Filosofisch elftal

Hoe sociaal is het leenstelsel? De theorie blijkt anders dan de praktijk

Een groep studenten heeft in Amsterdam het P.C. Hoofthuis, een gebouw van de Universiteit van Amsterdam (UvA), bezet Beeld ANP

Het leenstelsel voor studenten staat onder druk. Op papier is het eerlijker,  maar wat als het in de praktijk niet zo werkt? 

Het leenstelsel voor studenten is asociaal, stelde GroenLinks-Kamerlid Zihni Özdil afgelopen weekend in deze krant. GroenLinks maakte het in 2015 mogelijk dat de basisbeurs voor studenten werd afgeschaft en ingeruild voor het studievoorschot, zoals het huidige stelsel officieel heet. Studenten krijgen niet langer een maandelijkse bijdrage van de overheid, maar moeten geld lenen. Dit systeem is niet langer houdbaar, vindt Özdil. De beloofde investeringen in het onderwijs blijven uit, zegt hij. Bovendien wil het kabinet de rente op de leningen komend jaar weer verhogen. Het gevolg, aldus Özdil: minder mbo’ers stromen door naar het hbo, waardoor de tweedeling in de samenleving wordt aangewakkerd. Studenten protesteren komende dinsdag in Amsterdam tegen deze renteverhoging. Partijleider Jesse Klaver stuurde maandag een mail naar GroenLinks-leden om te zeggen dat zijn partij niet langer achter het leenstelsel staat. Is het leenstelsel inderdaad asociaal?

“In theorie is het leenstelsel niet asociaal, maar in de praktijk blijkt het dat wel te zijn”, zegt Paul Teule, filosoof en econoom, docent aan de Universiteit van Amsterdam. “Beleidsmakers wijzen erop dat het stelsel op papier klopt. Dat is ook zo, maar het gaat hier niet over papier. Het gaat over mensen. Preciezer gezegd: om studenten, die nu een ontzettend hoge psychologische druk ervaren om te presteren, terwijl de rekenmachine in hun achterhoofd maar doorratelt. Als je er theoretisch naar kijkt, is het inderdaad socialer als rijkeluiskinderen geen beurs krijgen. En voor minder rijke kinderen is er nu alsnog een aanvullende beurs. Maar minder rijke kinderen komen vaker uit gezinnen waarin het niet de standaard is om te gaan studeren. De stap om te gaan studeren is dan al groot, en blijkt nu zonder basisbeurs al snel te groot: de doorstroom stokt. Voor alle studenten geldt dat investeren in je opleiding zich uiteindelijk terugbetaalt, je wordt meer waard op de arbeidsmarkt. Maar je kunt niet van individuen verwachten dat ze dat rationeel kunnen overzien. Dan moet een 18-jarige zijn nettowaarde in de toekomst kunnen berekenen, om die vervolgens terug te redeneren. Zo werken mensen gewoon niet. Daar dient het beleid rekening mee te houden.”

“Dit is niet alleen een economische, maar ook een principiële kwestie”, reageert politiek filosoof Ivana Ivkovic. “Ik vind het leenstelsel niet per se asociaal, eerder sociaal onrechtvaardig. Het gaat hier niet alleen om de vraag: hoe financieren we dit als maatschappij? Maar ook om: hoe zorg je als samenleving dat je burgers bepaalde mogelijkheden biedt? In principe kan iedereen nu gaan studeren. Maar iedereen blijft ook zitten met een schuld. Daar wordt nu heel makkelijk over gedaan: ‘Dat betaal je wel weer af, je hebt straks een goed diploma’. Maar als iemand geen vangnet heeft en wel een dikke schuld, pin je iemand vast op een positie. Je voelt je baan bijvoorbeeld als een verplichting, en voelt niet de ruimte om iets anders te gaan doen. Je maakt iemand daarmee kwetsbaar en beperkt zijn handelingsvrijheid. Dat lijkt me niet het doel van onderwijs.”

Teule: “Sterker nog, het onderwijs ondergraaft hier zijn eigen doel. Aristoteles wees er al op dat het belangrijk is om doel en middel duidelijk van elkaar te onderscheiden. Dat gaat hier mis. Ik zie bij veel economie- en geneeskundestudenten dat de salarisoverweging een grote rol heeft gespeeld bij hun studiekeuze. Geen wonder, als je je schuld elke maand ziet oplopen. Maar een studie behoor je niet te doen vanwege een hoog salaris, de inhoud van je studie moet het waardevolle doel zijn. Geld is slechts een middel, dat je volgens Aristoteles moet inzetten om het ultieme doel te bereiken: een goed leven leiden. Ik gun het iedereen om te bedenken: wat vind ik werkelijk waardevol? En dan daarvoor vier jaar te kunnen gaan, met een basisbeurs en zonder enorme druk. Studeren moet vrij kunnen zijn, met ruimte voor mensen om zich te oriënteren en fouten te maken. Het is prima om te zorgen dat studenten een beetje doorwerken, bijvoorbeeld door een bindend studieadvies. Maar ze hebben allemaal het recht op ontplooiing.”

Ivkovic: “Tegenstanders van de basisbeurs zeggen dat als je een studiesysteem ontwikkelt dat toegankelijk is voor iedereen, dat weer tot onrechtvaardigheid leidt aan de andere kant van de lijn. De slager betaalt dan mee aan de studie van de advocaat, is dan het idee. Maar dat hoeft niet zo te zijn. Wie voor wat betaalt, regel je uiteindelijk met het belastingsysteem – en dat kunnen we aanpassen. Maar we moeten ook niet denken dat goedkoper studeren direct een gezonder studieklimaat oplevert. Toen ik als student uit Joegoslavië naar Nederland kwam om te gaan studeren, was ik onder de indruk van het studiestelsel dat hier destijds was. Ik ervoer veel ruimte om te ontdekken wat ik werkelijk wilde. In Joegoslavië was studeren gratis vanwege het socialisme. Maar er was een enorme prestatiedruk, puur vanuit onze cultuur. In Nederland waren cijfers ook wel belangrijk, maar individuele ontwikkeling telde minstens net zo veel. Die sociale normen zijn veranderd. Kennis wordt hier nu steeds meer als instrumenteel gezien. We pompen zo snel mogelijk zo veel mogelijk kennis in studenten, die ook goed moet aansluiten op de arbeidsmarkt. Die efficiënte houding zie je ook terug bij het leenstelsel. We moeten niet vergeten dat kennis niet enkel bedoeld is om nuttig te zijn. Het is ook verbonden met een zekere vrijheid. Al sinds de Verlichting draait kennis om het vergroten van autonomie voor iedereen, niet om het vergroten van het nut voor de samenleving. De uiteindelijke vraag bij de keuze voor een studiestelsel is dan ook: wat voor samenleving wil je creëren?

Lees ook:

GroenLinks-Kamerlid Özdil trekt steun voor leenstelsel in: ‘Het is een verrot systeem’

GroenLinks hielp het leenstelsel voor studenten in 2015 aan een meerderheid. Nu moet het van tafel, zegt onderwijswoordvoerder Zihni Özdil van diezelfde partij in een interview met deze krant.

GroenLinks trekt de handen af van het leenstelsel

GroenLinks-leider Jesse Klaver keert zich tegen zijn eigen plan. ChristenUnie wil zo snel mogelijk praten over alternatieven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden