null Beeld Trouw
Beeld Trouw

ColumnWelmoed Vlieger

De mens is meer dan zijn data

Deze zomer was ik een paar weken bij familie op het Normandische platteland. Een andere wereld. De laatste avond schoten mij, onder de donkere sterrenhemel, de inmiddels wat uitgekauwde maar toch bijzonder visionaire woorden van dichter T.S. Eliot binnen: ‘Where is the Life we have lost in living? / Where is the wisdom we have lost in knowledge? / Where is the knowledge we have lost in information?’

De zinnen zijn afkomstig uit het gedicht The Rock, dat Eliot in 1934 publiceerde. In een wereld die wordt beheerst door big data, algoritmes en digitale communicatie, waar informatie de consument voortdurend en in overweldigende hoeveelheden overspoelt, zijn Eliots woorden actueler dan ooit.

Data zijn het nieuwe goud, waar iedereen zo veel mogelijk van wil hebben. Het geloof dat we met big data de grote problemen op het gebied van klimaat, honger, criminaliteit en noem maar op kunnen oplossen, neemt bij beleidsmakers en intellectuelen alleen maar toe.

Vrijwel alles wat we doen en laten is opgeslagen in data. Platforms als Google en Facebook gebruiken big data en algoritmes die bepalen welke zoekresultaten we te zien krijgen. Toegang tot deze online publieke ruimte is dus niet gratis: de techreuzen worden ‘betaald’ met het delen van onze persoonlijke gegevens die hen vergaande controle geven over miljarden mensen.

Nog los van de vragen rond het recht op privacy die deze ontwikkeling oproept: is de mens wel als algoritme te begrijpen? Kunnen data de complexe werkelijkheid wel weergeven? In het vorig jaar verschenen boek Frictie. Ethiek in tijden van dataïsme gaat auteur Miriam Rasch uitgebreid in op deze vragen en stelt ze – tegenover het ideaal van een geautomatiseerde wereld – een herwaardering van frictie voor: ‘Dat wat met behulp van de techniek uitgebannen moet worden.’

Haar analyse is even scherp als somber. We zijn gaan denken dat data de werkelijkheid zijn, het leven zelf dat met behulp van data vergemakkelijkt en verbeterd kan worden. Gemak boven alles. De mens wordt in dit ideaal teruggebracht tot een soort stappenplan, waarbij je precies kunt voorspellen hoe de volgende stap eruit ziet. Interpretaties, betekenissen, metaforen, de stilte tussen de woorden – het ontsnapt aan het gladde oppervlak van dataficatie.

Voor het Leven waar Eliot over spreekt, met z’n dieptes en fricties, is in zo’n aangeharkt en gecontroleerd bestaan kortom geen plek. Iemand die dat al vroeg voorzag, was Kierkegaard. ‘Mijn opdracht is (dan ook) moeilijkheden maken, overal’, laat Kierkegaard een pseudoniem opschrijven. De wens een glad leven te hebben en houden, is groot. Troublemakers kun je daarbij eigenlijk niet gebruiken. Daarom staat de digitale, beheerste wereld op voorsprong. Toch zou Kierkegaard dat niet beamen. Hij weet, evenals wij, dat achter de schone, gladde schijn, veel leed schuilgaat: van vervreemding, het niet kunnen beantwoorden aan de digitaal voorgetoverde ideaalbeelden et cetera.

Daaraan worden we liever niet herinnerd. En toch… Zie de enorme aantallen jongeren, juist nu, die tegen breuken en vervreemding oplopen. Maar we moeten van de moeilijkheden ook niet levensvijandig genieten. Ze zijn veel rijker namelijk: ze zijn het teken dat een mens meer is dan zijn data, dan zijn voorgeschotelde levensontwerp. De mens is tot hogere zaken geroepen. Inderdaad, tot wijsheid en tot kennis. ‘There is a crack in everything. That’s where the light comes in.’ Hoe pijnlijk ook.

Welmoed Vlieger (1976) studeerde wijsbegeerte en wetenschap van godsdienst en levensbeschouwing aan de Universiteit van Amsterdam. Lees haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden