null Beeld Fadi Nadrous
Beeld Fadi Nadrous

InterviewsKerkgenootschappen

Hoe gaan kerken en moskeeën het nieuwe jaar in?

De coronamaatregelen voor kerken, moskeeën, synagoges zijn versoepeld, maar ze zijn nog niet allemaal van de baan. Hoe vullen religieuze organisaties het nieuwe seizoen in? Trouw peilde de stemming ter plekke.

Janneke de BekkerLodewijk DrosStijn Fens en Djuna Spreksel

De zomervakantie is in het grootste deel van het land voorbij, ook religieuze gemeenschappen staan voor een nieuw seizoen. Net als vorig jaar gebeurt dat onder het ­coronagesternte, al zal dat minder een stempel drukken dan vorig jaar. De coronamaatregelen zijn voor kerkgenootschappen eind juni verder versoepeld. Aan die regels hoeven ze zich niet te houden, religieuze gemeenschappen zijn in hoge mate vrij adviezen al dan niet op te volgen. Het overgrote deel doet dat wel.

De meeste kerken, verenigd in het CIO, hebben met de overheid eind juni een aantal afspraken gemaakt, waar ook organisaties van moslims, joden en andere geloofs­gemeenschappen zich in het algemeen naar richten. Een algemeen maximum aantal bezoekers is losgelaten, wel geldt de onderlinge afstand van anderhalve meter. Zingen, belangrijk in met name christelijke kerken, mag weer, koffie na de kerkdienst ook.

De algemene hygiënemaatregelen blijven van kracht. Reserveren en placeren in de ­gebedsruimte is gewenst, ook is het advies een mondkapje te dragen als het in gang of toilet niet mogelijk is op afstand te blijven.

Niet alles kan, met andere woorden, maar er kan wel veel meer dan het is geweest. Hoe ziet dat nieuwe normaal er dit jaar uit? Wat doen religieuze gemeenschappen om de gelovigen weer naar zich toe te trekken? En nemen ze ook iets mee uit de coronatijd? Vier religieuze leiders van verschillende geloofsrichtingen en op verschillende plaatsen reageren.

Rooms-katholieke parochies in Overijssel en Oost-Flevoland

‘Digitale middelen hebben een nieuwe dimensie toegevoegd’

Hij is verantwoordelijk voor drie rooms-katholieke parochies in Overijssel en Oost-Flevoland, met maar liefst achttien geloofsgemeenschappen. Ook in het werkgebied van pastoor Ton Huitink hebben de scholen weer de deuren kunnen openen en hangt er zoiets in de lucht van ‘we zijn weer begonnen’. Dat gevoel ontbreekt nog een beetje bij Huitink en dat heeft alles met de nog heersende coronamaatregelen te maken. “Op dit moment ­zitten we nog met die anderhalve meter en kun je eigenlijk niet meer dan vijftig à zestig mensen in een kerk kwijt. We denken ­erover na om, als er verder versoepeld gaat worden, in iedere parochie een startviering te houden. Maar dat zal op z’n vroegst in ­oktober worden.”

Voor de rest is Huitink ‘best wel positief’ over hoe het nu gaat. “Natuurlijk kunnen een heleboel mensen nog steeds niet naar de kerk komen. Maar in deze moeilijke tijd is een aantal mooie initiatieven tot stand ­gekomen. Er zijn telefooncirkels ­ontstaan, parochianen bellen met elkaar. Minstens een of twee keer per week. Als pastoraal team hebben we verder een start gemaakt met ­digitale geloofsverdieping: het ­T-leerhuis of ‘Thuis Leerhuis’. Daar hebben zo’n dertig mensen aan meegedaan. We gaan daar ­zeker mee door. Net als met de online­vieringen.”

Volgens Huitink is de missie van de kerk redelijk overzichtelijk. “Ons doel is Jezus bij de mensen te brengen en de mensen bij ­Jezus. We willen elkaar daarin ontmoeten. De complicerende factor is dat we met zoveel kerken zijn die ook nog eens ver uit elkaar liggen. Lokaal gaat het allemaal prima. Voor een groter geheel – denk aan die achttien geloofsgemeenschappen bij elkaar – is dat bijna niet te doen. Gelukkig kunnen we daarvoor nu gebruikmaken van de digitale mogelijkheden die we in de coronatijd hebben leren kennen. Het is een nieuwe impuls in de beleving van het pastoraat. We blijven er altijd op uit om mensen fysiek te ontmoeten: door middel van fysieke vieringen, huisbezoeken en bezinningsavonden. Er is alleen een nieuwe dimensie aan toegevoegd. Dit alles gaat ons als kerk vitaler maken. Dat kan niet anders.”

Joodse gemeente in Heemstede

‘Vroeger volstond een knikje, nu bellen mensen elkaar’

Opnieuw een grote teleurstelling voor de joodse gemeenschap. September is voor haar een feestelijke maand, met het Joods Nieuwjaar en de Grote Verzoendag. Maar ook dit jaar viert ze die feesten niet zoals vanouds. “We weten niet wat voor varianten van het virus mensen meenemen van vakantie”, zegt rabbijn Shmuel Spiero van de Joodse Gemeenten in Heemstede en in Noord-Holland Noord-West, Groningen, Leeuwarden en Zwolle.

Exacte cijfers durft hij niet te geven, maar Spiero ziet dat het aantal joden dat naar een synagoge komt in coronatijd is ­gedaald. Zijn synagoge in Heemstede zal met de feest­dagen ook niet bomvol zitten.

Om de verbinding met de gemeenschap te verbeteren, hebben alle joodse gemeenten van het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap een financiële bijdrage naar rato ontvangen. Hoe de gemeenten dat geld inzetten, mogen ze zelf bepalen. “Dat kan met een extra mailing waarin je de ­leden geruststelt, of door een boterkoekje of honingcakeje op te sturen.” Voor de gemeenschap in Heemstede heeft Spiero diverse plannen: een barbecue eind september, een extra dienst op vrijdagavond met maaltijd of kindermiddag met trampoline.

Welke synagoges tijdens de feestdagen open zijn, hangt af van de grootte en ventilatie van het gebouw. Dat betekent dat sommige na anderhalfjaar nog steeds geen leden kunnen ontvangen. “Erg pijnlijk”, zegt Spiero. “Voor veel joden is de sjoel hun tweede huis.” De rabbijn ziet wel oplossingen: uitwijken naar andere gemeenten, diensten houden in de tuin of de dienst opsplitsen.

Spiero ziet dat de Joodse gemeenschap veel geleerd heeft van de coronaperiode. Zo zijn mensen extra zorgzaam voor elkaar. “Vroeger volstond een knikje in de synagoge. Nu pakken mensen de telefoon om te vragen hoe het gaat.” Een andere les is volgens hem om meer rust te nemen. “De coronatijd dwong iedereen om vaker op de rem te trappen. Sommige joden zagen de wekelijkse sabbatsrust als een verplichting waarbij je alles moet laten. Maar eigenlijk is het juist een zegen dat je gewoon even de stekker eruit kan trekken.”

De Protestantse Gemeente in Dronten

‘We wandelen veel meer, om elkaar te spreken en ontmoeten’

Voor de zomer kreeg de Protestantse Kerk in Dronten nog een aansporing van hogerhand: als het straks kan en alles opengaat, dan voluit vieren! Nu is het straks, maar het normale kerkelijke leven is niet echt weergekeerd, zegt dominee Wim Terlouw, predikant in de PKN-kerk die Trouw gedurende corona volgt. “En het is te vroeg om de gespreksgroepen in een niet-lompe ruimte weer helemaal te laten starten. De afstandsregels zijn nog van kracht.”

Dat is een beetje een domper, na dik twee jaar corona is het bij kerkdiensten nog steeds ‘aanmelden en registreren’, zegt Terlouw, die lid is van het team pastores van ­deze doorsnee-protestantse gemeente. Het aantal bezoekers is noodgedwongen driekwart lager dan de normale vierhonderd.

Toch is hij welgemoed. Want de omgang met de anderhalve meter wordt wat losser, ‘zelfs bij de mensen die altijd wat zorgelijk waren’. En, naast alle beperkingen, die af­gelopen periode heeft ook wat opgeleverd, dat het nieuwe kerkelijke seizoen meegaat, ­corona of niet. “Waar we voorheen niet aan toe waren, is met beeld en streaming werken. Dat verraste me: dat er veel mensen meekeken, tot zo’n zeshonderd views op YouTube. Ze zijn betrokken, maar voor hen is de kerkdrempel te hoog. Dat videowerk houden we er dus in, ook als we weer ­gewoon naar de kerk kunnen.”

Ook de video-interviewtjes met kerk­leden thuis in de deuropening zijn een succes gebleken. Die filmpjes werden na kerktijd getoond onder het motto ‘hoe is het nu met…?’ “Je komt veel mensen níet tegen, daar speelt deze succesformule op in”, zegt Terlouw. “We zijn er nog niet aan toege­komen om de videobezoekers wat dichter naar ons toe te trekken”, zegt de dominee. “Beleid hebben we er nog niet voor. Ik hoop wel dat dat lukt, want de mens is geen schermmens.”

In de coronatijd heeft deze kerkelijke gemeente ontdekt dat er ook andere vormen van contact wenselijk zijn: “We wandelen veel meer, om gesprekken te voeren, of om elkaar te ontmoeten. Veertigers onder kerktijd, maar ook de vele ouderen die nu geen uitje met de bus kunnen maken.”

Moskee El Fath in Heerenveen

‘Mensen die niet durven te komen, zoeken we thuis op’

De El Fath-moskee in Heerenveen hoopt in september een mijlpaal te bereiken. Na anderhalf jaar start de jongerenschool eindelijk weer, vertelt moskee­voorzitter Slimane Elhilmi trots. “Voor corona kregen kinderen hier iedere zondag les in de Koran en het Arabisch. Dat heeft lang stilgelegen. Straks komen in één keer weer allemaal jonge mensen naar de moskee.”

Elhilmi is blij dat de school weer begint. Tegelijkertijd is hij ervan doordrongen dat corona nog altijd invloed heeft op de dagelijkse gang van zaken in de moskee. Dat geldt bijvoorbeeld voor de maatregelen die van kracht blijven, zoals de anderhalve meter. Ook het rituele wassen moet de komende tijd nog thuis, zodat moskeebezoekers ‘schoon’ binnen­komen voor het gebed. De moskee heeft zo’n 150 leden. Dat is inclusief Irakese, Syrische en Bosnische moslims. “Ze komen overal vandaan, en ­iedereen is welkom. Ook niet-moslims”, ­benadrukt Elhilmi.

Spannend is en blijft het vrijdaggebed, het moment waarop de moskee doorgaans het drukst bezocht is. Dan zijn er zo’n zestig mensen binnen, vertelt de voorzitter, en moeten de deuren toch echt dicht. Tijdens het vrijdaggebed worden er mondkapjes ­gedragen. Ook voor andere moskeeën is het vrijdaggebed momenteel de grootste uit­daging, blijkt uit een rondgang.

In de Friese moskeegemeenschap sloeg corona de afgelopen tijd toe, met zieken en zelfs sterfgevallen tot gevolg. Elhilmi: “Dat hakt er bij iedereen in. Mensen zijn nu extra waakzaam.” De moskeebestuurder merkt dat er leden zijn die voor corona altijd naar de moskee kwamen, en nu al een hele tijd wegblijven. Ze zijn bang om ziek te worden, en sommigen willen geen prik, weet hij.

Elhilmi heeft de afgelopen periode gezien hoezeer mensen contact waarderen, ook als ze zelf niet durven te komen. Dat wil hij vasthouden. “We zoeken mensen thuis op, zo houden we de gemeenschap ­bijeen. Soms willen mensen alleen praten, ­andere keren hebben ze iets nodig, dat kan allemaal. We willen niemand vergeten.”

Lees ook:

Zingen in de kerk mag weer, maar het zal lang niet overal gebeuren

Er mag in de kerken weer gezongen worden. De samenzang was bij veel kerkgangers in het afgelopen coronajaar misschien wel het meest gemiste onderdeel van de vieringen. Aan dat gemis kan eind juni een eind komen, meldt het CIO, de koepelorganisatie van kerken. Maar of er op zondag weer overal uit volle borst gezongen gaat worden, is nog maar de vraag.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden