Filosofiecanon

Hoe herschrijf je de canon van de filosofie?

Beeld Suzan Hijink

Filosoof Carlo Ierna heeft een beurs gekregen om te onderzoeken hoe de canon van de filosofie verantwoord verbreed kan worden. Want die herziening gebeurt soms nog ondoordacht. “Je komt al gauw terecht in een nieuwe verzuiling waarin iedereen zijn eigen canon heeft.”


 Van een nood een deugd maken, dat kan filosoof Carlo Ierna wel. Vanwege het gebrek aan vaste aanstellingen in het hoger onderwijs hopt hij van universiteit naar universiteit om met vaak tijdelijke contracten geschiedenis van de filosofie te doceren. Daardoor werd Ierna wel gedwongen steeds opnieuw te reflecteren: welke filosofen en teksten moeten filosofiestudenten eigenlijk kennen? “Ik begon me af te vragen: waarom zitten déze auteurs in de westerse canon?”

Vorige week ontving Ierna de Comeniusbeurs van 50.000 euro waarmee hij onderzoek kan doen naar de vraag: hoe kun je de canon in het filosofieonderwijs verbreden?

De canon van de filosofie is nog niet zo rigoureus herschreven als onlangs met de canon van de geschiedenis gebeurde. Waarom blijft de filosofie zo hangen bij het gedachtengoed van dode, witte mannen?

“De canon van de filosofie is organisch zo gegroeid. Er is geen samenzwering van mensen die het zo bepaald hebben, maar er waren natuurlijk wel groepen die steeds dezelfde keuzes hebben gemaakt. Je kunt dat achterhalen als je kijkt naar machtsverhoudingen: wie was in een positie om een keuze te maken?

“In de negentiende eeuw heeft men de geschiedenis herschreven en toen zijn er een hoop mensen uitgeschreven”, zegt Ierna. Het idee was dat de filosofie zogenaamd begon in het oude Griekenland en dat bepaalde tradities op elkaar reageerden in een rationeel proces dat culmineerde in denkers als Kant en Hegel. “Er werd gedacht dat bijvoorbeeld zwarte denkers of vrouwen niet rationeel genoeg waren om filosofie te doen. Dat is meer spiritualiteit of tribaal bijgeloof, werd er gezegd.” Dus verdwenen ze uit de canon.

Filosoof Carlo Ierna

Hoewel weinig filosofen zulke racistische ideeën nu nog zouden onderschrijven, werkt die canonisering nog altijd door in de huidige filosofie, zegt Ierna. “Als je handboeken of artikelen in wetenschappelijke tijdschriften leest, stuit je steeds op de klassieke canon. Het is zo erg dat de hoofdredacteur van het British Journal of the History of Philosophy eens heeft geturfd, en bijna de helft van hun artikelen bleek over slechts zeven auteurs te gaan. Dat is echt absurd beperkt.”

Het lijkt een zichzelf versterkend effect. We doceren de filosofen uit handboeken en tijdschriften, waardoor die belangrijk gevonden worden, en ze in de nieuwe boeken terechtkomen. Hoe kun je dat tegengaan?

“Ik kan niet aan historische revanche doen, zo van, nu gaan we alleen maar vrouwelijke en niet-westerse denkers behandelen. Dat is praktisch niet mogelijk. De docenten van de filosofieopleiding stemmen met elkaar af welke filosofen en teksten studenten moeten kennen. Als je bij ethiek Kant tegenkomt, bij wetenschapsfilosofie Hume en bij filosofie van de geest Descartes, dan moet je bij een vak over de ge­schiedenis van de filosofie dus ook Descartes, Hume en Kant gaan behandelen.”

“Bovendien zijn de canonieke denkers en de filosofen die buiten de canon vallen met elkaar verbonden. Die verbindingen moet je stapsgewijs laten zien, niet plompverloren zeggen, nu doen we Confucius erbij! Dan krijg je een Kung Fu Panda-versie van Confucius die niet interessant meer is.”

Hoe kun je die verandering dan verantwoord teweegbrengen?

“Ik gebruik een methode van achterwaarts de geschiedenis inlopen. Je moet vanuit je eigen positie als een soort ­detective te werk gaan. We hebben de dader, maar hoe reconstrueren we de toedracht? Je begint dus vanuit de ­vragen: hoe is onze huidige canon tot stand gekomen? Wat is er in de loop van de tijd bij gekomen en wat is eruit gegaan? Welke criteria hanteren we eigenlijk om te bepalen wie er in de canon komt?

“Als ik bijvoorbeeld aan mijn studenten vraag, wie zouden jullie willen lezen? Dan zijn er altijd bij die zeggen, we willen Sartre lezen. Prima, en wat moet je weten om Sartre te kunnen snappen? Dan blijkt dat Sartre voortbouwt op het werk van Heidegger. En wat heb je nodig om Heidegger te begrijpen? Dan kom je uit bij Husserl en Brentano. Dan ben je er eigenlijk al, want Brentano zit meestal niet in onze canon.

“En als je gaat kijken naar de discussies waar Brentano in verwikkeld was dan kom je heel veel vergeten denkers tegen.

“Het resultaat van die methode is dat je een verbreding en verdieping van de canon krijgt. Je begint vanuit dat wat je kent en laat zien hoe dat met denkers buiten de canon samenhangt. Ik probeer mijn studenten zo de vaardigheden bij te brengen om zelf door de geschiedenis te navigeren.”

Is uw detectivemethode alleen geschikt voor de universiteit of kan ze ook gebruikt worden op bijvoorbeeld middelbare scholen?

“Dat zou kunnen. Ik wil niet op de zaken vooruitlopen, maar het idee van het deconstrueren van de canon door terug te lopen door de geschiedenis is in principe zeer breed toepasbaar.”

Veel filosofiefaculteiten zijn al bezig met het hervormen van de lesstof. Waarom is uw onderzoek nog nodig?

“Het is helemaal prima, zelfs zeer wenselijk, als er cursussen over bijvoorbeeld feministische of oosterse filosofie gegeven worden. Maar een student die zo’n vak volgt, moet kunnen voortbouwen op een inleiding op die stof in een basisvak.

“Als je de niet-canonieke denkers blijft behandelen in losse keuzevakken kom je al snel terecht in een soort verzuiling, waarin oosterse filosofie, westerse filosofie, Africana en feministische filosofie allemaal naast elkaar bestaan. Dan eindig je met een situatie waarin iedereen zijn eigen canon heeft.”

Er zijn ook mensen die vinden dat oosters gedachtengoed of Afrikaanse filosofie heel waardevol is, maar dat je het geen filosofie moet noemen. Wat zou u zeggen tegen mensen die hier een beetje jeuk van krijgen en zich afvragen: is dit nog wel echt filosofie?

“Dat is natuurlijk zelf een filosofische vraag”, lacht Ierna. “En het antwoord op die vraag is: wat is filosofie? Als je die gaat beantwoorden met de heersende canon, dan kom je natuurlijk uit op dat beperkte groepje Europese filosofen waarmee je bent opgevoed.” Ierna houdt zijn handen naast zijn ogen. “Maar dan vergeet je dat jouw opvatting van filosofie je oogkleppen heeft gegeven. Leg die af en maak ruimte voor een ander begrip van wat filosofie is.

“Er is een befaamde anekdote van de westerse intellectueel die naar Japan afreist en zegt, leer mij maar eens wat van dat zen-boeddhisme. En de wijze meester schenkt hem een kop thee in tot het kopje overloopt. Dan zegt de westerling, stop met schenken! De wijze meester antwoordt: uw hoofd is net als dit kopje. Wat ik erbij probeer te gieten loopt eruit, want uw hoofd is al vol.”

Wie is Carlo Ierna?

Carlo Ierna werkt aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en is als onderzoeker verbonden aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Daarnaast doceert hij aan de Universiteit Leiden. Hij heeft onderzoek gedaan naar Edmund Husserl en de school van Franz Brentano en werkt daarnaast binnen de cognitieve kunstmatige intelligentie.

Lees ook:

Weg met de gedachte dat elke filosofiestudent Plato, Descartes en Kant moet kennen

De filosofie is te homogeen, betoogt Liam Kofi Bright, verbonden aan de London School of Economics. Als we de canon loslaten, zal de filosofie er als geheel van profiteren. De canon veranderen is niet genoeg.

Lees ook:

Filosofie kan niet zonder canon, vinden deze filosofen

Weg met de canon van de filosofie, bepleitte de Britse filosoof Liam Kofi Bright in deze krant. Niet iedereen is het met hem eens. Waarom de canon dan tóch behouden? Drie filosofen reageren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden