Stijn Fens Beeld Trouw

Column Stijn Fens

Dwalen door de kerk van mijn jeugd

Je zou het een omgekeerde schemering kunnen noemen. Het moment in de zomermaanden – rond een uur of zes in de ochtend – waarop de nacht zijn plaats moet afstaan aan de dag. Soms ben ik dan al wakker en dwalen mijn gedachten af naar de kerk van mijn jeugd. Het is meer dan alleen denken: ik ben er dan gewoon en zie de gezichten van mijn familie, mijn klasgenoten en – wat verder weg- van de pastoor op het priesterkoor. Hij praat, maar ik kan hem niet horen­­. Ik laat mijn ogen gaan over de volle kerk. Opnieuw herken ik hier en daar mensen. De apotheker uit ons dorp met zijn vrouw, de directeur van de VVV, de man die elke maand bij ons thuis aan deur kwam om geld op te halen voor het begrafenisfonds. Dan ben ik weer terug bij de pastoor. Hij houdt de hostie omhoog en daarna de beker met wijn. Ik heb het allemaal al eens gezien en nu zie ik het opnieuw.

Herhaling van zetten.

Nu zijn herinneringen soms onbetrouwbaar, dus helemaal op mijzelf afgaan kan ik niet, maar wat mij opvalt als ik in die kerk ronddwaal, is hoe vanzelfsprekend het allemaal was. Je ging gewoon elke zondag naar de kerk en je was niet de enige. Ook de inrichting van het kerkgebouw stond vast. Het soort banken, de plaats van het altaar en de heiligenbeelden die alles met gezag gadesloegen.

Die zekerheden zijn al lang verdwenen. Van al die mensen die vroeg in de ochtend in mijn hoofd de revue passeren, zijn er veel overleden en van de overlevenden gaan er nog maar weinig naar de kerk. De heiligenbeelden zullen er nog wel staan, maar veel van hun collega’s zijn hun leven niet meer zeker in deze tijd van parochiefusies en kerksluitingen. Reken maar dat die beelden het daar onderling over hebben.

Gelukkig is er een Heiligenbeeldenmuseum, in Kranenburg, tussen Vorden en Ruurlo in de Achterhoek. Het museum fungeert min of meer als een asiel voor overbodige en afgedankte Jozefs, Maria’s, Jezussen en vele heiligen. De setting is prachtig: de collectie wordt tentoongesteld in de voormalige Antonius van Paduakerk, het oudste nog bestaande kerkgebouw van meester­architect Pierre Cuypers . Bij de kerk hoorde ooit ook nog een Franciscanenklooster, maar dat hield het nog geen honderd jaar vol.

Niets is meer eeuwig houdbaar, niets meer vanzelfsprekend.

Een tijdje geleden ben ik in dat Heiligenbeeldenmuseum geweest. Het was geloof ik op een zaterdag en toen ik voor de deur stond, was het nog niet open. Op een gegeven moment kwam er een auto aan. Er stapten een man en een vrouw uit. Ze liepen naar de ingang van het museum en de man deed de deur open. Hij kwam al snel weer naar buiten en hing twee vlaggen op: de Nederlandse en die van het Vaticaan. Toen mochten we naar binnen. De kerk stond inderdaad vol met beelden. Later hoorde ik dat er zelfs in ruimtes onder de vloer nog tientallen andere heiligen liggen te wachten om ooit het licht te zien.

Bij mijn bezoek aan het museum was er een thematentoonstelling over heiligen en hun patronaten. Zo maakte ik nader kennis met Koenraad van Parzham, patroon van de portiers, herkenbaar aan een sleutel. En daar was Florianus van Lorch, beschermheilige van brandweerlieden en schoorsteenvegers en ook Arnoldus van Metz, de heilige die zich in het bijzonder bekommert om molenaars en bierbrouwers, had de tentoonstelling gehaald. Al die heiligen waren daar nog, maar hun aanwezigheid in onze wereld is allang niet meer vanzelfsprekend, zelfs niet onder portiers, brandweermannen en bierbrouwers.

Een vrijwilligster vertelde me nog dat in de jaren zestig tijdens de zogenoemde ‘tweede beeldenstorm’ in Nederland, nogal wat heiligenbeelden van deze Antonius van Paduakerk waren kapotgeslagen. Het verhaal gaat dat het overgebleven puin gebruikt is bij de verharding van een zandweg, gelegen in de nabijheid van de kerk. Later reden we over die weg, de Ganzensteeg. Het was een raar idee dat ergens onder ons de resten van heiligenbeelden begraven lagen.

Het schijnt dat als je ’s morgens rond zes uur tijdens de omgekeerde schemering over de Ganzensteeg rijdt, je die heiligen hun gebeden nog hoort prevelen. Als herinneringen die boven komen drijven. Dingen lijken soms verdwenen, maar zijn nooit helemaal weg.

Trouw-redacteur Stijn Fens volgt de katholieke kerk al decennia op de voet en schrijft columns over het geloof en zijn persoonlijk leven. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden