Een week lang bidden tegen de slavernij van toen en nu

Beeld Hollandse Hoogte / Africa Media Online

Kerken staan deze week stil bij de slavernij en de bevrijding daaruit. Dat brengt hen ook op moderne vormen van onderdrukking en racisme. Daarmee zitten ze midden in het politieke debat.

Het is maandag, maar vanavond gaat Mink de Vries, docent en voorzitter van de Raad van Kerken in Zwolle, naar de kerk. Bomvol gaat het in de wijkkerk niet worden, maar hij verwacht toch zo'n honderd mensen bij de startviering van de internationale Week van het Gebed voor de eenheid van christenen. Er zijn alleen al in Zwolle deze week achttien vieringen. Een record, De Vries is er best trots op.

Vanavond, in de Zuiderhof, zet pater Wijbe Fransen het thema neer: slavernij, en de bevrijding daaruit. Fransen werkte jarenlang op Aruba, hij spreekt vaker over het slavernijverleden. Misschien neemt de pater wel wat Antillianen mee, hoopt voorzitter De Vries. Dan zou het kerkvolk meteen wat minder wit worden.

Recht door zee is het motto van de gebedsweek, naar het Bijbelse verhaal van de bevrijding van het onderdrukte volk van Israël uit Egypte. God baande voor hen een pad door de Schelfzee (de Rode Zee).

De Vries vindt het onderwerp goed gekozen. "Om me heen hoor ik wel dat de slavernij is afgeschaft", zegt hij. "Maar dat is niet zo. Er is een andere vorm van slavernij voor in de plaats gekomen. Mensen in ontwikkelingslanden zijn slaaf van het Westen. Kijk alleen al naar de edelmetalen die daar worden gedolven, voor onze mobieltjes. Nee, deze mensen zijn niet op schepen vervoerd, ze worden niet gevangen gehouden, maar ze zijn compleet afhankelijk."

Op de middelbare school waar hij lesgeeft ziet hij hoezeer het koloniale verleden nog doorwerkt. In de gezinnen van zijn Antilliaanse leerlingen ontbreekt vaak de vader. "Mannen werden vroeger weggevoerd. Ook nu nog zie je dat moeders meestal de tent runnen. Dat is gewoon een cultuurgoed geworden."

Week van het Gebed

Het zijn precies deze lijnen die de kerken op de Caraïben hebben uitgewerkt in het materiaal voor deze Week van het Gebed. Die wordt georganiseerd door de rooms-katholieke kerk en de Wereldraad van Kerken, samen goed voor zeker 1,7 miljard mensen. In Nederland zit ook MissieNederland in de organisatie. Vorig jaar deden hier circa 200.000 gelovigen mee.

Jaarlijks bereidt een land de gebedsweek voor. Vorig jaar was dat - vanwege vijfhonderd jaar reformatie - Duitsland. Dit keer is het het Caribisch gebied, dat met de Antillen een directe relatie heeft met Nederland en met de Nederlandse kerken.

Zelfkritiek

Dat die volop betrokken waren bij de slavernij, wordt in de toelichtende teksten bij de Week van het Gebed, volmondig erkend. De Raad van Kerken spreekt bij de introductie van het thema van 'onmenselijke uitbuiting' en 'beestachtige methoden' van kolonialen. De kerk - enkele, zoals de Quakers uitgezonderd - waren daar ook volop schuldig aan. Zendelingen praatten het systeem met de Bijbel in de hand goed, zo schrijft de Raad van Kerken. Zij versterkten daarmee het kolonialisme en de slavernij. Anderzijds benadrukken ze de bevrijdende boodschap van de Bijbel. Ze constateren dat die voor de slaven een bron van inspiratie was, 'een zeker weten dat God aan hun kant stond, dat God hen zou leiden naar de vrijheid'.

Voor het verleden heeft de Raad van kerken (een mix van katholieke en niet-orthodoxe protestantse kerken) verantwoording afgelegd in 2013, 150 jaar na de afschaffing van de slavernij. "Als kerken weten we ons deel van dit schuldig verleden en moeten we vaststellen dat theologie in bepaalde omstandigheden misbruikt is om de slavernij te rechtvaardigen", stond er in de verklaring van destijds, die, naar het oordeel van de kerken zelf, te laat kwam. Ze hoopten zich met de nazaten van de slavernij in te zetten voor een menswaardige samenleving, met vrijheid en solidariteit als elementaire waarden.

Excuses

"Je mag het excuses noemen, maar het was meer dan dat", zegt Klaas van der Kamp, secretaris van de Raad van Kerken. "Het was niet: we zeggen sorry, en we gaan over tot de orde van de dag. De verantwoordelijkheid voor het verleden blijven we dragen. De principes van toen spelen nog steeds. Wij zijn aanspreekbaar, nu en in de toekomst."

Of dat ook betekent dat de kerken in de Week van het Gebed ook moeten gaan praten over ongelijke verhoudingen nu, over racisme, over Zwarte Piet misschien zelfs, dat laat de Raad van Kerken graag over aan de geloofsgemeenschappen zelf. "Sommigen zullen er spiritueel over spreken, anderen vanuit maatschappelijk engagement", denkt de secretaris.

Maar persoonlijk legt hij de relatie met racisme zeker. De verhoudingen tussen zwart en wit, ongelijke kansen, discriminatie: voor hem zijn ze onlosmakelijk verbonden met de slavernij. In deze Week van het Gebed vertaalt hij dat zo: "In het gebed leg je geen verlanglijstje voor aan God. Je benoemt ook wat je zelf kan doen."

In het publieke debat is racisme een gevoelig thema, dat nogal wat controverse oproept. Op de keuze van het thema voor de Week van het Gebed heeft de Raad van Kerken nog geen kritiek gehoord. Dat was ook niet zo bij de verklaring die ze vijf jaar geleden uitbracht. Integendeel zelfs, orthodoxere kerken wilden zich er graag bij aansluiten.

Ook in Zwolle is het thema goed ontvangen, zegt voorzitter van de Raad van Kerken Mink de Vries. "Er is helemaal geen kritiek op gekomen", zegt hij. "Zwart-wit, dat ligt gevoelig. Maar de Raad van Kerken en MissieNederland hebben het thema heel goed gekoppeld aan het verhaal van Mozes, die Israël heeft bevrijd uit Egypte. Als je start bij bevrijding, dan is dit onderwerp helemaal geen punt."

Protest christenen tegen slavernij

In de protesten die er in christelijke kringen ook waren tegen slavernij, speelde het gebed een grote rol. In haar boek 'De afschaffers' doet historica Maartje Janse verslag van een openbare bidstond tegen de slavernij, in 1856 in de Amsterdamse Jordaan. Daar sprak J. van Eik over de 'bekeering van een neger', waarna hij opriep tot 'eene biddende werkzaamheid ten behoeve onzer ongelukkige natuurgenooten in de Nederlandsche West-Indische Bezittingen'. N.M. Feringa noemde slavernij vervolgens 'eene nationale zonde'. Bidden was naar het idee van de gelovigen ook een vorm van invloed uitoefenen op het politieke proces, schrijft Janse. Het Dames-Comité ter bevordering van de afschaffing der slavernij en evangelieverkondiging in Suriname, drong er bij de hervormde synode op aan predikanten te vragen wekelijks de voorbede te wijden aan de afschaffing van de slavernij, en vanaf de kansel ook de successen in de strijd te melden. De synode voelde daar niet voor; het landelijk bestuur van de kerk had al per brief aan Koning Willem III laten weten tegen slavernij te zijn. Dat vonden de heren voldoende.

Reacties

Janneke Stegeman, oud-theoloog des Vaderlands, auteur van 'Alles moet anders', onder andere een oproep tegen racisme

"Ik ben betrokken bij een paar kerken in Amsterdam, maar ik heb over dit thema niks gehoord. Jammer eigenlijk. Ik vind het een heel sympathieke insteek, ik zie het als een uitnodiging om aan de slag te gaan. Racisme heeft rechtstreeks te maken met slavernij, hoe kon het dat ook Nederlandse christenen in staat waren hun medemens zo te ontmenselijken? Als je je daarin verdiept, kom je uiteindelijk ook bij de vraag hoe dat doorwerkt, op je visie op de zwarte mens. Als je het bevrijdingsverhaal van de slaven koppelt aan het verhaal van de uittocht uit Egypte wordt het heel spannend. Het gaat dan ook over het verzet dat zit in bevrijdingstheologie. Aandacht daarvoor is goed en sterk. Het begint bij de verhalen van de mensen daar, maar ik hoop dat die ons ertoe brengen onze eigen verhalen te vertellen."

Esther van Schie, predikant bij de Protestantse Kerk in Nederland voor landelijk werk onder migranten

"Voor zover ik weet wordt er onder migranten niet veel gedaan met de Week van het Gebed. Het is heel Nederlands om zo'n week te organiseren, dit komt niet zo bij hen terecht, ze hebben hun eigen momenten, niet beperkt tot één week. In mijn eigen multiculturele kerk doe ik er ook niks mee. Daar zitten veel mensen uit Myanmar, Iran en Syrië, zij zitten meer met hun recente vluchtverleden. Bij Afrikaners speelt dit thema van de slavernij en kolonialisme en racisme altijd. Het is heel goed dat dit vanuit de Caraïben wordt aangedragen, gelukkig zijn het niet de blanken die de teksten opstellen voor de zwarten. Gebed is heel belangrijk. Je legt dingen aan de Schepper voor, maar het gebed verandert ook iets in jezelf. Als je bidt voor mensen ga je op een andere manier naar ze kijken."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden