Interview Ismail Ilgun

Heeft ex-treitervlogger Ismail Ilgun rust gevonden? ‘Mijn moeder is nu trots’

Ismail Ilgun: ‘Bij mij ­gebeurt er van alles in mijn leven waarvan ik zelf versteld raak, en denk: huh?’ Beeld Patrick Post

Drie jaar nadat hij bekend werd als treitervlogger is Ismail Ilgun nu serieus met de islam bezig. Hij is wijzer geworden, zegt hij, en rustiger.

Het lange, magere lijf dubbelgevouwen op een kleine gifgroene zitzak, ademt hij een teug zuurstof in. Ismail Ilgun (22), die drie jaar geleden bekend werd als de ‘treitervlogger’, is nu jongerencoach. Hij ontvangt in het kantoorpand in de Amsterdamse wijk Slotervaart vanwaaruit hij werkt aan een wijkanalyse, “gewoon acht uurtjes per dag”.

Als vlogger legde Ismail vast hoe hij en zijn vrienden rondhingen bij de Vomar in de Zaandamse wijk Poelenburg. Ze intimideerden voorbijgangers, sprongen gerust op een politieauto, en zetten de filmpjes hiervan op YouTube. Hij en acht anderen uit de wijk werden opgepakt voor opruiing.

Zo werden ze groot nieuws, en dat leverde ook aandacht op van premier Mark Rutte, die hen tijdens zijn wekelijkse persconferentie ‘tuig van de richel’ noemde. Het Openbaar Ministerie sloot de zaak op voorwaarde dat Ismail een vlog zou maken waarin hij de Poelenburgers zijn excuses aanbood. Dat deed hij. Om later in een tv-interview bij ‘BN’ers in therapie’ weer te zeggen dat de excuses niet gemeend waren.

Rond zijn kin groeit nu een warrig baardje, en in de hoek van de kantoorruimte ligt een keurig opgevouwen gebedsmat. Vorig jaar maakte hij een vlog over de ramadan, ‘Vasten met gasten’, en nu werkt hij aan een reeks over bekeerlingen. Of hij dat zelf ook is, bekeerd? “Ik zou zeggen: Ik ben wakker geworden. Real talk.”

De ademteug die hij zojuist genomen heeft komt er weer uit in de vorm van een rap over zijn leven. “Het verhaal van Ismail. Oké. Ismail is heel bekend geworden als treitervlogger, als een slecht persoon. Maar dan wil hij niet meer dat leven leiden, en gaat hij niet meer met zijn oude vrienden om. Hij wil geen tijd meer verspillen. Ismail is heel erg depressief. Ismail heeft angst, paniekaanvallen, durft niet meer naar drukke plekken. Hij kwam niet meer verder in het leven. En hij dacht van, wat nu?”

Hij valt abrupt stil en kijkt naar de grond. Hij aarzelt of hij moet vertellen over zijn ‘zondes’. Enerzijds heeft hij weleens gelezen dat de kans dan kleiner is dat ze vergeven worden. Anderzijds hoopt hij dat anderen kunnen leren van zijn verhaal. “Zal ik het toch maar vertellen? Oké, ik blowde echt superveel. Drie jaar lang. Ik gaf al mijn geld eraan uit. Mentaal ging het daardoor minder. Thuis ging het minder. Ik ging altijd gelijk naar boven en praatte niet met mijn moeder. Ik verzorgde mezelf niet meer goed. En ik kwam er maar niet vanaf, al zei ik nog zo vaak tegen mezelf en tegen de jongens dat ik ging stoppen. En toen, dat was het ergste, verloor ik het vertrouwen in mezelf. Ik loog tegen mezelf. Dat gaat best wel diep – als je niet eens meer op je eigen woorden kan bouwen, dan heeft bijna niks meer nut.”

‘Mijn toekomstige vrouw moet wel een hoofddoek dragen. Jawel. Liefst ook een zwart gewaad, ­insjallah.’ Beeld Patrick Post

Het was augustus 2017 toen hij in zijn slaapkamer voor de spiegel stond. Hij was verdrietig die dag. “God”, zei hij, “als je bestaat, help mij dan met het stoppen, dan ga ik meer doen met het geloof”. Hij tikt met een hand op zijn borstkas. “Wat gebeurde er de volgende dag? Ik zit te eten, köfte, en kon plots niet meer goed ademen. Mijn moeder stuurde me naar het ziekenhuis, en uit de scan bleek dat ik een spontane klaplong had. De dokter zei: je gaat nooit meer kunnen roken of blowen. Echt gebeurd dit, hè? Dus ik stopte.”

En toen?

“Ik was heel eigenwijs. Ik ging natuurlijk toch weer niets doen voor mijn geloof. Maar een half jaar later logeerde ik heel toevallig bij een vriend die ’s avonds naar een lezing ging. Ik moest wel mee. Ik ging nog eens, en toen was die geleerde toevallig over uit Turkije. Bij zijn binnenkomst ging iedereen opstaan voor hem en zijn hand kussen en zo.” Lachend: “Ik dacht: deze mensen zijn raar, hier kom ik niet meer. Maar die jongens belden me heel vaak, en in die tijd was ik heel erg op zoek naar een plek om me bezig te houden met het geloof. Je weet toch: waar je liefde krijgt, waar je je kwetsbaar kunt opstellen. Ik ging naar lessen. Ook de ouderen gaven me aandacht, vroegen me of het wel goed met me ging, of ze me ergens mee konden helpen.”

Ismail noemt de plek in Zaandam waar hij belandde een ‘madrassa’, die enkele tientallen vaste bezoekers telt. Ze maken onderdeel uit van een grotere gemeenschap rondom de Dilara-moskee in de stad Isparta in het westen van Turkije. Het is een van de talloze, onbekendere vertakkingen van de Naksibendi, een eeuwenoude soefi-orde. Een stralende Ismail: “Ik wist: dit is waar ik de rest van mijn leven wil zijn”.

De grondlegger van de gemeenschap heet Ismail Cetin (1942-2011), en zijn zoon Muhammad Said is de huidige leider. Het levensverhaal van vader Cetin is zo bijzonder, zegt Ismail, dat hij er graag iets mee zou willen doen. “Een theaterstuk maken bijvoorbeeld. Ik wil gewoon dat mensen hem leren kennen, dat is mijn voornaamste doel.

“Wat ik zo mooi vind aan het soefisme: het gaat om de ziel. Ik ben bekend, dus als ik ergens kom, kijkt iedereen me aan, en maken ze foto’s. Er komt dan toch snel een soort van hoogmoedigheid in je op. Een ziekte van het hart, die je moet bestrijden. Ik ga bijvoorbeeld met de bus naar werk. Daar zou je je voor kunnen schamen, want welke bekende Nederlander gaat nou met de bus? Maar door wel de bus te nemen, train ik mezelf, gaat mijn ego eruit.”

Was je eerder niet gelovig?

“Ik heb wel gewoon de islam meegekregen van mijn moeder. Maar heel veel jongeren die ik ken, die noemen zich wel moslims, maar zijn verleid: door de straat, door drugs, door vrouwen. Het spirituele niveau is zo laag dat ze bijna niet meer geloven. Ik had zelf ook dat stemmetje in mijn hoofd. Waarom moet ik bidden? Hoe kan dit waar zijn? Als er een schepper is, wie heeft hem dan geschapen? Maar als ik daar vroeger in de moskee over begon, dan zeiden ze dat zulke vragen van satan komen. Dat vind ik heel slecht. Dat houdt je tegen om vragen te stellen, en houdt je beperkt. Bij de madrassa waren ze niet zo. Ik stelde heel veel kritische vragen, en kreeg daar gewoon antwoorden. Later zeiden die jongens wel dat ze mij heel irritant hadden gevonden. Maar ik dacht: fuck that, I wanna believe well. Als ik ga geloven, wil ik niet half geloven.”

‘Ik loog tegen mezelf. Als je niet eens meer op je eigen woorden kan bouwen, dan heeft bijna niks meer nut.’ Beeld Patrick Post

Ben je veranderd?

“Wijzer geworden, al word je dat ook wel door de tijd. Maar het belangrijkste is dat ik nu mijn geloof praktiseer. Ik let op wat ik doe. Ik bid vijf keer per dag. Ik breng meer tijd door met mijn familie. Ik luister naar mijn moeder. Zij zegt ook dat ik rustiger ben, meer geduld heb. Ja, ze is erg trots nu.

“Ik lees boeken. En niet alleen islamitische boeken.” Hij pakt zijn rugtas, en haalt daaruit ‘De alchemist’ van Paulo Coelho, en ‘De kracht van kwetsbaarheid’ van Brené Brown. “Mijn favoriete boek, dat lees ik voor de derde keer. In de madrassa lezen we elke maandag en elke donderdag uit de Koran. Maar ik ga niet zeggen dat ik het thuis ook doe, dat is gewoon niet zo. Het is niet goed wat ik nu ga zeggen, maar ik ben meer iemand die houdt van dingen lezen die ik begrijp. En ik begrijp de Koran niet. Wat niet wegneemt dat je hem moet lezen, hè.”

Vorig jaar zomer ging hij naar Isparta, waar de geestelijk leider woont van de beweging waar ook de madrassa in Zaandam deel van uitmaakt. “Ik was lang niet in Turkije geweest. Daar hadden we financieel gewoon niet de mogelijkheden voor: mijn moeder is alleenstaand en heeft een uitkering. Ik sliep daar bij mijn opa in Aksaray, op zich leuk, maar hij is een beetje ouderwets en Turks qua mentaliteit. Ik wilde naar Isparta, weg uit dat dooie dorp. Maar mijn opa vond het niet goed. Dit soort bewegingen kwam vroeger in Turkije slecht in het nieuws, omdat er nep­leraren zijn geweest, die dingen puur voor geld deden. En dan denken ze dat alle mensen zo zijn – maar dat waren gewoon een paar rotte appels.

“Maar ik was echt zo benieuwd, dus ik ging stiekem, Ik heb de bus gepakt, dat duurde acht uurtjes. Bij de madrassa mag je geen korte broek. Ik had die nog aan en dacht, die verwissel ik wel bij zo’n tussenstop. Maar ik viel in slaap en werd pas wakker in Isparta. Shit, had ik m’n broek nog aan. Ik kende de mensen niet die me op zouden halen, maar zag opeens die gasten, met baarden en wijde broeken, en ik dacht: ‘Braddaaa, die zijn voor mij gekomen’. Dus ik ben snel nog even weggerend, om achter de bus mijn broek te verwisselen.

“Ik was er twaalf dagen, en kreeg gratis eten, mocht gratis slapen. Een beetje helpen schoonmaken, thee brengen. Ik kon zo drie uur op de grond zitten luisteren naar onze geleerde, met alleen een glaasje thee in mijn hand. Wat was dit?

“Wat ik heel speciaal vond, was dat de mensen daar alleen maar bezig zijn met de islam. Net als in Zaandam. En ik heb hun vrouwen nog nooit gezien, niet één keer in twee jaar. Omdat ze islam gewoon echt leven zoals het hoort weet je. Ze geven ook vrouwen geen hand. Vrouwen komen ook niet zomaar binnen als ze thee komen brengen. Dan kloppen ze aan de deur, ze zetten het op de grond, en de man doet open: dan is ze al weg. De man brengt de thee dan rond. Ja, je kunt je afvragen: waarom laten ze hun vrouw niet zien? Maar waarom moeten ze hun vrouw wél laten zien? Waarom wil je dat zo graag, snap je?”

Je gaf ons wel een hand net.

“Ja, dat hoort eigenlijk niet. Ik heb wel geprobeerd om dat niet te doen, maar het is te moeilijk. Dan kom je mensen tegen van vroeger en dan geven ze je een knuffel, Anna Nooshin (modeblogger, red.) bijvoorbeeld. Dan zou het heel afstandelijk overkomen als ik er niet op reageer.” Een gepijnigde blik. “Ik wil niemand kwetsen. Maar ik kwets ook Allah als ik het wel doe – dus ik zal dit in de toekomst gaan aanpassen.”

‘Welke bekende Nederlander gaat nou met de bus? Maar door wel de bus te nemen, train ik mezelf, gaat mijn ego eruit.’ Beeld Patrick Post

Maar hier in dit kantoor werk je ook ­gewoon met vrouwen toch?

“Ja tuurlijk. Als je helemaal geen vrouwen wilt: ga naar de kelder, sluit jezelf op. Ik vlog ook nog gewoon met vrouwen. Daar ben ik wat losser in. Ik bedoel, ik ga niet alles in mijn leven weggooien. Maar vorig jaar heb ik in ‘Vasten met gasten’ één vrouw te gast gehad. Anders zouden mensen misschien zeggen dat ik tegen vrouwen ben.”

Zou je gaan daten?

“Ja, een kop koffiedrinken kan, maar er moet dan sowieso een derde persoon bij zijn. Ik zou het wel gelijk serieus aanpakken, niet eerst een half jaar kloten en dat het dan uiteindelijk niets wordt. Eigenlijk wilde ik altijd al vroeg trouwen, op mijn achttiende al. Maar ik ben wel kieskeurig.”

Wat voor meisje zoek je dan?

“Een meisje met boerka.” Lacht: “Nee, grapje. Maar een hoofddoek moet wel. Jawel. Liefst ook een zwart gewaad, ­insjallah.”

Denk je niet dat zo’n meisje het hier in Nederland moeilijk gaat krijgen?

“Ja, maar het moet al haar eigen keuze zijn. En gelukkig zit ik nu al meer dan een jaar op boksen. Dus als een stoer iemand op straat iets wil gaan doen tegen mijn vrouw dan kan ik hem wel in een paar seconden neerhalen. Maar nee, strakke broeken of van die opvallende kleuren als geel en rood, dat heb ik gewoon liever niet.”

Hij pakt een stukje stof van zijn eigen donkergrijze spijkerbroek tussen zijn vingers. “Ik vind het wel heel hypocriet van mezelf. Zo’n strakke broek is ook niet islamitisch. Maar ja, het is heel moeilijk in Nederland hè? Hier is een spijkerbroek en een overhemd de norm. Weet je, het kan straks ook zomaar zijn dat ik trouw met een niet ­bedekte vrouw. Ik ben Ismail, bij mij ­gebeurt er van alles in mijn leven waarvan ik zelf versteld raak, en denk: huh?”

Lees ook:

Ex-treitervlogger Ismail Ilgün wordt niet vervolgd, maar moet wel excuusvlog maken

Treitervlogger Ismail Ilgün wordt niet vervolgd, maar hij moet wel zijn excuses aanbieden in onder meer een vlog. Dat heeft het Openbaar Ministerie bepaald

Opeens ligt Poelenburg in het oog van de storm

Er hangt een heli in de lucht, en politieauto nummer zes arriveert met loeiende sirenes op het parkeerterreintje voor de Vomar in Poelenburg. Donderdagmiddag, de vierde dag dat er een samenscholingsverbod van kracht is in de Zaanse wijk

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden