De staat van katholiek Nederland

Deze jongeren gaan niet naar de kerk omdat het moet, maar uit overtuiging

Josper Jongeneelen met zijn moeder Astrid en vader Gé. Beeld Otto Snoek
Josper Jongeneelen met zijn moeder Astrid en vader Gé.Beeld Otto Snoek

De katholieke kerk vergrijst, maar nog steeds zijn er jonge mensen die uit overtuiging actief worden in de kerk. Wat brengt en houdt hen in de kerk? Drie portretten van de nieuwe generatie.

Maaike van Houten

‘Ik werd gegrepen door de liturgie’

Josper Jongeneelen (28), beleidsmedewerker bij het ministerie van infrastructuur en waterstaat. Lid van de parochie Maria Sterre der Zee in Den Haag.

Josper Jongeneelen woonde tijdens zijn studie in Leiden achter een katholieke kerk, maar hij kwam er nooit. Nadat hij in Rome een filosofiecursus had gevolgd, ­bedacht hij zich dat de katholieke kerk antwoorden had op alle levensvragen die filosofen opwierpen. Terug in Leiden ging hij naar de kerk. “Ik ben er nooit meer weggegaan.”

“Ik werd gegrepen door de liturgie. De wierook, de gezangen, kleine elementen ook, zoals de buiging voor de naam van Jezus. Het samenspel intrigeerde me en de preek vond ik ook mooi”, zegt hij over die hernieuwde kennismaking met de kerk.

Josper groeide op in Brabant in een ‘typisch katholiek gezin’. Op school deed ­iedereen communie, de meesten werden gevormd. Het gezin ging met kerst naar de kerk. “Het geloof nam geen belangrijke plaats in. Dat was voor in de kerk”, vat hij zijn katholieke opvoeding ­samen.

Na die eerste keer in Leiden ging hij vaker. De kerkgang kreeg een vast ritme, hij sprak met een priester en met andere jongeren over zingevingsvragen. “Wat wil ik met mijn leven? Wat is de mens? Ben je gelukkig als je leeft vanuit je behoeftes, of hoort bij geluk ook dat je je inzet voor goede doelen, en relaties onderhoudt met anderen, ook die het minder hebben dan jij?”

In deze gesprekken en in de christelijke traditie vond hij antwoorden. Hij is nu actief in de parochie in Den Haag, de plek waar hij na zijn studie naartoe verhuisde. Hij assisteert bij de mis, hij zet zich in voor caritas en catechese.

Seksueel misbruik

Hij heeft goed nagedacht voordat hij die stap zette. Dat de katholieke kerk abortus en euthanasie afkeurt, vindt hij nog wel in lijn met christelijke opvattingen over leven en dood. Dat vrouwen geen priester mogen worden raakt hem persoonlijk niet. Maar het seksueel misbruik, de negatieve houding tegenover het homohuwelijk: wilde hij bij een organisatie horen die dat aankleeft?

“Het seksueel misbruik blijft een smet”, zegt Josper. “Mensen vragen ernaar, en dat blijft ongemakkelijk. Je kunt en moet het niet ontwijken. Maar het is van voor mijn tijd en ik geloof dat de kerk er wel wat van heeft geleerd. De slachtoffers zijn serieus genomen, er is compassie getoond. Barmhartigheid en naastenliefde, daarin zie je de meerwaarde van de kerk.”

Binnen ‘alle heikele thema’s’ vindt hij het standpunt van zijn kerk over homoseksualiteit het moeilijkst. “Ik ken zelf homo’s die verliefd zijn, dit raakt mij persoonlijk. Er is er maar een die bepaalt of dit goed is, en dat is niet de kerk, maar God.”

De kerk is voor hem niet zomaar een stapel stenen. Het is een heilige plek. “In de eucharistie vindt de ontmoeting met God plaats. Het kost tijd om je daar op gevoelsniveau mee te verenigen. Het ontvangen van het brood en de wijn als het lichaam en het bloed van Jezus, dat is iets unieks. Ik vind het heel mooi dat God zo bij ons komt. Daarom zeg ik niet zomaar: o, deze zondag heb ik wat anders, ik sla wel een keer over. Nee, op zondag ga ik naar de kerk.”

‘We zijn op zoek naar de betere versie van onszelf’

Hugo en Noëlle Boon. Beeld Werry Crone
Hugo en Noëlle Boon.Beeld Werry Crone

Hugo (25) en Noëlle (26) Boon. Hij is voorbereider van technische installaties in de bouw, zij werkt bij een adviesbureau voor zorgpersoneel. Ze kerken vooral in de Sint Pancratiuskerk in Heerlen.

Hugo en Noëlle Boon zijn beiden katholiek opgevoed. Anderhalf jaar geleden zijn ze voor de kerk getrouwd, ze gaan elke zondag naar de mis. Maar voor geen van beiden was dat een automatisme, daar ging een bewuste keuze aan vooraf.

Los van elkaar besloten Noëlle en Hugo in hun tienertijd bij de kerk te blijven. “Ik maakte die keus toen ik 16 was”, zegt zij. “Op school zeiden andere leerlingen dat ik dat niet moest doen. Dat voelde lastig. Maar het geloof is voor mij een stukje zingeving, de kerk helpt me om te aarden en te landen.”

Haar man Hugo zag op de middelbare school ook veel klasgenoten afscheid nemen van de kerk – als hun ouders dat al niet hadden gedaan. “Je staat op een kantelpunt”, memoreert hij. “Ga je met je vrienden van school losbandige dingen doen? Ja, drank, drugs en vrouwen? Of ga je op zoek naar een betere versie van jezelf? Daar ben ik voor gegaan.”

Het jonge paar kent elkaar uit de kerk. Beider ouders richtten vanuit hun geloof de stichting Chrisko op. Bij deze hulporganisatie zijn Noëlle en Hugo zelf ook betrokken. Ze gaan jaarlijks op kamp met kinderen die tussen wal en schip raken, ze staan gezinnen bij die het moeilijk hebben, eens per jaar gaan ze als vrijwilliger mee op bedevaart naar Lourdes.

“Hier wordt het katholieke geloof in de praktijk gebracht”, zegt Noëlle. “We doen het vanuit de waarden en normen die we in de kerk leren. We horen daar over de Tien Geboden. Dat klinkt heel oud, maar voor ons zijn die heel normaal. Je mag niet doden, maar je mag ook iemand niet doodzwijgen, niet negeren. Daarmee kun je aan de slag.”

Moderne inbreng

Ze doen dit vrijwilligerswerk met zo’n zeventig anderen, van alle generaties. De helft ervan komt op zondag in de kerk. Ze maken zelf muziek, er is zang en dans. Die moderne inbreng vindt Noëlle belangrijk; dat het vooral conservatieve jongeren zouden zijn die zich nog katholiek noemen herkent ze niet.

Ook niet op morele thema’s. “Wij geloven in naastenliefde en in het leven. Wij scharen ons persoonlijk achter de richtlijnen van de kerk, maar we veroordelen niemand die dat niet doet en wij geloven in een kerk die zich ook zo opstelt. Iedereen mag er zijn.”

De mis is voor haar vooral een moment van rust. “Ik ben altijd heel druk, ik prop zoveel mogelijk in mijn leven. In de kerk is er rust. Ik ben er om tot mezelf te komen, me te bezinnen, mezelf te vragen: hoe gaat het met mij?”

Hugo vindt het vooral fijn dat hij in de kerk andere jongeren ziet. “Dat geeft houvast om erbij te blijven. Er is een gemeenschap waar je bij mag horen. En het is ook zelfreflectie. In de evangeliën is de rode draad: probeer de boodschap toe te passen. In de kerk word je daartoe aangezet.”

Kira de Mendonça met haar man David Ilunga en hun zoontje James. Beeld Otto Snoek
Kira de Mendonça met haar man David Ilunga en hun zoontje James.Beeld Otto Snoek

‘Ik wil van betekenis zijn voor de gemeenschap’

Kira de Mendonça (31) en David Ilunga (25). Kira is persoonlijk begeleider bij het Leger des Heils. David is ICT’er bij een servicedesk. Zij is lid van de Portugees sprekende parochie Nossa Senhora da Paz in Rotterdam, hij gaat soms met haar mee naar de mis.

Kira de Mendonça komt uit een katholieke familie met vier kinderen. Zij is de enige die regelmatig nog naar de kerk gaat. Kira en David voeden hun zoontje op in het katholieke geloof. Hij gaat mee als Kira naar de kerk gaat, zo eens per maand, en thuis slaat zij samen met haar zoontje een kruisje als hij gaat slapen. Ze bidden het Onze Vader en zeggen een weesgegroet.

Dat doen ze in het Portugees. Kira is geboren in Rotterdam, haar ouders komen uit Kaapverdië, waar Portugees de officiële taal is. Ook de mis in haar kerk is in die taal. De priesters zijn Nederlanders die zich het Portugees eigen hebben gemaakt.

Kira zelf verstaat en spreekt dat nauwelijks, ze is blij dat alles in het Nederlands wordt vertaald. “Er zitten ook Brazilianen en Portugezen in de kerk, maar de hele cultuur is Kaapverdiaans”, zegt ze. “Onderling spreken mensen een dialect en dat kan ik wél.”

Vriend David gaat weleens mee. Hij is ook van katholieke huize, maar de Hagenees met Congolese wortels ging allang niet meer naar de kerk. “Door Kira ben ik er nu weer mee bezig. Ik ben minder streng gelovig dan zij. Ik geloof wel in God, ik wil het wel onderzoeken, maar ik heb veel ­vragen.”

Anders leven

Kira besloot op haar zestiende ‘anders te gaan leven’. “Ik wilde van betekenis zijn voor de gemeenschap”, zegt ze. Ze ging lesgeven aan kinderen die voor hun eerste communie stonden, nu bereidt ze volwassenen voor op hun vormsel. “Dat is een nieuwe uitdaging, ook door de leeftijd: in mijn laatste groep zaten mensen tussen de 17 en 65 jaar.”

Kira moet eerlijk zeggen dat het vrijwilligerswerk in de kerk voor haar ook werkt als een stok achter de deur. Door het wekelijks lesgeven blijft ze verbonden aan de kerk en blijft ze naar de dienst gaan, zo eens per maand. Om haar heen ziet ze dat jongeren afhaken. “Er is gebrek aan jonge mensen. Jongeren die de kerk niet superleuk vinden, blijven thuis. Van de twintig die ik bij het vormsel in voorbereiding had, zijn er maar twee blijven hangen.”

De gemeenschap is hecht, zegt ze, maar wel op leeftijd. “Ik denk dat er vast wel mensen zijn die een mening hebben over het feit dat ik in de kerk zit en een kindje heb en niet getrouwd ben”, zegt ze. “Samenwonen en zo, dat mag eigenlijk allemaal niet volgens de kerkelijke regels. Maar het fijne aan katholieke mensen is dat ze niet standvastig zijn. Ze bepalen zelf hoe zij de regels en tradities toepassen.

“Ik denk niet dat God minder van me houdt als ik samenwoon. Je kunt zelf je invulling geven aan het geloof en we gaan mee met de tijd. Gelukkig hebben we ook een meegaande paus, die meer voor harmonie gaat dan dat hij regels opdringt.”

Deze maanden brengt Trouw de staat van de katholieke kerk in Nederland in beeld. Naast onderzoek naar de financiën bezoeken we katholieken in alle delen van het land, van Zwartemeer in Drenthe tot Noorbeek in Zuid-Limburg. Waar gaat het goed en wat zijn de grootste zorgen?

Eerdere verhalen over de staat van de katholieke kerk in Nederland zijn hier te vinden.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden