Wittgenstein

Het vertalen van een onmogelijk boek roept filosofische vragen op

null Beeld Illustratie van Saskia Pfaeltzer, saskiapfaeltzer.nl
Beeld Illustratie van Saskia Pfaeltzer, saskiapfaeltzer.nl

Lange tijd was W.F. Hermans de enige die het hoofdwerk van Ludwig Wittgenstein in het Nederlands had vertaald. Dit jaar komen er plots twee vertalingen bij. Deel twee van een tweeluik over de Tractatus logico-philosophicus.

Laura Molenaar

Hoe vertaal je een honderd jaar oud boek waarvan de auteur zegt dat het ‘belangrijke deel’ dat is, wat er ‘niet staat’? Het lijkt onmogelijk. Dan heeft het ook nog een Latijnse titel, en als je naar de bladspiegel kijkt moet je eerder denken aan een wiskundig werk of experimentele poëzie dan aan een filosofisch traktaat.

De auteur: filosoof Ludwig Wittgenstein (1889-1951). Het boek: de Tractatus logico-philosophicus, het enige filosofische boek dat hij bij leven publiceerde, en dat dit jaar 100 jaar geleden verscheen.

Moedige mannen

Toch hebben drie moedige mannen zich aan de klus gewaagd. Of nee, eigenlijk vier. In de jaren zeventig is er al eens een Nederlandse vertaling gemaakt door schrijver Willem Frederik Hermans, maar die voldoet niet helemaal meer (zie kader).

Victor Gijsbers, filosoof aan de Universiteit Leiden, vertaalde het werk voor uitgeverij Boom. Hij had al een eigen versie rondslingeren voordat hij daaraan begon. “Die heb ik lang geleden gemaakt, een beetje als hobbyproject. Mijn collega Göran Sundholm maakte er gebruik van in zijn colleges over de Tractatus, hij vond mijn vertaling beter dan die van Hermans. Een van zijn studenten bracht mij op het idee om een uitgever te zoeken. Ik dacht: ja, ik heb dat ding toch liggen. Maar ik heb onderschat hoeveel werk ik nog moest doen. Uiteindelijk is er geen zin van het originele document onveranderd gebleven.”

Een reusachtige sudoku

Voor Jan Sietsma, beroepsvertaler uit het Duits, en Peter Huijzer, filosofiedocent en vertaler, was het ook een flinke klus. Zij vertaalden samen de Tractatus voor uitgeverij Octavo. Sietsma: “Normaal gesproken als je een boek vertaalt krijg je al snel iets wat op het Nederlands lijkt en waarvan je denkt: dit loopt goed. Maar hier kun je niet ins blaue Hinein aan beginnen, je moet van tevoren afspreken welke Nederlandse vertalingen je kiest voor Wittgensteins termen, en daar zo consequent mogelijk aan vasthouden. En dan kijken: wat gebeurt er als ik dit vervang door dat?” Huijzer vult hem aan: “Ja, je hebt soms het gevoel dat je een reusachtige sudoku aan het oplossen bent.”

Wittgenstein schreef in een brief dat de tekst zou bestaan uit twee delen: dat wat hij heeft opgeschreven en het deel dat hij niet heeft opgeschreven. En het tweede deel was nu het belangrijkste. Wat maken de vertalers daarvan? Sietsma, droogjes: “Nou, voor het ongeschreven deel konden we geen uitgeverij vinden.”

Het is moeilijk de Tractatus samen te vatten, maar kort gezegd staan er twee belangrijke ideeën in. Het eerste is wat de ‘afbeeldingstheorie’ wordt genoemd, en gaat over de verhouding tussen taal en de wereld. Volgens Wittgenstein kunnen we met onze woorden iets over de wereld zeggen omdat onze woorden – zoals ‘kat’ en ‘mat’ – verwijzen naar dingen in de wereld – katten en matten. De manier waarop die woorden in zinnen worden gebruikt, zoals ‘de kat zit op de mat’ duidt dan op een verhouding tussen die dingen in de echte wereld.

Het ongeschreven deel

Het tweede belangrijke idee in de Tractatus is het onderscheid tussen zeggen en tonen. Je kunt iets zeggen over katten en matten, maar over sommige onderwerpen – logica, religie, ethiek – kun je niets zeggen, zij tonen zich alleen maar. Want als je met taal iets over logica wilt zeggen, moet je taal gebruiken, en omdat de taal volgens Wittgenstein logische regels gebruikt veronderstel je de logica dus weer. En wat betreft de religie en ethiek: die zijn onderwerp van het ‘ongeschreven’ deel van de Tractatus. Met taal kunnen we dat ‘hogere’ niet beschrijven.

Maar wacht – als je met taal niets over logica kunt zeggen, hoe kan het dan dat Wittgenstein dat zélf wel doet in de Tractatus? Dat veroorzaakt filosofen ook hoofdbrekens, maar Wittgenstein anticipeert op die kritiek in het laatste deel van zijn boek.

Wittgenstein schreef zijn ideeën niet lineair op, hij gebruikte een genummerd systeem van stellingen. De gehele getallen zijn het belangrijkst, en die krijgen als het ware een toelichting door stellingen met decimale getallen: 1.1, 1.11, 2.0121, enzovoorts. “Het is de vraag welk gewicht er nou aan die nummering moet worden toegekend”, zegt Huijzer. “Wittgenstein had er een heel duidelijk idee bij, maar soms voelt het ook heel willekeurig. Waarom hebben we hier nou vier cijfers achter de komma, terwijl er toch iets cruciaals wordt gezegd?”

Puzzelen

Het begrijpen van de tekst wordt nog verder bemoeilijkt door Wittgensteins schrijfstijl, die erg beknopt is. Hij geeft geen argumenten, maar poneert slechts dát het zo is. Zelf moet je dan puzzelen wat Wittgenstein precies bedoelt en hoe zijn stellingen samenhangen.

De vertaling van Hermans kan dat begripsproces in de weg zitten, en heeft daarom onder filosofen niet zo’n goede reputatie. Soms gebruikt Hermans vreemde woorden, zoals het Nederlandse ‘volzin’ voor het Duitse ‘Satz’.

Verwarring

“Ik erger me er nogal aan”, zegt Gijsbers. “Wie heeft het nou ooit over een volzin? Hij wilde natuurlijk het woord ‘zin’ vrijspelen, in de zin van ‘betekenis’,” zegt Gijsbers. Wittgenstein gebruikt namelijk naast ‘Satz’ ook vaak het woordje ‘Sinn’, wat in het Nederlands óók vertaald kan worden met ‘zin’, zoals ‘de zin van het leven’. Hermans wilde verwarring voorkomen en heeft daarom volgens Gijsbers een andere vertaling gekozen voor ‘Satz’, maar er is vrijwel nooit verwarring mogelijk tussen die twee betekenissen van het woord ‘zin’ in het Nederlands.

Daarbij komt dat Hermans veel minder consequent was in zijn vertaling dan Wittgenstein in het origineel. Zo luidt het begin van stelling 1.11 ‘Die Welt ist durch die Tatsachen bestimmt’, wat in Hermans’ vertaling werd: ‘De wereld wordt door de feiten gedefinieerd’. Net daaronder vertaalde Hermans ‘bestimmt’ echter met ‘bepaald’. Sietsma: “‘Bestimmt’ met ‘gedefinieerd’ vertalen levert problemen op, omdat Wittgenstein later ingaat op wat een definitie is. En waarom maak je het jezelf nodeloos moeilijk? Er staat toch twee keer hetzelfde woord?” En ‘bestimmen’ is niet het enige woord waar Hermans zich veel vrijheid gunt. “Je hebt ook nog van die verraderlijke begrippen als ‘darstellen’, waar Hermans zeven verschillende vertalingen voor gebruikt heeft, zoals ‘voorstellen’, ‘uitdrukken’ en ‘weergeven’.”

Vertalen is interpreteren

Door het puzzelen en schuiven met de woorden word je als vertaler ook geconfronteerd met filosofische vragen, zeggen de drie. “Vertalen is onvermijdelijk ook een tekst interpreteren,” legt Huijzer uit. Je moet keuzes maken, want een perfecte één-op-één vertaling tussen Duits en Nederlands is nooit haalbaar. “Nee, dat is een illusie. Als vertaler kom je er al snel achter dat dat niet lukt. Ik vind het trouwens frappant dat die illusie wel in stand gehouden lijkt te worden in de Tractatus zelf, omdat Wittgenstein zegt dat als hij de verwijzing van woorden in verschillende talen kent, hij weet of ze hetzelfde betekenen.” Dat geldt voor woorden als ‘darstellen’ niet, aangezien die naar een handeling verwijst die wij in het Nederlands de ene keer met ‘weergeven’ aangeven, de andere keer met ‘uitdrukken’.

Later veranderde Wittgenstein radicaal van koers, en ontwikkelde een hele nieuwe filosofie, die de ‘late Wittgenstein’ wordt genoemd. Huijzer: “Later zegt hij: ja, zo eenvoudig is het niet met taal.”

Maar dat Wittgensteins ideeën veranderden, wil niet zeggen dat de Tractatus niet meer relevant is, zegt Gijsbers. “De Tractatus is een van de teksten die ons ook vandaag de dag ertoe aanzet helder na te denken over de aard van de logica of de grenzen van het denkbare. Als je eens probeert Wittgensteins ideeën te verdedigen, dan blijken er hele interessante en goede gedachten achter te zitten. Als je dat doet verbreed je je geestelijke horizon.”

Ludwig Wittgenstein, Tractatus logico-philosophicus, vertaald door Peter Huijzer en Jan Sietsma, ingeleid door Martin Stokhof. Octavo Publicaties, €19,50.

Ludwig Wittgenstein, Tractatus. Logisch-filosofische verhandeling, vertaald en ingeleid door Victor Gijsbers. Boom Filosofie, €20,00.

De rel rond Hermans

W.F. Hermans was een van de eersten in Nederland die belangstelling toonde voor Wittgensteins filosofie, en had geen goed woord over voor de filosofen die toentertijd over Wittgenstein schreven. Al vóór het verschijnen van Hermans’ vertaling kwam er kritiek uit filosofische hoek, vanwege zijn essay Wittgenstein in de mode. B.H. Kazemier reageerde op dat essay, waarop Hermans terugsloeg met zijn boek Wittgenstein in de mode en Kazemier niet (1967). Tegenwoordig is de consensus onder filosofen dat Hermans waarschijnlijk ongemerkt zijn eigen ideeën op Wittgenstein projecteerde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden