Column Eva Meijer

De politie moet zijn klokkenluiders koesteren

Onderweg naar huis op mijn rode fiets werd ik afgesneden door een politiemotor. Ik remde af en vroeg wat er aan de hand was. “Je negeert een stopteken”, zei de agent. Hij sprak te hard, alsof dat zijn woorden meer gewicht gaf. “Laat je legitimatie zien.”

Ik had geen legitimatie bij me. Daarvoor had ik een goede reden, die ik de agent mededeelde. Daarop vroeg hij, weer te hard, om mijn naam. Die gaf ik. “Ja, en ik ben Donald Duck”, zei hij.

Ik voelde me beledigd, maar niet bedreigd. Ik dacht aan Sinéad O’Connors ‘Black boys on mopeds’, over de dood van Colin Roach (21), een zwarte man die in 1983 in het politiebureau van Stoke Newington aan een schotwond overleed. Het is onduidelijk of de politie hem neerschoot. England’s not the mythical land of Madame George and roses / It’s the home of police who kill black boys on mopeds.

Discriminatie en machtsmisbruik

Dat liedje heb ik de laatste tijd vaker in mijn hoofd, vanwege de nieuwsberichten over Fatima Aboulouafa. Aboulouafa is teamchef van de politie in Leiden. Ze maakte afgelopen zomer publiekelijk melding van discriminatie en machtsmisbruik bij de politie en zit sindsdien thuis. In interviews geeft ze aan dat er binnen de organisatie van de politie geen mogelijkheid is om structurele misstanden aan te kaarten. Hoe zij behandeld wordt, lijkt dat te bevestigen.

In een late lezingenreeks onderzoekt de Franse filosoof Michel Foucault de betekenis van het begrip parrhesia in het oude Griekenland. Parrhesia betekent letterlijk ‘alles zeggen’. De parrhesiastis is iemand die frank en vrij spreekt, haar hart en hoofd volledig opent voor haar toehoorders. Door haar eerlijkheid heeft zij een speciale relatie met de waarheid. De waarheid vertellen ziet zij als een morele plicht, en ze doet het niet uit eigenbelang, maar om het leven van anderen te verbeteren.

De parrhesiastis gaat vaak in tegen de opvattingen of regels van de heersende macht. Ze loopt dan het risico te worden genegeerd, belachelijk gemaakt of zelfs gedood. De parrhesiastis kiest toch steeds voor het spreken, in plaats van de veilige stilte. Parrhesia is dus verbonden met een levenshouding: het is niet te vinden in het mooie praten van de sofisten, maar eerder vergelijkbaar met Socrates. Die zocht met woorden naar de waarheid en was ook dapper op het slagveld.

Klokkenluiders koesteren

Ook in deze tijd, waarin de relatie tussen waarheid en macht er anders uitziet dan bij de oude Grieken, zijn er waarheidssprekers. Die zijn belangrijk, omdat ze misstanden zichtbaar maken en dat kan sociale verandering teweegbrengen. Misstanden kunnen overal voorkomen. Organisaties zouden hun parrhesiastes, of klokkenluiders, daarom moeten koesteren, zoals de oude koningen hun jokers.

These are dangerous days / To say what you feel is to dig your own grave. O’Connor is zelf natuurlijk ook een waarheidsspreker – denk maar aan die keer dat ze een foto van de paus verscheurde bij tv-programma ‘Saturday Night Live’, om kindermisbruik in de katholieke kerk onder de aandacht te brengen.

De politieagent werd ondertussen opgeroepen, hij had geen tijd om een bon uit te schrijven. “Deze keer heb je geluk”, zei hij, nog steeds te hard. Ik gaf geen antwoord en fietste weg.

Eva Meijer (1980) is filosoof, schrijver en singer-songwriter. Ze promoveerde op de politieke stem van het dier en in 2011 debuteerde ze met de roman ‘Het schuwste dier’. Voor Trouw schrijft ze tweewekelijks een column.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden