ColumnStijn Fens

Eigenlijk mag deze column niet

U zult het misschien uit mijn mond niet geloven, maar er zijn dagen dat ik jaloers ben op de Protestantse Kerk in Nederland, afgekort PKN (en niet KPN zoals nog weleens gebeurt). Jaloers dus, in de goede zin van het woord. De PKN heeft in het hele land tientallen pioniersplekken, waar nieuwe vormen van ‘kerk-zijn’ worden uitgeprobeerd. Die experimenten variëren van nieuwe kloostergemeenschappen en kliederkerken voor kinderen, tot huisgemeentes en charismatisch ingestelde verbanden. De traditie is in beweging gekomen.

Niet alle initiatieven zullen de tand des smaaks kunnen doorstaan, maar de PKN heeft geld en er kan dus best veel. Meer dan bij de rooms-katholieke parochies. Dat heeft niet alleen te maken met de omstandigheid dat die niet zo rijk zijn als veel mensen denken, maar ook met het feit dat de parochies deel uitmaken van een hiërarchisch ingerichte kerk. Volg even de hypothetische gang van een creatief nieuw idee van een willekeurige pastoraal werker in een willekeurige Nederlandse parochie. Die denkt allereerst: “Wat zal mijn teamleider, een priester, er wel niet van vinden?” De teamleider denkt: “Eerst maar eens voorzichtig een balletje opgooien bij het bisdom.” Het bisdom denkt: eerst maar eens kijken wat Rome ervan vindt. De bisschop stuurt vervolgens een uitgebreid dossier naar het Vaticaan. Vervolgens wordt er vaak uit Rome niets meer vernomen en sterft het idee een stille dood.

‘Eigenlijk’ is een heel katholiek woord

Toch zitten de katholieken van ons land niet stil. Ook bij hen is creativiteit te vinden, maar uiterste voorzichtigheid lijkt daarbij de leidraad. Ik kom in nogal wat parochies en vaak hoor ik dan over leken die voorgaan, een tafelgebed dat net even wat anders is en over ander liturgisch ‘kattekwaad’. Vaak volgt dan dat ene zinnetje: “Eigenlijk mag het van het bisdom niet.” Alsof een middelbare scholier een biertje drinkt op een schoolfeestje en na de laatste slok verzucht: “Eigenlijk mag het van mijn ouders niet.”

Ik heb het hier weleens eerder geschreven: ‘eigenlijk’ is misschien wel het meest laffe woord uit de Nederlandse taal. Het zet een op zichzelf best aardige zin van het ene op het andere moment onder trajectcontrole. Bekijk het verschil tussen de volgende zinnen: “Zo’n mondkapje is nodig tegen verspreiding van het coronavirus” of “Zo’n mondkapje is eigenlijk nodig tegen verspreiding van het coronavirus.” Ik zou het wel weten, maar wat zou u kiezen?

Stelt u zich nu even mijn hersenen voor. (Ik ben geen professor Erik Scherder, maar goed: ‘Doet u even mee?’) Een zin heeft zich gevormd in mijn hoofd en is op weg naar de uitgang. Niets aan de hand en dan vlak voor het moment dat de gedachte helemaal compleet is, gooit een klein, bang mannetje het woord ‘eigenlijk’ er tegenaan. Weg feest. Verder is het woord ‘eigenlijk’ een heel katholiek woord. En, in combinatie met ‘mag het niet van het bisdom’, redelijk fataal.

Huub Oosterhuis mag eigenlijk niet

Laatst was ik in een parochie waar ik na de mis een man aansprak. “Hoe het daar ging”, wilde ik weten. “Heel goed”, antwoordde hij. “We doen dingen die eigenlijk niet mogen, maar de bisschop is ver weg.” In een andere kerk (zelfde bisdom) mogen geen liederen van Huub Oosterhuis worden gezongen, want ‘dat heeft het bisdom eigenlijk liever niet.’ Er schijnen in die kerk zelfs mensen te zitten die zodra het lied ‘Zomaar een dak’ wordt ingezet, hun telefoon pakken en het bisdom per mail op de hoogte stellen. Gelukkig is het bewuste bisdom eigenlijk niet geporteerd van dit soort verklikkers.

Ik hoor u denken: ‘Maar Stijn, jij hield toch zo van de klassieke liturgie en jij moest toch niks hebben van al te veel creativiteit op het priesterkoor?’ Dat kan best zo zijn, maar het gaat mij om het probleem dat zich achter het zinnetje ‘eigenlijk mag het niet van het bisdom’ verschuilt. Het is dat van een kerk die nog altijd last lijkt te hebben van een gezagsprobleem. Dat mogen zowel de kerkleiding als de gewone gelovigen zich aantrekken. Eigenlijk mag ik dat misschien niet zeggen.

De rooms-katholieke kerk in ons land bevindt zich op een cruciaal moment in haar bestaan. Dat vraagt om onverschrokkenheid en zo weinig mogelijk gebruik van het woordje eigenlijk. En misschien wel om een kliederkerk. Of eigenlijk toch maar niet? Niet tegen het bisdom zeggen hoor!

Trouw-redacteur Stijn Fens volgt de katholieke kerk al decennia op de voet en schrijft columns over het geloof en zijn persoonlijk leven. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden