Interview

Een dochter met hoofddoek ging moeder te ver

Moeder Patricia van de Ven en Claudia Zara Hahn Beeld Jörgen Caris

Moslimjongeren en hun ouders vertellen over hun levens. Hoe anders zijn die? In deel vier van een serie: Claudia Zara Hahn en haar moeder Patricia van de Ven.

De dag dat Claudia Zara Hahn (28) voor het eerst met een hoofddoek op binnenkwam, werd het haar moeder teveel. Ze moest huilen. Claudia weet het nog goed - tot de lichtroze stof aan toe. "Ik was zo trots, zo van: nu ben ik echt moslim."

Aan de thee bij moeder Patricia van de Ven (60) blikken ze terug op de acht jaar dat Claudia, net juriste, nu moslim is. In haar moeders geheugen was de episode over de hoofddoek niet blijven hangen, zegt ze. "Wonderlijk. Maar het zou best kunnen hoor. Ik vond het moeilijk. Ik dacht: waar gaat dit heen? Heb ik straks mijn dochter nog wel?"

Het hondje van Claudia danst keffend om haar heen als ze opstaat om aardbeientaartjes te pakken. Moeder, acupuncturiste en fysiotherapeute, is katholiek opgevoed, maar nu het type spirituele zoeker dat wars is van instituten. Vader, die zes jaar geleden is overleden, was atheïst. Claudia: "Ik heb altijd geloofd in God. Weet je nog dat Aïsha, mijn vriendinnetje op de basisschool, met een hoofddoek kwam? De volgende dag ging ik ook met een sjaal om het hoofd naar school. En ik wilde ook gedoopt worden."

Moeder: "Ja, we hebben daar over getwijfeld, maar dat werd hem niet."

Vragen & antwoorden van Patricia en Claudia

Hoe belangrijk is religie voor je?
Moeder: Belangrijk
Dochter: Erg belangrijk

Hoe vaak ga je naar de kerk of moskee?
Moeder: Soms (maar minder dan 1 keer per maand)
Dochter: Soms (maar minder dan 1 keer per maand)

Hoe vaak bid je?
Moeder: Minstens 1 keer per week
Dochter: Elke dag

Lees je de Bijbel of de Koran?
Moeder: Nee
Dochter: Ja

Draag je een hoofddoek?
Moeder: Nee
Dochter: Nee

Drink je alcohol?
Moeder: Ja
Dochter: Nee

Eet je varkensvlees?
Moeder: Nee
Dochter: Nee

Vast je tijdens ramadan?
Moeder: Nee
Dochter: Nee, wegens ziekte

Chronisch vermoeid
Voor Claudia is het leven niet gemakkelijk. Ze lijdt aan PTSS, clusterhoofdpijnen, diabetes én chronische vermoeidheid. Claudia: "Jep, dat ben ik."

Moeder: "Ik snap wel dat ze zich meer dan anderen afvraagt waarom zij dit leven leidt."

Claudia: "In de Koran staat: God beproeft hen van wie hij houdt. En: hij beproeft de mens niet boven zijn vermogen."

Het begon met een islamitisch vriendje. Claudia: "Maar hij was niet echt praktiserend. Dus toen ik islamitisch ging leven, botste dat. Hij wilde stappen, ik had zin om naar huis te gaan om over de islam te lezen. Tsja. Dat ging dus uit."

Thuis kwam haar bekering als een onaangename verrassing. Op haar dertiende dronk en rookte Claudia al, vertelt Patricia: "Ze was er vroeg bij."

Claudia: "Mijn vader zei: 'Bekeerde meisjes zijn verkeerde meisjes'. Hij was alcoholverslaafd. Dus ik begrijp heel goed waarom alcohol verboden is in de islam. Dat verslavingsgevoelige zit in de genen. Ik ging dingen doen waar ik niet achter stond, met jongens, raakte verstrikt in ruzies, en kon me dingen achteraf niet eens meer herinneren. Voor mij is het beter dat God zegt: je mag helemaal niet drinken."

Moeder: "Ik heb mijn kinderen vrij opgevoed. En zeker na de scheiding, dat was een ingewikkelde tijd: ik zag dat mijn kinderen het ellendig hadden. Dan wil je het goed maken. Ik gunde ze de hele wereld, want ze waren al zoveel kwijt. 'Goh moet je kijken wat een mooie meiden', zeggen vrienden nu vaak tegen me over mijn dochters. Maar of ik het goed heb gedaan? Ik heb vooral geluk gehad, denk ik. Daar dank ik God op m'n blote knieën voor."

Claudia: "Ik zou mijn kinderen wel strenger opvoeden. Tot hun achttiende zijn ze mijn verantwoordelijkheid."

Lange rokken
In het begin was Patricia bang dat haar dochter de extreme kant op zou gaan, vertelt ze. "Je droeg van die lange rokken tot op de grond. Toen was ik wel even m'n leuke meisje kwijt."

Claudia: "Ik wilde me bedekken. En in het begin was ik héél streng, want bij mijn geloofsbelijdenis waren al mijn zonden vergeven. Dus ik wilde absoluut geen fouten maken. Inmiddels draag ik weer spijkerbroeken, maar wel altijd met iets langs over m'n heupen."

Patricia: "Ik was bang dat je de verkeerde mensen zou tegenkomen. Dat je extremistisch zou worden, in de zin van dat je met IS-sympathisanten zou omgaan - nee, dat kon ik me niet voorstellen. Daar ben je te intelligent voor."

Claudia: "Ik ken toch wel een paar mensen vanuit die begintijd die nu met dat soort dingen bezig zouden kunnen zijn. Daar blijf ik zo ver mogelijk van weg. Maar op internet kom je van alles en iedereen tegen. Ik ging destijds met een paar bekeerde meisjes om, we waren heel close, maar zij werden steeds extremer. Een paar van hen hebben me inmiddels verwijderd van Facebook. Waarom? Ik ben al acht jaar moslim en draag nog steeds geen hoofddoek. Er wordt verteld dat je geen Kerst zou mogen vieren bijvoorbeeld. Of dat je niet aan tafel mag zitten bij iemand die alcohol drinkt. Dat is voor mij bijna niet te doen: mijn hele familie drinkt zo nu en dan alcohol. Ik probeerde het wel hoor, stiekem, dan ging ik naar boven als mijn moeder een wijntje pakte."

Patricia trekt haar wenkbrauwen op. "Dat had ik niet eens in de gaten, joh."

Claudia: "Ik heb gelukkig een groepje islamitische vrienden gevonden die op dezelfde manier met het geloof omgaan als ik. Mensen die snappen dat de Koran in een andere tijd is geschreven. Uiteindelijk is het wel gelukt om mezelf te blijven. Toch, mam?"

Patricia: "Dubbel en dwars."

Alleen op reis
Of Claudia geprobeerd heeft haar moeder te bekeren? Patricia: "Re-gel-mat-ig ja."

Claudia: "Ik gun je gewoon ook mijn rust, dat is het."

Patricia: "Ik zou niet bij het instituut islam willen horen, en ook niet bij het christendom. Geen sprake van. Daar heb ik een ongelofelijke aversie tegen. Als ik zie hoe imams en pastoors preken? Hoe mensen op het verkeerde been worden gezet? Die extremisten, die ontstaan niet vanuit het niets."

Claudia: "Daarom is ze nog nooit mee naar de moskee gegaan."

Patricia is net terug van een pelgrimsreis naar Santiago de Compostella. "Ik wilde kijken of ik dat kan: alleen op zo'n reis gaan. Mezelf tegenkomen, dat wilde ik aangaan."

Claudia: "Ik vind je wel anders nu. Directer, eerlijker."

Patricia: "Vroeger was ik wel eens bang om iets tegen jou te zeggen."

Hoofddoek
Over één regel viel er met moeder Patricia niet te onderhandelen. Toen Claudia moslim werd, verbood ze haar een hoofddoek te dragen. Patricia: "Zolang je onder dit dak woonde, wilde ik dat niet zien. Ik vind dat je je er heel erg mee beperkt. Hoe moet je een stageplek vinden? Je zult anders bekeken worden."

Claudia: "Ik denk dat het mee kan vallen. Een vriendin die bekeerlinge is, en islamologe, die draagt er ook een, en vól overtuiging. Ik denk dat dat scheelt: als je uitstraalt dat je je niet schaamt, zullen mensen je eerder aanvaarden."

Patricia: "Ja, maar bij haar is dat ook haar vak, dat is toch iets anders?"

Sinds een half jaar woont Claudia op zichzelf. De hoofddoek is er nog steeds niet. Claudia: "Het beste zou zijn als ik die wel zou dragen. Maar ik zou nu weinig steun hebben in mijn omgeving."

Er ligt wel een sjaaltje om haar nek. Dat is handig voor bij het bidden: dan kan ze dat meteen omdoen. En in de moskee of op islamitische bijeenkomsten draagt ze de hoofddoek ook, vertelt Claudia. "Ooit ga ik hem overal dragen, en dan doe ik hem nooit meer af. Misschien als ik getrouwd ben, of kinderen heb gekregen. Ik zie de hoofddoek vooral als een teken van aanbidding. En er is meer: het staat voor seksuele onbereikbaarheid. Het maakt je herkenbaar als moslim, en minder aantrekkelijk." Een glimlach. "Vrouwen kunnen zich inhouden, mannen niet."

Dag des oordeels
Ze zit tussen twee vuren, zegt Claudia. "Moslims willen dat ik een hoofddoek ga dragen. Ik krijg steeds van alles over me heen. Dan vinden ze me geen 'echte' moslim, of helemaal geen moslim. Maar dat verketteren, daar doe ik niet aan mee. Voor mijn part drink je. Alleen God kent je beweegredenen. Men vindt het ook niet kunnen dat ik een hondje heb - het zou een onrein dier zijn. Moet ik iedereen gaan zeggen dat ik hem nodig heb vanwege mijn PTSS? Dat ik me minder alleen voel?"

Dit is precies waar moeder Patricia na haar katholieke opvoeding genoeg van had. "Waarom denken mensen al die dingen te kunnen bepalen voor anderen? Ik ben vroeger altijd braaf meegegaan naar de kerk, tot mijn zestiende. Mijn moeder vroeg de pastoor om raad: 'Het is een goed kind hoor, maar ze wil niet meer mee'. Zijn antwoord? 'God zal wel over haar oordelen'."

Ze is er nog verontwaardigd over. "Dat vond ik toch zó stuitend."

Claudia: "Hij had wél gelijk."

Patricia neemt een slok thee.

Claudia: "Jij vat het negatief op. Maar hij kan het ook positief bedoeld hebben: dat God wel zou begrijpen dat je niet naar de kerk wilde."

Patricia: "Ik denk gewoon niet dat het zo werkt, de dag des oordeels. Ik denk dat we zelf, met hulp van God en alle zielen naar ons leven zullen kijken. We zijn geen schapen."

Claudia: "Schepselen, mam! Kijk, moslims zeggen: ongelovigen gaan sowieso naar de hel, maar dat geloof ik niet. Je bent een goede moeder, dat is waar het God om gaat, denk ik."

Beïnvloeding moslimjongeren
Sociologen van de Universiteit Utrecht onderzoeken hoe het geloof van moslimjongeren in Nederland zich ontwikkelt. Vanaf 2010 volgden ze 5000 Nederlandse scholieren, toen 14- en 15-jarigen, nu zo’n 20 jaar oud. Ze zien dat jongeren vaak het geloof van hun ouders overnemen. Maar ze worden ook beïnvloed door anderen. Hoogleraar sociologie Frank van Tubergen: “Door vriendjes en klasgenoten kun je worden aangestoken. Als je gelovig bent opgevoed, en je zit in een klas met veel seculiere jongens en meisjes, krijg je daar iets van mee.” Andersom werkt het ook. Van Tubergen: “In een klas met veel gelovige kinderen behouden jongeren vaak hun geloof. Nederlandse jongeren die ongelovig zijn opgevoed en bijvoorbeeld islamitisch worden, dat is zeldzaam. Des te meer mensen op elkaar lijken, des te meer ze elkaar beïnvloeden. Turkse jongeren worden vooral beïnvloed door Turkse jongeren. Nederlandse jongeren het meest door Nederlandse jongeren.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden