Geloven Stephan Sanders

Geloven zonder te zien: klemgezet door de opstanding uit de dood

Beeld Robin Héman

Stephan Sanders beschreef in deze krant hoe hij gelovig is geworden. Aan de hand van het Apostolicum – de christelijke geloofsbelijdenis uit de tweede eeuw die overal ter wereld wordt gebruikt – vertelt hij nu wát hij gelooft. Vandaag de elfde regel uit die belijdenis, over de verrijzenis van het lichaam.  

Ik geloof in God, de almachtige Vader, Schepper van hemel en aarde.
En in Jezus Christus, zijn enige Zoon, onze Heer, die ontvangen is van de Heilige Geest,
geboren uit de Maagd Maria, die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven;
die nedergedaald is ter helle, de derde dag verrezen uit de doden;
die opgestegen is ten hemel, zit aan de rechterhand van God, de almachtige Vader;
vandaar zal Hij komen oordelen de levenden en de doden.
Ik geloof in de Heilige Geest; de heilige katholieke kerk, de gemeenschap van de heiligen;
de vergeving van de zonden; de verrijzenis van het lichaam; en het eeuwig leven.
Amen

En zo word je uiteindelijk klem gezet. Word je gedwongen iets te erkennen, omdat je het voorgaande ook erkend hebt, het tiende artikel, ‘de vergeving van de zonden’. En via die ‘vergeving’ kom je bij de ’verrijzenis van het lichaam’, omdat Christus is gestorven voor de vergeving van onze zonden. Christus echt dood, en daarna weer opgestaan. Niet als herinnering of ronddwalend spook, maar geheel en al: zo concreet als een lichaam kan zijn.

Die ‘vergeving van de zonden’ lijkt een groot, verzoenend gebaar, alles komt goed, niet alleen het kwaad zal overwonnen worden, maar ook het kwade in jezelf. Alle welwillende mensen kunnen dat tiende artikel nog lezen als: goed nieuws voor iedereen, dat kan ik geloven.

Maar dan volgt die ‘verrijzenis van het ­lichaam’ of ‘de wederopstanding van het vlees’ zoals het in bepaalde reformatorische kringen heet. Er is een klein verschil: ‘lichaam’ straalt heelheid uit en ‘vlees’ roept meteen de associatie op van bedorven-zijn, aangevreten. Een homp vlees is minder gaaf dan een lichaam.

We zijn aan het haarkloven, alsof die verrijzenis of wederopstanding al niet onmogelijk genoeg is.

De apostelen wisten het zeker, ze hebben Hem met eigen ogen gezien, de herrezen Christus. Ook is daar in het evangelie volgens Johannes de ‘ongelovige Tomas’, de apostel die er net niet bij was toen Christus verscheen. Hij krijgt een herkansing, bevoelt de gestorven ­Jezus, nu weer levend, aan zijn wonden en raakt zo overtuigd. En daarna die beroemde woorden van Christus: “Omdat je mij gezien hebt, geloof je. Gelukkig zijn zij die niet zien en toch geloven.”

Beeld Robin Héman

Geloven zonder te zien

Uit overlevering moeten we geloven dat het één iemand gelukt is de dood te overwinnen. Maar wij levenden zijn veroordeeld tot hear say, tot lezen en ja, tot theologie. Dat is per ­definitie bekrompen. We zijn geen ervaringsdeskundigen, en verlaten ons op de getuigenissen van zeer verre voorvaderen. Aan ons de ­opdracht ‘gelukkig te zijn’ en dat is: geloven zonder te zien.

Wordt het makkelijker voor een nieuwe generatie, die niet anders is gewend dan computergames, om zich een voorstelling te maken? Iemand wordt dodelijk getroffen, maar staat daarna op en doet weer volop mee in het spel.

Dat ‘zie’ je dan voor je eigen ogen gebeuren, maar het computergestuurde ‘zien’, weten we, moet gewantrouwd.

Iedereen die het iets te vlot over de lippen krijgt, die ‘verrijzenis van het lichaam’, wantrouw ik ook. Het is zoiets enorms wat daar ­beleden wordt, dat een hapering van de stem niet misstaat. Zelfs voorwaarde is.

Wetenschappelijk is er voor dit alles geen enkel bewijs. Dat geldt trouwens ook voor de ‘staat -en klasseloze maatschappij’ die Karl Marx ons in het vooruitzicht stelde. Hij wist bovendien zeker dat het ook nog eens ‘wetenschappelijk’ was, dat socialisme.

We hebben het in beide gevallen over ‘hoop’, over leven in de volle verwachting dat het komt, dat Hij wederkomt.

Als student politicologie was ik altijd sprakeloos, wanneer ik zag hoe marxistisch ­georiënteerde medestudenten het leerstuk van de naderende heilstaat zonder dralen weg hapten. ‘Nog een gesneden wit? Ja, graag.’

Het voordeel van het christendom: het heeft nooit voorgegeven dat het een makkie zou zijn, of zonder alternatief, het geloof. De ‘ongelovige Tomas’ wordt niet voor niets uitgebreid beschreven. Tomas haalt ons verhaaltechnisch bij de les, en onderstreept nog eens het ongelofelijke van wat wij geloven.

‘Gelukkig zijn… zonder te zien’. Dat is de opdracht. Daar straalt de belofte van het ­Beloofde Land, maar wij hebben het, anders dan Mozes niet eens in de verte gezien.

Maar misschien wel voorvoeld, als in een vooruitgesnelde flits, die zich niet laat reconstrueren. Wiki-citaat: ‘Een visioen (afkomstig van het Latijnse visio: zicht, zienswijze) is een subjectieve ervaring van iets dat zintuigelijk niet waarneembaar is, maar voor de persoon zelf – de visionair – werkelijkheid lijkt te zijn.’

Het is leven vanuit het idee van ‘nog niet’: van dat wat nog moet komen.

Ikzelf word zeer ongemakkelijk als mensen me tot in de details vertellen hoe de verrijzenis in zijn werk gaat. Ja, natuurlijk ken ik ervaringen van verlies en wanhoop, en hoe je vervolgens toch weer opstaat, als werd je opgetild. De wederopstanding laat zich symbolisch heel mooi herkennen.

Maar de clou is toch om enig idee te krijgen van het onvoorstelbare, hoe paradoxaal dat ook klinkt. Al was het maar de huivering te voelen, het ontzagwekkende van wat als waarheid kan worden ervaren. Maar het komt nooit eens tot je in de vorm van een uitgewerkte, zeer gedetailleerde bouwtekening. Als de ­architectuur van een huis.

Ik wil geloven dat de dood het laatste woord niet heeft.

Ik weet niet eens of de dood spreekt.

Maar ik wil geloven, niet dat er ‘meer is tussen hemel en aarde’, maar dat er ‘anders’ is, ­onvoorstelbaar anders.

De verrijzenis van het lichaam is een lakmoesproef.

Lees ook:

Het geloof van Stephan Sanders

Stephan Sanders beschreef eerder in deze krant hoe hij gelovig geworden is. In deze verhalenreeks zet hij uiteen wát hij gelooft, aan de hand van de Apostolische geloofsbelijdenis. Lees hier de vorige aflevering, over de vergeving van zonden. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden