Debat

‘Homotolerantie is de lakmoesproef of je wel een echte Nederlander bent’

Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Het bericht dat reformatorische scholen aan ouders vragen om een verklaring te ondertekenen waarin een homoseksuele leefwijze wordt afgewezen, leidde tot veel onrust. Hoe komt dat? ‘In ons land is homotolerantie de lakmoesproef of je wel een echte Nederlander bent.’

Refo’s en evangelicalen zijn het op één punt roerend eens met seculieren, zegt godsdiensthistoricus en socioloog David Bos: homoseksualiteit is heel belangrijk. De cultuurstrijd die deze twee kampen met elkaar voeren komt telkens weer uit op dit front. “Acceptatie van homoseksualiteit geldt als lakmoesproef: als je er te ver in gaat, heet je geen bijbelgetrouw christen. Ga je niet ver genoeg, dan ben je geen verlichte, tolerante burger.”

Bos, die aan de Universiteit van Amsterdam doceert, memoreert een inburgeringsfilmpje dat de toenmalige minister van integratie Rita Verdonk in 2006 liet maken. Het toont ‘echt Nederlandse’ beelden van het homohuwelijk en vrouwen zonder bovenstukje. “Je ziet daarin ook twee mannen die, bij de bosjes, elkaar kussen. Vraag tijdens het inburgeringsexamen: Ali ziet die mannen met elkaar zoenen, wat moet hij doen? Een Turkse vriend van me wilde invullen ‘gezellig meedoen’, maar dat antwoord stond er niet bij.”  Het overheidsfilmpje verscheen voor buitenlands gebruik in een gekuiste versie, zonder die borsten, zonder het homohuwelijk. Dat zou maar opschudding opleveren.

‘Een  parabel van het moderne individu’

Acceptatie van homoseksualiteit geldt tegenwoordig als iets waar een klein land groot in kan zijn. Ook in andere westerse landen gaat het tegenwoordig vaak over homoseksualiteit, als iets wat sommige mensen bij zichzelf ontdekken en waar ze vervolgens erkenning voor vragen – ook al kan dat leiden tot een breuk met de gemeenschap waarin ze zijn opgegroeid. Bos: “Het drama van de zich bewust wordende homo is een parabel van het moderne individu.”

Conservatieve gelovigen, zegt Bos, hebben vaak geen goed woord over voor ‘individualisme’ maar ook zij blijken ermee besmet. Zo benadrukken evangelicalen dat geloof niet iets is wat je van je ouders meekrijgt, maar iets waar je zelf een bewuste keuze voor moet maken. “Kiezen moet, ook volgens veel refo’s. En als er één onderwerp is dat daar om vraagt dan is het wel homoseksualiteit.” Uit een analyse van kranten die Bos maakt, blijkt volgens hem dat het Reformatorisch Dagblad vanaf de jaren tachtig bijzonder veel aandacht besteedde aan homoseksualiteit.

‘Jezus heeft zich er niet over uitgelaten’

Sommige refoscholen eisen van ouders zich uit te spreken tegen homoseksualiteit. Het leidde deze week tot veel discussie. Minister Slob vond aanvankelijk dat scholen de ruimte moeten hebben om ouders een verklaring te laten ondertekenen waarin een homoseksuele leefwijze wordt afgewezen. Een dag later kwam hij daarvan terug. Bos: “Waarom nu juist dit onderwerp? Jezus heeft er zich niet over uitgelaten; wel over echtscheiding. Scholen zouden ouders dus ook kunnen laten beloven: ‘Wij zullen nooit scheiden, en als een van ons overlijdt, zal de ander niet hertrouwen.’ Maar dat vindt men kennelijk wreed.

“De refo-gemeenschap staat sterk onder druk van buitenaf, maar ook van binnenuit. Ze leven heel anders dan een eeuw geleden, en daarmee veranderde ook hun geloof. De leer van de dubbele predestinatie (het leerstuk dat God van tevoren heeft bepaald welke mensen hij zal uitverkiezen en welke hij zal verwerpen, red.) gaat er niet meer in – als ze die al begrijpen. Ze snappen er tenminste zelf weinig meer van, merk ik tijdens colleges. Ondertussen voelen ze de aantrekkingskracht van evangelicale kerken. Die zijn qua dogmatiek ‘van de verkeerde kant’, maar samen met hen kunnen ze gestalte geven aan een strijdbare vorm van christendom. Dat is een strategisch voordeel.” 

‘Het homohuwelijk was bedoeld als het einde van het huwelijk’

Begin 2019 lanceerde een gezelschap van evangelicalen en refo’s een Nederlandse vertaling van de Amerikaanse Nashville-verklaring, die zich keert tegen lhbti’ers. Kort daarvoor hadden ze al een eigen lijstje over homoseksualiteit opgesteld, dat ze zelf aanduidden als een ‘hernieuwd belijden’. Dat die term ‘belijden’ werd gebruikt, betekent dat het een onderwerp is waar zwaar aan getild wordt. Een van hen, Bart-Jan Spruyt, had het streven naar het homohuwelijk in het Reformatorisch Dagblad eerder al beschreven als een waardenstrijd: ‘Het homo­huwelijk was bedoeld als het einde van het huwelijk. Zonder huwelijk immers geen overspel. De bevrijding was volkomen’.

Bos kon zijn ogen niet geloven toen hij dit las, vertelt hij. “Het suggereert dat homo’s en hun trawanten niet uit waren op gelijke rechten – allemaal een boterbriefje – maar op het ondermijnen van de samenleving die ze zo, door promiscuïteit, ten onder zouden laten gaan.”

‘Homohuwelijk geldt als de verdorvenheid van het Westen’

Onder Amerikaanse evangelicals is het niet ongebruikelijk om ‘de homolobby’ voor te stellen als een demonische kracht. Ook in andere werelddelen hebben conservatieven politici daar een handje van. “In Oost-Europa fulmineren politici en kerkleiders over de verdorvenheid van het Westen, met ‘het homohuwelijk’ als afschrikwekkend dieptepunt. Ook in sommige islamitische landen zie je de laatste tijd een toename van de homofobe retoriek. En dat terwijl seks tussen mannen of tussen vrouwen er eeuwenlang werd gedoogd – of zelfs openlijk geprezen.”

Bos bekritiseert niet alleen de homo-critici. Ook het ‘sexularisme’ neemt hij op de korrel, een door de Amerikaanse Joan Scott gemunte term die seks en secularisme verbindt. “In westerse landen zie je het tegenovergestelde gebeuren van wat zich in moslimlanden voltrekt. Rechts-nationalisten zeggen op te komen voor vrouwen en lhbti’ers en hen te beschermen tegen religieuze minderheden. “Ze gebruiken homoseksualiteit als stok om de moslimhond te slaan”, zegt Bos. Dat daarbij de refo’s en hun westerse geestverwanten een tik meekrijgen, is een onbedoeld neveneffect.

Een trap op de Grote Marktstraat in Den Haag, verlicht in de regenboogkleuren.Beeld ANP

Een typische Nederlands vingertje

“Stel je voor”, zegt Kamel Essabane, “dat er op een islamitische school een verklaring was opgedoken tegen homoseksualiteit. Dan had je de poppen aan het dansen. Ze zijn niet geïntegreerd! Wat achterlijk! Sluiten die school!” Nu blijft de reactie gedempt. “Slob is een christen, de scholen zijn christelijk, dus hij blijft rustig aan de praat en vraagt of die formuleringen in zo’n verklaring wat voorzichtiger kunnen.”

Volgens filosoof en religiewetenschapper Essabane, die in Nijmegen promotie-onderzoek doet naar burgerschapsvorming in het islamitisch onderwijs, is de kwestie begonnen met de burgerschapsopvattingen die in de eerste plaats voor moslimleerlingen bestemd waren. “Die slaan nu als een boemerang terug op streng gereformeerde scholen. Maar die krijgen, anders dan moslims, niet te horen dat ze er niet echt bijhoren.”

De goede burger, zegt Essabane, aanvaardt homoseksualiteit. “Dat is bij ons een van de hoogste waarden geworden. Terwijl je ook kunt denken aan etnische gelijkwaardigheid, of aan die van levensovertuigingen.”

Het is ‘typisch Nederlands’ om de homoacceptatie zo te accentueren, vindt Essabane, maar het getuigt van een ‘slecht geheugen’. “We kloppen ons op de borst dat we als eerste het homohuwelijk erkenden, maar zo lang is dat nog niet geleden. En toen was zeker niet iedereen ervoor. Zo stemde het CDA tegen.”

Ook Essabane ziet hoe de religieuze scherpslijpers en de seculiere overheid tegen elkaar optrekken om via homo’s hun normen veilig te stellen. “In ons land is homotolerantie de lakmoesproef of je wel een echte Nederlander bent.”

Pim Fortuyn noemde de islam een ‘achterlijke godsdienst’

Dat juist moslims de homotolerantie voorgeschoteld krijgen, verklaart Essabane uit de nog recentere geschiedenis. Een jaar nadat het parlement voor het homohuwelijk had gestemd, verklaarde de Rotterdams-Marokkaanse imam El Moumni dat ‘als de ziekte van de homoseksualiteit zich verspreidt, iedereen besmet kan raken’. De geestelijke situeerde de homoseksuele levensstijl ‘beneden die van de varkens’. Daarop bestempelde de homoseksuele Pim Fortuyn – ook Rotterdammer – de islam als een ‘achterlijke godsdienst’.

Essabane: “Dat beeld heeft zich toen vastgezet in Nederland: ze zijn achterlijk.” Met een pro-homo-offensief moest de islam de moderniteit ingetrokken worden. “Binnen de moslimgemeenschap zijn de ideeën over homo’s niet anders dan bij de orthodoxe christenen. Er rust wel meer een taboe op, wat de kans klein maakt dat zo’n expliciete afwijzing van homoseksualiteit op een islamitische school opduikt.

Je ziet nu veel christenhomo’s in de media verschijnen. Die laten daarmee zien dat ‘christen’ en ‘homo’ zijn elkaar niet uitsluiten, maar je ziet zelden moslimhomo’s in de krant of op tv wanneer moslims over hun homostandpunt bekritiseerd worden.”

Essabane wijst erop dat de moslimgemeenschap weliswaar conservatief, maar niet onveranderlijk is. “En vergeet niet: een eeuw geleden hadden het islamitische Midden-Oosten en Noord-Afrika een reputatie als regio waar je homo kon wezen. Nu is dat beeld omgeslagen, je kunt niet homo én moslim zijn.” Voor islamitische homo’s werkt het seculiere denken daarbij tegen. “Juist daar leeft het idee dat homoseksualiteit en islam onverenigbaar zijn. Waardoor je als homo denkt dat je je geloof af moet zweren. Dat helpt de homotolerantie niet.”

Lees ook:

ChristenUnie worstelt met homoseksualiteit, net als ‘haar’ kerken

De kwestie rond de verklaringen tegen homoseksualiteit op reformatorische scholen brengt ook aan het licht hoe gevoelig dit onderwerp ligt in kerken waar ChristenUnie-politici lid van zijn.

Mogen reformatorische scholen eisen dat ouders homoseksualiteit afwijzen?

De Tweede Kamer debatteerde maandag over de burgerschapsopdracht van scholen. Een debat over botsende grondrechten. Mogen reformatorische scholen bijvoorbeeld van ouders eisen dat ze een identiteitsverklaring tekenen waarin een homoseksuele levenswijze wordt afgewezen? 

Homoseksualiteit op een reformatorische school in Rotterdam: ‘Niemand gelooft meer dat het weggaat als je maar veel bidt’

Op de reformatorische school Het Revius in Rotterdam keuren ze homoseksuele relaties af, maar zeggen ze tegelijkertijd een veilig klimaat te bieden aan leerlingen. Dat is geen contradictio in terminis, zeggen docenten en leerlingen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden