Dilemma: het 'graf van Jona' bewaren of Nineve opgraven?

'Jonas uitgespuwd door de walvis' van Gustave Doré. Beeld Wikimedia

Wat te doen met de tombe waarin de profeet Jona zou liggen? Archeologen in het verwoeste Mosul moeten kiezen: de tombe in ere herstellen of een per ongeluk ontdekt deel van de bijbelse stad Nineve opgraven.

De moskee waar de tombe in stond, is drie jaar geleden verwoest door Islamitische Staat. Een geval van beeldenstorm: IS meent dat graven niet thuishoren in moskeeën. Zo raakte een belangrijk bedevaartsoord voor soennitische moslims verminkt. Daar in oost-Mosul staat nu alleen nog de tombe overeind, en die bevat volgens de islamitische overlevering het lichaam van niemand minder dan Jona.

De bijbelse profeet kreeg van God de opdracht om de inwoners van de bandeloze stad tot inkeer te brengen. Dat lukte hem, waarop God besloot om de stad niet te vernietigen.  Het verdwijnen van het gebedshuis rond de profeet, die ook door moslims wordt vereerd is vervelend, maar geen ramp. De betonnen moskee stamde uit de jaren ’80 en kan vrij makkelijk vervangen worden door een nieuw exemplaar. Overigens is al een tijd duidelijk dat het niet Jona is die in de tombe ligt - hoogstwaarschijnlijk gaat het om een christelijke geestelijke uit de zevende eeuw die voor hem wordt aangezien.

Een Irakese soldaat in de door IS uitgegraven tunnels. Beeld AFP

Onder de grond

Interessanter en lastiger is dat IS ook onder de grond aan het werk is geweest. Tijdens hun beeldenstorm ontdekten strijders daar een ondergronds gangenstelsel dat leidde naar de ruïnes van een paleis. Dat hebben ze deels uitgegraven, genoeg voor archeologen om nu te zien dat die tempel stamt uit de tijd van het Assyrische Rijk, de tijd van de bijbelse stad Nineve. Ooit, eens tussen 705 en 681 voor Christus, hield de Assyrische koning Sennacherib zich hier op. Een archeologische doorbraak dus, als onbedoeld gevolg van een vernietigingstocht.

Direct beginnen met opgraven is er niet bij. Om de tempel bloot te leggen, moeten de archeologen langs Jona's tombe heen werken, en hem waarschijnlijk deels afbreken en verplaatsen. De lokale islamitische autoriteiten onder wiens verantwoordelijkheid de moskee valt, staan daar niet om te springen. Zij hebben niet zonder meer het laatste woord, maar de archeologen moeten er wel met hen uitkomen. En dat kan nog wel eens lastig worden, meldt Religion News Service (RNS). De gesprekken verlopen ‘moeizaam’.

Voorlopig is het dus Jona tegen Nineve: er komt een nieuwe moskee of een uitgebreide opgraving. In dat laatste geval is het bedevaartsoord slecht tot niet bereikbaar, in dat eerste geval zullen we misschien nooit weten welke historische schatten en inzichten die tempel te bieden heeft. Al was het maar omdat de bouwers zo veel druk op de bodem zetten dat de tunnels naar de tempel instorten.

Een opgraving zou aangename verrassingen kunnen opleveren, zegt archeoloog Eleanor Robson van het Britse Instituut voor de Studie van Irak tegen RNS. Neem de rijk geïllustreerde stenen platen in de vrouwenvleugel van het paleis. Robson: “Ik heb nog nooit stenen werken van dit formaat gezien.”

En dan is er nog de ontdekking die een tijdje terug een Iraakse collega-archeoloog deed. Hurmozd Rassam wilde graven op het terrein van de moskee, kreeg daar geen toestemming voor en ging daarom even verderop aan de slag. Hij stuitte er op de Ashurbanipal-bibliotheek, ooit het bezit van een van de laatste Assyrische koningen. Die bevat duizenden tabletten met daarop geschiedschrijving die een periode van ruim duizend jaar beslaat. Wat als er onder de moskee ook schatten van dat formaat liggen? Maar eerst dus de islamitische autoriteiten overtuigen.

Lees ook: Hoe IS een archeologische schat vond

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden