interview

Een alternatief voor de islam aan de macht

De Zuid-Afrikaanse schrijver en moslimtheoloog Farid Esack in zijn huiskamer in Killarney, Johannesburg. Beeld Bram Lammers

Ooit vond bevrijdingstheoloog Farid Esack, net als veel moslims, dat de islam aan de macht moet zijn. Nu komt hij met een alternatief.

Door de microfoon klinkt een hoffelijk Brits-Engels, met af en toe een Zuid-Afrikaanse klank ertussendoor. De kleding van de islamitische theoloog Farid Esack vertoont Aziatische invloeden. Net zulke bonte schakeringen kent de bijeenkomst waarvoor hij Nederland aandoet: de Interfaith Conference. Afgelopen zaterdag vond die plaats in Den Haag.

Voordat de theoloog aan het woord komt, klinkt er een soefi-lied. Een imam van Diyanet, de moskeekoepel die onderdeel uitmaakt van de Turkse overheid, zingt het samen met een joodse vrouw die voorzanger is in de synagoge. En er is een hindoeïstische vrouw die een beeld van de hindoegod Ganesha liet zien: een olifant die op een muis zit. Voor de gelegenheid heeft ze een baby Jezus in zijn armen gelegd, zegt ze. Gegrinnik in het publiek. Even later wordt haar voordracht onderbroken door het geluid van de islamitische gebedsoproep. Een jongen grijpt met een rood hoofd naar zijn broekzak - het is zijn beltoon die klinkt.

Er komt nog een waarschuwing tussendoor over het programmaboekje. "Er staan religieuze teksten in, dus als je het niet meer gebruikt: gooi het dan alsjeblieft niet weg, maar laat het achter op de stoel."

Dan is het woord aan hoofdspreker Farid Esack. Hij is hoogleraar islamitische studies aan de universiteit van Johannesburg. Aan de zijde van Nelson Mandela streed hij tegen het apartheidssysteem. Later stelde Mandela hem aan als commissaris voor gendergelijkheid. Nu hij de wereld over reist voor conferenties als deze, ontmoet hij veel 'beroepsinterreligieuzen', zegt Esack, en dan gaat het altijd over 'bruggen bouwen, harmonie, dialoog'. "We moeten niet vergeten dat we soms ook grenzen moeten neerhalen. Ik zeg ook nooit: het einde van de apartheid. Ik zeg: de destructie van de apartheid. Dat is belangrijk. Laten we niet doen alsof Mandela naar de gevangenis is gegaan voor het organiseren van een reeks picknicks. Nee. Hij voerde een gewapende opstand tegen het apartheidsregime aan."

Toen Esack zelf vastzat voor zijn verzet tegen het apartheidsregime ontmoette hij veel christelijke leiders, vertelt hij. De korantekst die zegt: word geen vrienden met joden en christenen, liet hij voor wat die was. "Er staat ook: de gelovigen zijn broeders. Die christenen wáren mijn broeders. Zo werd ik de go-to-guy voor islamitische bevrijdingstheologie en pluralisme."

Bevrijdingstheologie komt op voor de onderdrukten en gemarginaliseerden. En die zijn er velerlei, zegt Esack. Als student in Birmingham leerde hij ene Salvin Gross kennen, een theoloog die inwoonde bij een katholieke orde. "Op een dag sprak ik hem, en zei hij: 'Ik ben net uit huis gegooid.' Hij had hun verteld dat hij eigenlijk een vrouw was. Een intersekse-persoon, geboren met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtskenmerken. Dokters besloten dat hij man was, maar zijn leven lang voelde hij zich een vrouw. En het probleem was: de katholieke kerk kan uitsluitend mannen tot priester wijden. Voor hen was het alsof ze het om een blik sardientjes ging. Zodoende stond hij nu op straat. Met behulp van mijn airmiles kon ze een vliegtuig naar Zuid-Afrika nemen."

Na afloop van zijn toespraak neemt Esack plaats in de foyer. Hij laat de stoel waarin hij zit ronddraaien. "Hoe het gaat met mijn zaak? Ik ben optimistisch noch pessimistisch. Een uitspraak van de profeet Mohammed luidt: 'Als het laatste uur komt, de oordeelsdag aanbreekt, en je bent op weg naar je plantage, met je zaden: Ga je gang, en plant ze.' Je moet je werk doen, ongeacht of het gaat lukken of niet."

U wilde op de kleuterschool al islamitische geleerde, worden. Hoe wist u dat?

"Nou, eerst wilde ik ijsverkoper worden. Maar toen ik er achter kwam dat de ijsjes niet het eigendom van de verkoper zijn, besloot ik iets anders te willen worden. Sjeik, dacht ik, islamitische geleerde. Het is een beetje gek hè, voor een kind? En er dan je hele leven aan vasthouden? Ik heb er wel een theorie over. Als kind herken je autoriteit van religieuze leiders, de mystiek en de kracht erachter. Ze preken, niemand gaat tegen hen in. Dat trekt mensen aan die zich onzeker voelen, denk ik. Nu ik ouder ben schort het trouwens niet meer zo aan mijn zelfvertrouwen."

Om geleerde te worden, ging u acht jaar lang naar een madrassa in Pakistan van een heel conservatieve religieuze beweging. Hoe hebben uw ideeën zich ontwikkeld?

"Er zijn van die momenten dat er iets gaat schuiven. Toen ik daar was, kwam de leider van de Zuid-Afrikaanse tak van de beweging, broeder Padia, me opzoeken. En mijn christelijke vriend was toevallig ook op bezoek. Derrick, een geweldige kerel. Een Pakistaan. Zij waren daar bezig met bevrijdingstheologie. En ik was heel erg enthousiast over de samenwerking met hen. Maar: ik moest ze dus aan elkaar voorstellen. En zo gauw als ik de naam 'Derrick' uitsprak, vroeg broeder Padia: 'Ben je moslim?' Dus hij zegt: 'Nee, ik ben christen.' Waarop Padia naar mij kijkt, en me vraagt: 'Heb je het met hem over de islam gehad?' En ik denk: Derrick is toch okay zoals hij is? Waarom zou ik hem vragen iets anders te worden? Dus ik wist niet was ik moest zeggen. Maar broeder Padia vraagt Derrick: zeg de shahada op, de islamitische geloofsverklaring: 'Ik geloof in God en Mohammed is zijn laatste profeet.' En Derrick weigerde natuurlijk. En je moet weten: Ik hield van broeder Padia, ik groeide met hem op, hij was een geweldige man. Ik zat gevangen tussen hen beiden. Zulke dichotomieën heb ik later vaker moeten oplossen. Bij dit soort dingen weet je gewoon: het klopt niet. Zo ontwikkel je je ideeën."

U bent tegen het oprichten van een staat op basis van 'bloed of religie'. Waarom?

"Eerlijk gezegd steun ik het hele idee van staat niet. Ik ben een beetje een anarchist. Maar een staat oprichten op basis van bloed of religie vind ik nog problematischer. Wat doe je met die mensen die al in dat gebied zijn, en die niet die eigenschappen hebben? Die worden permanent een minderheid gemaakt. Je begint met 'geen blonde mensen hier', of 'geen mensen met blauwe ogen', en het logische gevolg is etnische zuivering en holocaust. Met religie is het net zo. Er zijn zoveel onderlinge verschillen binnen religies. Dus als je een islamitische staat opricht, welke islam krijgt het dan voor het zeggen? Het draait onherroepelijk uit op vernietiging van de religieuze diversiteit binnen een gemeenschap."

Er zijn toch heel wat staten waar de islam de staatsgodsdienst is.

"Ja. Helaas zijn de elementen in de moslimwereld de afgelopen eeuw niet creatief genoeg geweest. Zij dachten dat je alleen je geloof kon belijden vanuit het raamwerk van een staat. Ik denk dat het te maken heeft met het wijdverspreide geloof onder moslims dat de islam krachtig moet zijn, aan de macht moet zijn. Dat geloofde ik vroeger ook. Ja, natuurlijk. Niet dat het een weldoordacht idee is. Meer een vage gedachte dat de wereld een betere plaats wordt als de islam de dominante religie wordt. Niet de dominerende religie. De islam die onze levens leidt, in plaats van bestuurt: dat idee is bijna universeel onder moslims. Ik grap dan altijd dat we de islam aanbieden als oplossing voor de problemen van de wereld, ook al begrijpen we de problemen helemaal niet.

"Voor de meeste moslims zijn er maar twee paradigma's, die ze baseren op de begintijd van de islam. Het Mekka-paradigma, waar we onderdrukt waren, en het Medina-paradigma, waarin we het voor het zeggen hadden. In Mekka waren we een minderheid. De Profeet was er geboren, hij leefde er 13 jaar, en toen hij zich profeet ging noemen, was hij er de leider van een vervolgde minderheid. Dat is ons ene paradigma: wij moslims zijn een vervolgde groep, we zijn de slachtoffers.

"Dan is er een ander paradigma: dat van Medina. De profeet en zijn volgelingen werden naar die stad verbannen. Maar in de onderhandelingen over die migratie kreeg hij het leiderschap aangeboden van die stadsstaat. Daar werd de moslimgemeenschap ineens een dominante heersende gemeenschap."

Hoe luidt uw alternatief?

"De vraag is: moet je kiezen tussen deze twee, of is er nog zoiets als co-existentie? Waar je leeft in harmonie met anderen, als gelijken, waar het leven geven en nemen is?

"Die gedachte is helaas niet significant aanwezig in de hedendaagse verbeelding van moslims. Maar in de begintijd van de islam is er wel degelijk zo'n paradigma aanwezig. De Abessinische periode. Vanuit Mekka is een groep volgelingen van de Profeet gevlucht, die zochten hun heil in Ethiopië. Daar leefden ze in comfort en veiligheid, onder jurisdictie van hun koning, en ze mochten het geloof verspreiden. Ze hadden niet de intentie om de religie als een politieke entiteit te vestigen. Juist in deze moderne tijd, en voor moslims in het Westen, kan die periode als inspiratiebron dienen. Dus probeer ik dit uit de vergetelheid te krijgen."

In een eerdere versie van dit artikel wordt de periode waarin volgelingen van de profeet Mohammed naar Ethiopië vluchtten de Abbasydische periode genoemd. Dat klopt niet. In werkelijkheid gaat het om de Abessinische periode.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden