Interview Kwame Anthony Appiah

‘Een leven zonder identiteit bestaat niet, maar til er niet te zwaar aan’

Kwame Anthony Appiah: ‘Alleen delen met de vent in de spiegel is saai.’ Beeld Maartje Geels

Filosoof Kwame Anthony Appiah is hot. Dit weekend is hij hoofdgast op het Brainwashfestival in Amsterdam, waar hij twee dagen spreekt over zijn nieuwe boek ‘De leugens die ons binden’.

Voor een uitverkochte zaal vol gemêleerde elite in het Amsterdamse Tropenmuseum klinkt het heldere BBC-Engels van Kwame Anthony Appiah. Het thema is identiteit, waarmee we de laatste jaren nogal worden doodgegooid. Waarom dan toch die grote opkomst? Wat maakt hem zo populair?

“Ik hoop dat het is omdat mensen kunnen aanhaken bij dit boek en denken: Oh, zo kan ik identiteit ook benaderen”, vertelt Appiah vlak van tevoren in een restaurant vlakbij. “Neem het begrip ‘culturele toe-eigening’. Witten zouden geen rastavlechtjes mogen, Chinese lampionnen op een feest kan volgens criticasters evenmin. Maar het is pas racisme als je Chinezen of zwarten niet respecteert. Cultuur is geen bezit, het is er om te delen, als mobiele ideeën die grenzen over moeten. Shakespeare schreef over een Deen, de grote Japanse poëet Basho was boeddhist en schreef in het Chinees. Je identiteit is iets dat je licht moet dragen.”

De kern van het nieuwste boek van Appiah, vertaald onder de titel ‘De leugens die ons binden’, is al die zogenaamd vaste identiteiten als nationaliteit, geloof en kleur te fileren. Wat is bruikbaar, wat is onzin? “Van links hoor je dat politiek om geld en belastingen draait. Aan rechterzijde hoor je dat alleen nationale identiteit telt. Maar ras en sekse zijn net zo goed onderdeel van politiek. We moeten meer praten over culturele en sociale dimensies. Krijgen bepaalde groepen wel genoeg respect?” Neem de Trumpfans die uit een gevoel van verwaarlozing op hem stemden, of de boeren op het Malieveld die waardering missen. “Die aspecten hebben we verwaarloosd”, zegt Appiah. “Vooroordelen, armoede, ze ondermijnen zelfrespect.”

Identiteit is nodig als binding

Toch bestaat een leven zonder identiteit niet. Groepen, zoals de 17 miljoen Nederlanders die elkaar niet kennen, hebben een identiteit nodig als binding, betoogt Appiah. “Het maakt ook solidariteit mogelijk, zodat je als groep voor elkaar zorgt.” Een identiteit kun je zelf aannemen. Maar anderen delen jou ook in, en daar kan het misgaan. “De leugens beginnen als je iemand labelt als een lid van een bepaalde categorie en vooroordelen hebt. De meeste mensen horen tot meerdere groepen en hebben een gemengde oorsprong. Het is niet zo dat twee mensen met een zwarte huid iets dieps delen, of dat vrouwen minder kunnen. Er is al veel progressie gemaakt, maar we moeten doorgaan de identiteit gender zo vorm te geven dat het niemand beschadigt.”

In het boek voert Appiah een Afrikaans jongetje op dat in 1707 via Amsterdam naar Duitsland komt en daar als Verlichtingsexperiment mag studeren. Hij promoveert, experiment geslaagd, een zwarte kan leren. Later worden Moren belasterd, volgens sommigen om de slavernij te rechtvaardigen. Appiah: “De identiteit ras krijgt pas in de 19e eeuw vaste vorm, net als natie, nationaliteit en homoseksualiteit.” Eén hoofdstuk gaat over geloof. Volgens Appiah draaien religies meer om gebruiken en gemeenschappen eromheen dan om de ware leer. Kortom: “De veronderstelde harde kern van een identiteit is er vaak niet.”

Het huidige politieke populisme doet Appiah denken aan een stammenstrijd. “In Engeland of de VS is geen ruimte voor compromis. De identiteit als Republikein of Democraat, pro- of anti-brexit is sterker dan een oplossing zoeken. Ondertussen is de klimaatcrisis elke maand moeilijker op te lossen.” 

Humanistische waarden als vrijheid, tolerantie, respect, moeten we aandacht blijven geven, betoogt Appiah op het podium. “Het gaat erom dat je de wil moet hebben om goed te handelen. Die waarden zijn niet westers, maar keuzes die mensen op elk continent moeten maken.”

‘Alleen delen met de vent in de spiegel is saai’

Ook schrijfster Karin Amatmoekrim staat op het podium. Zij vraagt Appiah: “Hoe kunnen wij fluisteraars degenen die brullen laten luisteren?” Uiteindelijk wint zand van steen, antwoordt hij: “Blijf optimist. Blijf verhalen vertellen, ook via de kunsten. Kunst gaat niet samen met populisme. Een pure cultuur zal sterven. Wie zich openstelt, hoort nieuwe dingen. Alleen delen met de vent in de spiegel is saai.”  

Na afloop vertelt fotografe Bernice Siewe waarom zij kwam: “Een zwarte man die kritisch over identiteit praat interesseert me. We hangen er te veel aan op. Ik heb nooit fijn gevonden om te zeggen: Ik ben lesbisch. Want je bent zoveel meer dan dat. Appiah laat je vrijer denken.”

Koningskind uit Ghana wordt topfilosoof

Kwame Anthony Appiah (65) ademt elite. Zijn vader was gelieerd aan het koningshuis van de Ashanti, het volk in Ghana dat rijk werd met slavenhandel. Zijn moeder is Brits, haar vader was minister. Toen zij vragen had over de Anglicaanse kerk, zat ze niet veel later met de aartsbisschop om tafel.

Appiah doceerde filosofie op Harvard, Princeton, Cambridge en Yale. Nu is hij hoogleraar aan de Universiteit van New York. Hij is al dertig jaar met zijn grote liefde Henry Finder, hoofdredacteur van weekblad The New Yorker.

Lees ook

De revolutionaire kracht van eergevoel

Wat beweegt mensen om te breken met discriminatie en barbaarse tradities? Eergevoel, denkt filosoof Kwame Anthony Appiah. Buitenstaanders kunnen een zetje geven, maar als bij hen respect ontbreekt, vergeet het dan maar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden