Recensie

Dit boek is een perfecte kennismaking met het denken van Michel Foucault

★★★☆☆
Herman Westerink
De lichamen en hun lusten. In het spoor van Foucaults ‘Geschiedenis van de seksualiteit’ 
Uitgeverij Vantilt, 263 blz., € 22,50

De schrijver

Herman Westerink doceert godsdienstfilosofie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Hij publiceerde onder meer ‘Verlangen en vertwijfeling. Melancholie en ­predestinatie in de vroege moderniteit’ (2014) en ‘Lust en onbehagen. Over de blijvende betekenis van de psychoanalyse’ (2017). ­Westerink is gespecialiseerd in de studie van de christelijke spiritualiteitstraditie.

De motivatie

Westerink droomde er altijd al van een boek te schrijven over Michel Foucault, die hem diepgaand heeft beïnvloed. De recente vertaling van het vierde deel van ‘Geschiedenis van de seksualiteit’ bleek een mooie aanleiding. Maar Westerink heeft nóg een reden. Door Foucaults inzichten in ascese en mystiek verder te exploreren, wil hij een bijdrage leveren aan de studie van de christelijke spiritualiteitstraditie.

De insteek

De ‘Geschiedenis van de seksualiteit’ van de Franse filosoof Michel Foucault (1926-1984) is een mentaliteitsgeschiedenis in meerdere delen. Het eerste deel gaat over de achttiende eeuw. Toen ontstond in het Westen de overtuiging dat spreken over seksualiteit iets fundamenteels zegt over ‘wie de mens is’. Allerlei instituties en praktijken gingen zich met seksualiteit bezighouden. Aanvankelijk was het Foucaults bedoeling om na het eerste deel (‘De wil tot weten’) een boekdeel te publiceren over de negentiende eeuw, met het ontstaan van de scientia sexualis (wetenschap van het seksuele) en de psychoanalyse. Maar dat liep anders.

De achtergrond

Foucault heeft veel geschreven over macht. Hij stelde vast dat het brute geweld van de middeleeuwen gaandeweg werd vervangen door meer subtiele vormen van machtsuitoefening, via instituties zoals het gevangeniswezen of de psychiatrie. Zo vraagt de psychiater aan de patiënt om te spreken over zichzelf, niet alleen om inzicht te krijgen in wie hij is, maar ook om hem subtiel te kunnen controleren en normaliseren. Later verschoof ­Foucaults aandacht van instituties naar de verhouding van het individu tot zichzelf. Hoe geeft een persoon zichzelf vorm via zelfoverdenking en zelfonderzoek? Blijkbaar gebeurt dat in elke historische periode op een andere manier. 

Zo wijzigde ook de opzet van de ‘Geschiedenis van de seksualiteit’. Foucault ging nu eerst kijken naar de antiek-filosofische en vroegchristelijke omgang met ­lichaam en lust. Hij vroeg zich af waarom seksualiteit in het Westen  verbonden is geraakt met een ‘verbiedende wet’. Want in de oudheid was dat nog niet zo. Toen werd lust beschouwd als een ‘noodzakelijke behoefte’ die bevredigd moet worden, zij het met mate. Mensen moeten zich oefenen in het ­bedwingen van de lust.  

De uitwerking

Die morele houding veranderde met het christendom. Lust en ­begeerte werden nu beschouwd als ‘slechte krachten die huizen in het diepst van de ziel’. Merkwaardig genoeg kunnen mensen deze krachten voortaan niet meer op ­eigen houtje de baas via oefeningen in zelfbeheersing. Ze hebben een leidsman nodig, de pastor of abt, aan wie ze absoluut moet ­gehoorzamen. In lijn daarmee ligt de ‘bekentenis’: de verplichting om ­alle verborgen gedachten, gevoelens en gewaarwordingen te verwoorden in aanwezigheid van de leidsman. Foucault toont hoe deze verschuiving al in de late oudheid vorm kreeg bij de Stoa, die het libido al begon te problematiseren. 

Maar het echte hoogtepunt in de verschuiving van het denken over seksualiteit vindt Foucault bij Augustinus. Hij plaatste huwelijkse trouw in functie van de voortplanting centraal. Dat betekende meteen een enorme problematisering van de lust en leidde tot een ‘juridisering van het morele’. Er kwamen lijsten van geoorloofde en ongeoorloofde seksuele gedragingen, inclusief de mogelijkheid ongeoorloofd seksueel gedrag te bestraffen.  

Redenen om dit boek niet te lezen

Westerink is zo vermetel Foucaults geschiedenis ‘aan te vullen’ met ­auteurs die de Franse filosoof ­buiten beschouwing laat, zoals Thomas van Aquino en Teresa van Avila. Daardoor is niet altijd duidelijk wie spreekt: Westerink of Foucault. Dat deze aanvullingen ­gedacht zijn ‘in lijn met Foucault’, betekent voorts nog niet dat de Fransman het ermee eens zou zijn geweest.

Redenen om dit boek wel te lezen

Dit is een uiterst heldere uiteenzetting van het ideeëngoed van ­deze moeilijke filosoof, terwijl Westerink toch recht doet aan de complexiteit ervan. In die zin is het boek een perfecte kennismaking met het denken van Foucault.

Lees ook: 

Waren de Atheners allemaal een beetje bi?

De oude Grieken waren helemaal niet zo liberaal, betoogt Sam Janse. Herenliefde was wel geaccepteerd, maar de verhoudingen tussen sekspartners waren zelden gelijkwaardig. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden