Column

Het gevoel ‘missen’ en ‘tijd’ krijgt een nieuwe betekenis

Mijn nichtje wordt bijna twee jaar. We hebben elkaar al een tijd niet gezien, langer dan ooit in haar leven. Ik vertelde haar moeder dat ik haar miste. ‘Eva mist jou’, zei ze tegen haar dochter. toen ze naar buiten gingen. ‘Eva mist jou’, prevelde mijn nichtje voor zich uit, de hele wandeling lang.

Volgens Wittgenstein zijn woorden meer dan etiketten die je op zaken plakt. Ze zijn altijd verbonden met een bepaalde sociale context en krijgen hun precieze betekenis in het gebruik. Mijn nichtje leert nu wat ‘missen’ betekent omdat ze tijdens een pandemie haar opa en oma niet kan zien. En Eva ook niet.

Zo leren meer mensen, misschien opnieuw, wat missen kan betekenen. Of afstand. Of tijd. In een artikel in The New York Times schrijft de Poolse Nobelprijswinnaar voor Literatuur, Olga Tokarczuk, dat de quarantaine haar aan vroeger doet denken, aan een tijd waarin mensen de tijd hadden om te lanterfanten, zich te vervelen. Voor een deel van de thuiszitters rekt de tijd zich eindeloos uit. Maar voor ­anderen dikt hij juist in.

De secretaris-generaal van de Verenigde Naties, António Guterres, luidde vorige week de noodklok over huiselijk geweld tegen vrouwen, iets waar een op de drie vrouwen mee in aanraking komt. Dat is sinds er wereldwijd coronamaatregelen zijn getroffen op sommige plekken toegenomen. In Frankrijk worden er bijvoorbeeld een derde meer meldingen van gedaan. In Turkije zijn sinds de maatregelen daar ingingen twaalf vrouwen in huis vermoord. Op andere plekken, zoals in Italië, wordt er juist bijna geen huiselijk geweld meer gemeld. Hulpverleners denken dat vrouwen geen contact meer op durven te nemen. Thuis ben je veilig, roepen regeringen. Maar niet iedereen is thuis even veilig.

Dit geldt ook voor kinderen. En, even terzijde, maar niet minder belangrijk, het geldt trouwens ook voor huisdieren. Vaak gaat dierenmishandeling vooraf aan of samen met mensenmishandeling – en dieren worden ook seksueel misbruikt.

In de roman ‘Vallen als vliegen’ beschrijft Manon Uphoff hoe begrippen als veiligheid en onveiligheid in zo’n situatie voor een kind gestalte krijgen. En hoe ze door elkaar gaan lopen. Ze schrijft: ‘Ik begon in te zien dat er geen plek was waar ouderen en wijzen wonen en dat ik volledig op mezelf was aangewezen. Ik moest zelf een idee ontwikkelen over de wereld waarin ik leefde.’

Uphoff neemt ons mee die wereld in. Door zelf het verhaal te vertellen, komt de macht uiteindelijk bij haar te liggen. Of misschien is het geen macht, maar het vermogen tot verbinding met anderen, geen heelheid maar vermenigvuldiging. Het boek biedt de lezer geen conclusie, geen happy end, maar laat wel zien dat er uit een verschrikkelijk verhaal iets nieuws kan ontstaan.

Je zou hieruit kunnen concluderen dat we boeken moeten lezen om andere werelden te leren kennen. Dat is zo. Maar we moeten ons ook bekommeren om de echte wereld om ons heen: om het kind in het huis waarin geschreeuwd wordt, de hond die klappen krijgt of nooit buiten komt. Maak contact, of bel Veilig Thuis of de dierenpolitie. Opdat ook zij kunnen lanterfanten. Opdat er een plek is waar ouderen en wijzen wonen.

Eva Meijer

Eva Meijer (1980) is filosoof, schrijver en singer-songwriter. Ze promoveerde op de politieke stem van het dier en in 2011 debuteerde ze met de roman ‘Het schuwste dier’. Voor Trouw schrijft ze tweewekelijks een column. Lees ze hier terug. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden