf opgroeide in de tijd voor Pasen het accent: protestanten spreken meer over de lijdenstijd dan over de veertigdagentijd. In de Amsterdamse Jeruzalemkerk waar hij predikant was, is Van de Graaf meer vertrouwd geraakt met die veertigdagentijd, hij mediteert ook.

Van der Graaf: “De veertig dagen zijn gevuld met andere dingen dan de lijdenstijd, het gaat meer over versoberen, vasten, ruimte maken. We hielden vesperachtige bijeenkomsten, waarin je een bijbeltekst leest, daarna drie, vier minuten stil bent, nog weer een tekst leest, en weer stilte. In die woordloosheid geef je bewust de stilte de ruimte om haar werk te doen. Er is ruimte om naar je eigen hart te luisteren en om het evangelie op een diepe laag van je bestaan binnen te laten komen.

“Ikzelf ben in die stilte erg op zoek naar: wat gebeurt er als Christus in het midden staat? De stille week is de spiritualiteit van sterven, begraven worden en opstaan. Het gaat om loslaten van je oude bestaan, wat niet vruchtbaar is, niet levensvatbaar, zondig is. Je staat met Christus op in een nieuw leven. Je diepste identiteit vind je door met Christus verbonden te raken. Daar zit voor mij veel kracht in. Je wordt niet op jezelf teruggeworpen, maar op de levende Heer. We laten ons levensverhaal inweven in het leven van Christus.”

Kalsky: “Maar het is belangrijk niet te snel over te gaan naar Pasen, naar de opstanding. We moeten stilstaan bij de vrijdag, bij de kruisiging, bij het lijden. Goede Vrijdag heet in Duitsland Karfreitag, kara is oud-Duits voor zorgen, treurnis, lijden. Op stille zaterdag treuren de vrouwen bij het graf, er is echte pijn. Pas daarna komt de opstanding. Anders is het gevaar groot dat je over al die mensen heenkijkt die nog in de pijn zitten. Door mijn eigen pijn kan ik me beter inleven in mensen met pijn die niet erkend wordt, waar artsen geen oplossing voor weten. Misschien is er ver weg aan de horizon een lichtpuntje, maar je staat wel in een lange, donkere tunnel. Die kruisiging valt niet meteen te verzachten door de opstanding.

“Theologisch wist ik dat wel, maar het is een andere gewaarwording als je dat aan je eigen leven ervaart. Mijn God, waarom heb je me verlaten? Waar gaat het naartoe? Wat gebeurt er met mijn leven, ik had het toch heel anders bedacht? Wat doe je met de angst als mensen te horen krijgen dat ze ongeneeslijk ziek zijn? Bij mij was het niet levensbedreigend maar wel toekomstbedreigend. Hoeveel oog hebben we in de samenleving voor mensen die buiten de ratrace en buiten de neoliberale boot vallen, die zich niet meer zelf kunnen handhaven of niet meer rendabel zijn? Ik denk ook aan mensen die onverzekerd zijn, aan mensen zonder papieren, die niks hebben. Mijn God, hoe red je je dan? Die diepte in, de trage vragen stellen, dat is in de stille week echt iets om bij stil te staan.”

Van der Graaf: “In de veertigdagentijd is dat verweven: in het vasten en in de stilte wordt ruimte gemaakt om de ander te zien, de zwakken, de armen, de eenzamen. Op de christelijke weg speelt de gemeenschap altijd een grote rol. Het feit dat je bij elkaar komt in de stille week, dat je samen de stilte zoekt, dat je samen zingt en dat er gesprek is, daar zit een extra aan vast. Ik blijf geloven dat er iets heilzaams zit om dat zoeken van stilte ook altijd in verbondenheid met anderen te doen.”

Kalsky: “Het lijkt me goed om zo’n week te gebruiken om naar de zin van ons leven te vragen, om er een bezinningsweek van te maken. Waaraan lijden we en welke rol speelt stilte in ons leven? Dat zijn dingen die we nu buiten onze samenleving proberen te houden. Er is een soort richtingloze vrijheid ontstaan. Maar waar willen we naartoe en wat kan ons dragen? Simone Weil zei: ‘Het belangrijkste kan niet gezocht worden, het moet worden afgewacht’. Dat afwachten, die stilte volhouden en het lijden willen zien, dat zou ons kunnen helpen om weer diep adem te halen, een pas op de plaats te maken en opnieuw onze richting te bepalen.”

Lees ook:

Door innerlijke stilte dichter bij God

Als 12-jarige kreeg Laurence Freeman John Main als godsdienstleraar. Het bracht mediteren in zijn leven, christelijk mediteren. ‘Ik was totaal verward.’

Theologisch elftal

In het Theologisch Elftal reflecteren twee godgeleerden op de actualiteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden