Interview Alicja Gescinska

Filosofe Alicja Gescinska: Het idee dat de democratie wel wat vrijheden kan missen baart mij zorgen

Alicja Gescinska

Heel eventjes zat de Pools-Vlaamse filosofe Alicja Gescinska (37) in de politiek. Die stelde haar niet teleur. Wat haar verbijsterde was het wantrouwen van de kiezer. ‘Hoe weten zij wat ík weet van het volk?’

 Het zit Alicja Gescinska nog altijd hoog, de reacties op haar kandidatuur voor het ­Europees Parlement. “Zo’n twee weken nadat ik op de lijst stond, schreef mijn collega Tinneke Beeckman in De Standaard dat filosofen ongeschikt zijn voor de politiek”, vertelt ze, amper een half jaar na haar politieke avontuur. Vanwaar die scepsis? Waarom zou de politiek geen denkers kunnen gebruiken? En moeten denkers niet juist ‘ja’ zeggen als de politiek hen nodig heeft? 

De 37-jarige Pools-Vlaamse filosofe vindt van wel. Dus hapte ze toe toen Guy Verhofstadt haar vroeg voor de Vlaamse liberalen. Hoewel ze thuis moeilijk gemist kon worden en haar zus destijds ernstig ziek was, voerde ze bevlogen campagne voor Europa.

Een plek in het Europees Parlement leverde dat niet op – te weinig stemmen – maar wel denkstof voor haar zevende boek, waarin ze de politiek verdedigt tegen wantrouwen en cynisme. De titel, ‘Intussen komen mensen om’, vond Gescinska in een gedicht van de Poolse Wisława Szymborska, een ­gedicht over politieke verantwoordelijkheid: 

Apolitieke gedichten zijn ook ­politiek, 
en boven ons schijnt de maan,
niet meer onze maan,
maar een punt van discussie.

We spreken af bij het station van Breda; dan is Gescinska zo weer in Gent, bij haar bureau en haar gezin; de freelance-filosofe, schrijfster en tv-maakster heeft drie zoontjes, de jongste is twee. Nu ze het weer iets minder druk heeft, zou Gescinska weer eens een roman willen schrijven, of poëzie. Maar ze is ook gevraagd voor het essay voor de Maand van de Filosofie. Dat moet al binnen enkele maanden klaar zijn. 

Een gehaaste indruk maakt de filosofe niet. Het gesprek heeft haar volle aandacht. De smoothie die ze heeft besteld, blijft lange tijd onaangeroerd op tafel staan. 

Alicja Gescinska

1981 Geboren in Warschau
1988 Vlucht naar België
2007 Studeert summa cum laude af in de Moraalwetenschappen
2007-2008 Werkt als onderzoekster in Warschau
2011 Geboorte eerste zoon. Publicatie essay: ‘De verovering van de vrijheid’
2012 Promoveert op het denken van Max Scheler en Karol Wojtyla (de latere paus)
2013 Geboorte tweede zoon. Onderzoek in Princeton, VS
2014 Monografie over de Poolse filosoof Leszek Kolakowski
2014-2016 Doceert in de VS (Amherst College) Europese politiek en religieuze vrijheid
2016 Geboorte derde zoon. Terugkeer naar België. Publiceert debuutroman ‘Een soort van liefde’ en essay ‘Allmensch’. Begint tv-programma ‘Wanderlust’.
2018 Publiceert ‘Thuis in muziek’ (shortlist Socrates Wisselbeker)
2019 Stelt zich kandidaat voor de Europese erkiezingen op de lijst van de VLD, aangevoerd door Guy Verhofstadt. Publiceert ‘Intussen komen mensen om’.

Gescinska geeft toe dat er nóg een verwijt was dat haar als politica raakte, ­gezien haar jeugd in een somber Warschau en vanaf 1988 in een Vlaams asielzoekerscentrum. Dat is het verwijt dat een intellectueel als zij ‘het volk’ onmogelijk kan begrijpen. “Hoe weten zij wat ik weet van het volk? Mijn kindertijd is getekend door beperking. ­Altijd hoorde ik: dít kunnen we niet betalen, dát is te duur. En dan werk je hard, je probeert iets te maken van het leven, je wilt iets teruggeven en dan BOEM, dan hoor je: wie denk je wel dat je bent?

“En dat van mensen die nooit, nooit, nooit zijn gaan slapen met honger. Maar ik weet hoe moeilijk het is om omhoog te komen, daarom heb ik me kandidaat gesteld. Ik voel constant de druk op mijn schouders dat ik iets verschuldigd ben aan mijn medemens. Er is ellende, overal, en daar moeten we iets aan doen. Politiek is hét middel om dat te doen.”

U klinkt als socialist. Waarom hebt u zich aangesloten bij de liberalen?

“Die reactie zie je in Vlaanderen ook: liberalen worden gezien als rechts. Die zijn voor de rijken en de zelfstandigen. Maar in het Europees Parlement zitten liberalen niet links en niet rechts, maar in het midden. Het is een hele mooie mengeling van mensen. Bovendien gaf Guy Verhofstadt me alle vrijheid. We delen een geloof in Europa. Niet dat de EU perfect is, integendeel: er sterven mensen op zee.

“Veel mensen vinden dat Europa alles fout doet. Dat is onzinnig, want Europa doet ook veel goeds. Maar als lidstaten zelf een steentje moeten bijdragen, dan vinden we dat meteen schandalig. Dan is het: waar bemoeit Europa zich mee? Dat zet de EU schaakmat.”

Bent u niet kwaad dat juist Polen zich zo ontoeschietelijk opstelt?

“Ik ben niet strenger voor Polen dan voor andere landen, we zien hetzelfde in Engeland en in Vlaanderen. Ik wil rechtse mensen of regeringen helemaal niet demoniseren. Ik geloof niet in hun oplossingen, maar ze zijn niet minder intelligent of minder empathisch. Ik vind het wél zorgwekkend als politici mensen gaan zien als nummer of als last of alleen als kostenpost, met een groot woord als ze hen ontmenselijken. Daar moeten we tegenin gaan. Daarom heb ik me kandidaat gesteld. Als ik geweigerd had, had ik me afgekeerd. Dat is ook een keuze.”

U bent de politiek ingegaan om rechts-nationalisme te bestrijden.

“Het was niet mijn enige motivatie, maar ik maak me zeker zorgen over het idee dat de democratie wel wat vrijheden kan missen. Je ziet dat bij Poetin en bij de Hongaar Orbán en ook bij Thierry Baudet.

“Het wordt niet altijd met zoveel woorden gezegd, maar zulke politici willen ons recht op zelfbeschikking beperken. Dan wordt de spot gedreven met het recht je eigen gender te definiëren, of met homoseksualiteit. De vrouw moet terug naar de keuken en de man moet zijn mannelijkheid terugnemen. Die moet weer de leider zijn.”

Die kan zich dan weer ouderwetse vrijheden veroorloven.

“Precies. Ongelijkheid kan heel comfortabel zijn voor mensen die zeggen: oef, ik ben daar bij, dat pakt voor mij goed uit. Ik geef soms het voorbeeld van de wolf en de schapen. Het klinkt mooi om alle hekjes weg te halen en iedereen vrolijk en vrij te laten rondhuppelen, maar dat is alleen goed voor de wolf, want die kan dan al die schapen opeten. De schapen zijn gebaat bij begrenzing. Nu vrouwen ook een eigen ruimte opeisen, voelen sommige mannen zich benadeeld. Dan kiezen ze voor politici die zogenaamd onze vrijheid verdedigen, maar in feite alleen denken aan hun eigen vrijheid.”

Laat het politieke bedrijf wel ruimte om te filosoferen?

“Het verschil zit hem vooral in de snelheid. Als filosoof kun je vijf jaar nadenken over migratie. Als je in de politiek zit, krijg je een microfoon voor je hoofd en moet je meteen reageren. Dat is een heel andere stiel. Maar is dat een reden om te zeggen: ik doe dat niet? Natuurlijk, ik heb ook graag de luxe om rustig na te denken. Maar als ik die niet heb, kan ik nog altijd nadenken.”

Maar politici denken toch vooral strategisch?

“Dat doen filosofen en journalisten ook. Die denken ook: als ik nu dit even twitter, kom ik vanavond misschien in die talkshow. En politici doen dat maal honderd, omdat ze weten dat ze iets moeten bereiken. Heel veel zaken die zich in de politiek afspelen, spelen ook in andere sectoren, maar wij staan politici non-stop op de vingers te kijken. Stel dat we dat doen met hoogleraren. Welke scriptie hebt u goedgekeurd? Met wie bent u wezen lunchen? Die laten zich ook niet louter leiden door de rede en het licht.”

U bent helemaal niet teleurgesteld in de politiek?

“De enige echte teleurstelling waren incapabele politici. Mensen van wie je niet wilt dat ze de stuurknuppel in handen krijgen. Wat me vooral heeft getroffen, is het gebrek aan vertrouwen dát politici iets voor kiezers kunnen betekenen. Dat is echt een probleem: wie is verantwoordelijk als er iets mis gaat? Je hoort vaak: ach, maar die kon niet anders. Maar je moet wéten wie je kunt aanspreken. Zelf zou ik nooit stemmen op een politicus die het steeds heeft over ‘wij, wij, wij’, daar heb ik een hekel aan. Je staat daar niet alleen als socialist of liberaal, maar ook als individu. Eerst uw voornaam en dan pas uw partij.”

En als je dan botst met de partijlijn?

“Waarom mag dat niet meer? Alsof het een zwakte is als je niet overeenkomt! Omarm mensen die voor zichzelf denken! Dat is juist sterk. Een partij moet geen kleine dictatuur zijn, dat je bang wordt om te denken. En wie is dan de scheidsrechter? Die ene man waarschijnlijk. Dat zal niet de sympathiekste zijn.”

U vindt twijfelen ook een politieke deugd.

“Alles met mate natuurlijk. Je moet niet op de lijst van Guy Verhofstadt gaan staan en zeggen: ik ben tegen Europa.”

En we moeten stemmen op een politicus, niet op een partij?

“Zeker, zeker. Maar echt: zeker! De partij zal niks voor u doen. Het is altijd een mens die iets voor u doet.”

U gelooft sterk dat enkelingen verschil kunnen maken. Willy Brandt die knielde bij het monument Warschau, Jeanne Hersch, paus Johannes Paulus ...

“De geschiedenis staat er bol van. Alle mensen die ik interessant vind, álle denkers. Paus Johannes Paulus II dacht zelf na. In zijn onverzettelijke strijd tegen het communisme volgde hij zijn geweten. De Amerikaanse Rosa Parks stond haar plek in de bus níet af aan een witte passagier. Omdat ze wist: dit kan niet. Daar zie ik zoveel schoonheid in.

“Meestal zijn we niet zo moedig: we conformeren ons. We zeggen: met die smerige politiek heb ik niks te maken. Maar als er iets verkeerd is, doe er dan wat aan. Wees de persoon die zegt: hier kunnen we niet mee leven.”

We praten nog even na over Roger Scruton. De conservatieve Engelse filosoof lijdt aan kanker en heeft niet lang meer te leven. Gescinska heeft toegezegd hem in Londen te helpen met het opzetten van een doctoraalstudie.

“Scruton en ik zijn het op vele vlakken oneens, maar dat is juist stimulerend. Ik spreek hem graag, want hij heeft het beste voor met de wereld. Het maakt hem uit wat er met mensen gebeurt. Goede en slechte mensen tref je aan alle kanten van het politieke spectrum. Ja, slechte mensen jammer genoeg ook.”

Lees ook: 

‘Vrijheid is het meest misbruikte woord in de politiek’

Voor Alicja Gescinska, geboren in communistisch Polen, is vrijheid niet vanzelfsprekend. In 2012 maakte ze al  furore als filosofe, ‘gespecialiseerd in vrijheid’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden