null Beeld
Beeld

ColumnStijn Fens

Fysieke afstand hoeft geen belemmering te zijn, leer ik van de Perseverence

Toen ik op Aswoensdag tijdens de mis die ik op mijn laptop volgde, de priester hoorde zeggen dat de veertigdagentijd was begonnen, kon ik niet helpen te denken: “Volgens mij zitten we al een bijna een jaar in de veertigdagentijd.” Al die tijd al wandelen we door een soort woestijn, op ons hoede voor het virus en tegelijkertijd onthecht. Af en toe lijkt het alsof die woestijn ophoudt en we in een groene oase staan waar we ons gulzig op het water kunnen storten. Maar even later bevinden we ons toch weer midden in die schijnbaar eindeloze zandvlakte.

Ondertussen kunnen we niets ­anders doen dan ons herinneren hoe het was, en blijven dromen over hoe het ooit weer zal zijn. Maar dat valt nog niet mee. We kunnen bijna nergens meer fysiek bij zijn. Heel veel van wat buiten ons huis plaatsvindt, komt tegenwoordig alleen nog maar virtueel tot ons. Van voetbalwedstrijden in een groot stadion tot het omhelzen van dierbaren. Steeds wordt wel ergens ­afstand geschapen.

Toch gebeurde er vorige week iets dat mij verzoende met de woestijntijd waarin wij leven. Ik heb het natuurlijk over de spectaculaire landing van het ruimtevoertuig Perseverance op het oppervlak van Mars. Perseverance betekent ‘volharding’ in het Nederlands, en dat lijkt me een naam die ooit door de voorzienigheid moet zijn ingefluisterd.

Ik werd de Perseverance

Wanneer alles goed zou gaan, zou de Perseverance vorige week donderdag rond 22.00 uur onze tijd landen in een krater op Mars die vernoemd is naar Jezero, een plaats in Bosnië. Eenmaal geland zou het ‘karretje’, zoals het heldhaftige voertuig hier en daar genoemd werd, op zoek gaan naar ­tekenen van vroeger leven op de rode planeet.

Maar eerst moesten we ons nog door de landing heen worstelen die omschreven werd als ‘seven minutes of terror’. De landingsprocedure was nogal complex. De ‘rover’(weer een Engels woord) moest aan een vliegende kraan neergelaten worden op het oppervlak. Maar vanwege de grote afstand tussen Mars en de aarde zou pas na zo’n tien minuten duidelijk worden of alles goed was gegaan. De vluchtleiding kon ­alleen maar hulpeloos toekijken.

Ik was die donderdagavond verdiept in de voetbalwedstrijd Lille tegen Ajax, toen ik een seintje kreeg dat ik toch even naar de site van de NASA moest gaan. De ‘seven minutes of terror’ ­waren aanstaande. Het eerste wat ik zag was het vluchtleidingscentrum in ­Pasadena in de Amerikaanse staat Californië: mannen en vrouwen met mondkapjes op en zo op het oog allemaal hetzelfde poloshirt aan. Een vrouw had het woord en kwam ook in beeld. Zij praatte Perseverance letterlijk naar Mars toe. In een animatie ­zagen we om de paar minuten wat er tientallen miljoenen kilometers verderop gebeurde. Een soort aangekleed hoorspel.

Ik kon er niets aan doen, maar ik werd meteen in het verhaal ­gezogen. Op een gegeven moment leek het zelfs alsof ik werd opgetild uit mijn stoel en zelf afdaalde naar het oppervlak van Mars. Ik werd de Perseverance.

Mijn inspirerende vriend op Mars

Er klonk een kort applaus in Pasadena, de parachute was opengegaan en de verkenner naderde nu snel de landingsplaats in de Jezero-krater. De vrouw praatte rustig door, terwijl ik op zoek was naar tekenen van ongerustheid in haar stem. Er konden immers duizenden dingen misgaan, had ik ­begrepen. Dit waren met recht terreurminuten.

Naar later bleek pas vijf minuten later – in mijn beleving een ­eeuwigheid – klonk er nog ­luider applaus. Perseverance was ­geland. Ik stond op en gooide mijn ­armen hoog in de lucht. Niet veel later kwam de eerste foto vanaf Mars. Daar stond mijn ‘karretje’, een teken van ­leven midden in een rode woestijn. ­Later kwam ook de eerste geluidsopname vrij. Ik hoorde de wind op Mars en moest bijna huilen.

Mijn leven heeft zich sinds de ­Perseverance in mijn leven kwam, ten goede gekeerd. Ik speur het internet af naar nieuwe foto’s die hij heeft ­gemaakt en dan bevind ik mijzelf even op Mars. De planeet is dichterbij gekomen en de woestijn hier is groener en minder zanderig. Fysieke afstand, ook al is die miljoenen kilometers groot, hoeft geen belemmering te zijn voor het voelen van nabijheid. Alles wat zich buiten mijn huis afspeelt, is nu tastbaarder geworden. Wanneer ik een voetbalwedstrijd op tv bekijk, lijkt het alsof ik ook in dat stadion ben. Allemaal dankzij mijn volhardende en ­inspirerende vriend op Mars.

Trouw-redacteur Stijn Fens volgt de katholieke kerk al decennia op de voet en schrijft columns over het geloof en zijn persoonlijk leven. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden