null Beeld
Beeld

ColumnEva Meijer

Het is belangrijk om te onderzoeken of bepaalde systemen nog wel rechtvaardig zijn

Op woensdag wordt het vuilnis opgehaald. De ene week de grijze container, de andere week de groene. Vlak voor Kerst was het tijd voor de groene. Om halfacht kwam de vuilniswagen langs. Normaal komt hij pas aan het eind van de ochtend. Hij kwam ook van de andere kant. Het had iets magisch: ineens zoveel licht en geluid in de donkere straat. Alsof het al Kerst was. Maar er stonden nog maar twee bakken buiten, de buren zijn gewend aan het latere ophaalmoment.

In de loop van de ochtend ontstond verwarring, die lang aanhield. De bakken die er al stonden, hadden hun voorkant naar de straat, het teken dat ze geleegd zijn. Buren die hun bak buiten zetten keken erin, zagen dat ze leeg waren, lieten hun eigen bak toch maar staan, kwamen even later om hem weer op te halen. De buren van links verderop zetten hun bak daarna nogmaals buiten. Mijn buurman gooide halverwege de ochtend nog wat in zijn container, die al geleegd was.

De woorden en de dingen

Ik moest denken aan het boek De woorden en de dingen van de Franse filosoof Michel Foucault. In dat boek onderzoekt hij niet hoe de wereld geordend is, maar de ordening van de ordening. Hij brengt niet het kennissysteem in kaart, maar onderzoekt het kader waarin kennis kennis kan worden.

In de inleiding citeert hij de indeling van de dieren die de Argentijnse schrijver Jorge Luis Borges verzon in een verhaal. Dieren kunnen worden verdeeld in: a) toebehorend aan de Keizer, b) gebalsemd, c) getemd, d) speenvarkens, e) zeemeerminnen, f) fabeldieren, g) zwerfhonden, h) die welke in deze classificatie zijn opgenomen, i) die welke te keer gaan als dwazen, j) ontelbare, k) die welke zijn getekend met een heel fijn kameelharen penseel, l) enz., m) die welke net een vaas hebben gebroken, en n) die welke in de verte op vliegen lijken.

Deze opsomming maakte hem aan het lachen, schrijft Foucault, omdat zij de grenzen van ons voorstellingsvermogen tart. Maar zo’n ordening laat ook zien hoe arbitrair ordeningen überhaupt zijn.

Het systeem moet op de schop

We stellen normaal gesproken weinig vragen bij de ordening van onze leefwereld, laat staan bij hoe die ordening geordend is. Pas als dingen misgaan valt het ons op. Toch is het belangrijk dat soms te doen. Om te begrijpen waarom de dingen zijn zoals ze zijn, om je niet te erg van de wijs te laten brengen wanneer ze anders gaan, maar ook om te onderzoeken of een bepaald systeem eigenlijk nog wel rechtvaardig is. Denk bijvoorbeeld aan de toeslagenaffaire: in plaats van fouten toe te dekken met geld zou het systeem waarin het zo mis kan gaan op de schop moeten.

Aan het begin van de middag kwam de vuilniswagen weer de straat in, nu van de goede kant. Uit verschillende huizen kwamen mensen met hun bak, alsof ze erop stonden te wachten. Mijn eigen bak stond niet buiten, hij was nog lang niet vol. Ik keek naar het schouwspel en las over de orde van de ordening en vroeg me af hoe het anders kon.

Eva Meijer (1980) is filosoof, schrijver en singer-songwriter. Ze promoveerde op de politieke stem van het dier en in 2011 debuteerde ze met de roman ‘Het schuwste dier’. Voor Trouw schrijft ze tweewekelijks een column. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden