ColumnStijn Fens

Dit is nu mijn mooiste kerk

Eigenlijk was ik van plan om hier over iets lelijks te schrijven. Iets afschuwelijk lelijks, namelijk de handel en wandel van misbruikkardinaal Theodore McCarrick. Ik had willen uitweiden over het Vaticaanse onderzoek naar zijn seksuele wandaden en desondanks glanzende carrière, het onuitroeibare klerikalisme in de rooms-katholieke kerk en over Johannes Paulus II en zijn te haastige heiligverklaring. Maar er kwam iets tussen. Sorry. De tekst die ik in mijn hoofd had, zette ik bruusk de grens over naar het land van de door mij nooit geschreven columns.

Juist nu wil ik het over schoonheid hebben en wel hierom. Deze week luisterde ik naar ‘The Lock In with Jeremy Paxman ’, een podcast van deze oud-BBC journalist. Het ­betrof de aflevering met Michael ­Palin, die u kunt kennen van zijn reisprogramma’s en zijn werk met  Monty Python. Het was een gesprek zonder duidelijke focus, ogenschijnlijk openhartig – maar ook weer helemaal niet – en vooral geestig. Het ging over Palins werk, over sterfelijkheid en over geloven. “Je bent helemaal niet religieus”, zei Paxman. “Jawel hoor”, antwoordde Michael Palin. “Een beetje religieus ben ik wel. Ik ben een agnost met twijfels en gewoonweg niet bereid om honderd procent atheïst te zijn.” Vervolgens kwam de vraag waar je op kon wachten voor iemand die veel gereisd heeft: ‘Had hij een favoriete kerk?’ Palin noemde meteen een kerk in Blythburgh, Suffolk, ‘which is rather fine’.

Ik ging meteen kijken op internet en werd van mijn stoel geblazen bij de aanblik van de Holy Trinity Church aan de oever van de rivier de Blyth. Wat een beschaafde schoonheid stond daar in de verte. Inderdaad ‘rather fine’. Wat een rust ging er van dit kerkgebouw uit, dat beroemd bleek te zijn om zijn laatmiddeleeuwse plafond. Een foto liet een leeg interieur zien. Nadat de laatste kerkganger de deur had dichtgedaan, had God het licht aangelaten. Ik nam me voor, zodra het weer kan, naar het oosten van Engeland af te reizen en het wonder met eigen ogen te aanschouwen.

Onmiddellijk vroeg ik me ook af wat ík de mooiste kerk vond. Het denken hierover duurde een paar dagen en verliep nogal voorspelbaar, zoals je bij een verjaardagsfeest eerst je familie en beste vrienden uitnodigt. Dus dacht ik aan de mij zo vertrouwde San Clemente in Rome en de Sint-Franciscusbasiliek in Assisi, beide zijn complexe gebouwen in lagen. Het houdt eigenlijk nooit op, er is altijd iets boven of onder je. Of misschien toch een andere trouwe kennis, San Giorgio in Velabro, weer in Rome. Nogmaals sorry. Een kleine, sobere zevende-eeuwse kerk in de schaduw van de Palatijn, toegewijd aan de heilige Joris. Onder het altaar daar wacht zijn schedel al eeuwen op de jongste dag.

Nadat nog een paar favorieten waren langsgekomen, besefte ik dat ik al die kerken leeg voor me zag. Zonder gelovigen. Schoonheid gaat immers vaak samen met verlatenheid. Toch zat die gedachte me niet helemaal lekker. De architectuur van een kerk is onlosmakelijk verbonden met de liturgie en dus met een priester die de mis viert en met biddende mensen. Een katholieke kerk die aan de eredienst onttrokken wordt, verliest voor mij iets van haar glans.

En toen kwamen er heel andere kerkgebouwen in een weemoedig defilé aan mij voorbij. Ze zaten vol mensen en de namen zijn minder prestigieus. De Agatha in Zandvoort, de kerk van mijn jeugd waar ik achter mijn moeder aan te communie ging. De Papegaai in de Kalverstraat in Amsterdam waar ik als kind in een kerstnacht getuige was van de geboorte van Jezus, die in een voor mij toen nog mysterieuze taal lof werd toegezongen. En tenslotte de derde kerk, de Nicolaasbasiliek vlakbij Amsterdam Centraal. Voor mij op dit moment de mooiste, want daar hoor ik tegenwoordig thuis.

Architectonisch zijn er mooiere kerken, ook in Amsterdam. Maar San Giorgio in Velabro en San Clemente in Rome en ja, zelfs de Holy Trinity Church in Blythburgh kunnen niet tippen aan de intrinsieke schoonheid en intimiteit van mijn mooiste kerk. Deze tijd doet meer dan ooit een beroep op ons voorstellingsvermogen. Maar zie: daar zit ik in mijn mooiste kerk in de kerstnacht. De kerk is bomvol. Het koor zet ‘Hark! The Herald Angels Sing’ in. Ik voel alleen maar schoonheid en zing uit volle borst mee.

Trouw-redacteur Stijn Fens volgt de katholieke kerk al decennia op de voet en schrijft columns over het geloof en zijn persoonlijk leven. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden