ColumnWelmoed Vlieger

Het geloof raakt juist aan de randen van het bestaan

“Geloof is niet de menselijke droom en waan, die sommigen geloof noemen.” Deze woorden zijn van Luther in zijn voorwoord bij de Brief aan de Romeinen. Onlangs zag ik op Twitter een opname voorbijkomen van Trump, tijdens een van zijn gebedsdiensten in het Witte Huis. We zien hem staan met gebogen hoofd, te midden van een kring adepten die hun handen bezwerend op zijn armen, schouders en hoofd leggen, in diepe dankbaarheid en vervoering. De beelden sluiten naadloos aan bij de overtuiging van miljoenen evangelicalen die president Trump als ‘de uitverkorene’ zien, gezonden door God om redding te bieden.

Je zou bij het zien van de beelden en het luisteren naar het gros van de Amerikaanse ‘evangelicals’ van vandaag bijna gaan denken dat wereldse macht de belangrijkste waarde is voor het christendom. Luther wist wel beter. Het verhaal van Jezus – geboren bij een familie voor wie geen ruimte was, zijn leven lang opgejaagd en vervolgd om wie hij was en wat hij verkondigde en uiteindelijk door religieuze en politieke autoriteiten als een crimineel aan het kruis genageld – slaat precies deze opvatting aan gruzelementen. Jezus’ hele leven demonstreert precies het omgekeerde van wat de wereld, inclusief vele christenen, ten hoogste prijzen en waarderen: dat ware grootheid zich toont in nederigheid, eenvoud, met lege handen staan.

De oude man

Tot deze ontdekking kwam ook de Britse componist en contrabassist Gavin Bryars, toen hij in 1971 met een vriend aan een documentaire werkte over dakloosheid in de achterbuurten van Londen. Tijdens het filmen begonnen sommige daklozen, dronken als ze waren, luidruchtig te roepen en smartlappen te zingen. Onder hen was een oude zwerver die, onopvallend en met gebroken stem, een religieus lied aanhief: ‘Jesus’ Blood Never Failed Me Yet’. Het lied werd uiteindelijk niet in de documentaire gebruikt en Bryars mocht de opname meenemen.

In de studio bewerkte hij het lied met een muziekband – waaronder Tom Waits, een betere keuze had ­Bryars niet kunnen maken – en toen gebeurde er iets bijzonders. Bryars ging even een kop koffie halen en liet de deur achter zich open. Toen hij terugkwam, was de sfeer in de doorgaans rumoerige studio compleet omgeslagen: “Mensen bewogen zich veel rustiger door de studio dan normaal en sommigen zaten op een stoel zachtjes te huilen. Ik was verbijsterd, tot ik besefte dat de band nog steeds speelde en ze getroffen waren door het gezang van de oude man.”

Worstelen, vastlopen en terugdeinzen

Het bijzondere aan het lied is dat er geen spoortje zelfmedelijden in doorklinkt, geen zelfverheffing of zelfvernedering, geen ‘menselijke droom of waan’, maar simpelweg vreugde. Precies daarin toont zich wat mij betreft die ware grootheid, in de vreugde. Het licht waar de zwerver zich klein voor maakt is niet dwingend, trots en zelfzuchtig maar medelevend, bescheiden, opofferend. Dat kun je horen, zijn woorden zijn doorleefd.

Er wordt weleens gezegd dat het geloof midden in het leven aanwezig moet zijn, niet aan de randen ervan. Maar ik denk dat het juist ook raakt aan de grenzen van het bestaan, daar waar we worstelen, vastlopen en terugdeinzen, en dat het juist daar moet durven spreken. Dan moet ik ook denken aan de woorden die mijn vader ooit schreef: “Daar waar de nacht begint, is het geloof, als hoop, vertrouwend op een nieuwe morgen.”

Welmoed Vlieger (1976) studeerde wetenschap van godsdienst en levensbeschouwing, en ook wijsbegeerte aan de Universiteit van Amsterdam. Lees haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden