BoekrecensieHet wilde deel van de wereld

De mens als Verlosser die de natuur wel eventjes gaat redden

null Beeld
Beeld

Virginie Maris
Het wilde deel van de wereld. Over de natuur in het antropoceen
Vertaling Mieke van Hemert
Boom; 224 blz.; € 24,90
★★★★

De auteur

Virginie Maris is als milieufilosoof verbonden aan het Franse Centre national de la recherche scientifique en het Centre d’Ecologie Fonctionelle et Evolutive.

Stelling

We leven in het antropoceen, het geologische tijdvak waarin de aarde de invloed van menselijk handelen ondergaat. Massa-uitroeiing van soorten is een gevolg van deze invloed. Tot zover niets nieuws onder de zon. Veel ecologen en filosofen gaan zo vanzelfsprekend in deze twee stellingen mee, dat je ze al bijna als wetmatigheden kunt bestempelen.

Virginie Maris erkent absoluut de destructieve invloed van menselijk handelen op aarde en atmosfeer, maar de milieufilosoof komt wel met bezwaren tegen antropoceendenken. Volgens Maris is het antropoceen een selffulfilling prophecy. Antropoceendenkers veronderstellen dat de natuur al dood is (Bill McKibben) en dat de mens niets anders rest dan ‘intelligent tuinonderhoud’.

Antropoceendenken lijkt af te rekenen met de moderniteit, die de wereld opknipt in ‘natuur’ en ‘cultuur’. Cultuur is voor de modernen het domein van de mens en zijn maaksels, natuur is de restcategorie die tot cultuur kan worden omgevormd. Oftewel: kan worden vernietigd. Filosofen als Bruno Latour wijzen op de fatale werking van het dualisme cultuur/natuur. Zij zien de mens daarom niet als afgescheiden van de natuur, maar als integraal onderdeel daarvan.

Daarmee trappen antropoceendenkers volgens Maris in een valkuil. Een ecologie die de nadruk legt op integratie van de soorten plaatst de mens nog steeds centraal, zij het met gebogen hoofd. De mens gaat duurzamer leven, met deemoed jegens niet-menselijke naasten, maar zet zijn levenswijze voort. Antropoceendenken effent de weg voor een nieuwe elite van wetenschappers en neoliberale politici die een ‘win-win-ecologie’ bepleit. Deze ecologie gaat gepaard met allerlei dubieuze technische interventies, zoals het ‘terugklonen’ van uitgestorven soorten.

Om de natuur te beschermen is volgens Maris juist een striktere ‘ecologie van de scheiding’ nodig, die opnieuw de verschillen tussen cultuur en natuur benadrukt. Dat dualisme is namelijk niet het probleem, wél de destructieve invulling die het heeft gekregen. Alleen door ons menselijk territorium in te perken, kunnen we een verdere roofbouw afwenden.

null Beeld
Beeld

Opvallende passage

“Wat veiliggesteld moet worden is de verscheidenheid van de wereld, haar mogelijkheden, haar verrassingen. Er hoeft niet te worden gekozen tussen het korhoen en de Sixtijnse Kapel, die elkaar ook helemaal niet in de weg zitten.”

Reden om dit boek niet te lezen

In haar betoog laat Maris moderne termen als ‘biodiversiteit’ en ‘ecosystemen’ zoveel mogelijk buiten beschouwing. Liever herwaardeert ze het eeuwenoude begrip ‘natuur’. Een hachelijke onderneming, want ‘natuur’ kon historisch gezien verwijzen naar van alles en nog wat: een geromantiseerde, ongerepte oerstaat, maar ook naar een verschrikkelijke ‘oorlog van allen tegen allen’. De vraag is of zo’n veelvormig, beladen begrip echt de angel uit het antropoceendenken kan halen. Er zijn niet voor niets nieuwe termen verzonnen.

Reden om dit boek wel te lezen

Het wilde deel van de wereld is een verfrissende exercitie in tegendenken. Onder veel filosofen wint bijvoorbeeld de Gaia-hypothese aan populariteit, het idee dat de aarde één groot ademend organisme is. Zo’n ‘integratief wereldbeeld’ legt volgens Maris alle schuld voor de huidige milieuschade bij een verkeerde filosofische afslag tijdens de Verlichting, en erkent te weinig dat die het gevolg is van bewuste politieke keuzes in de recente geschiedenis.

Al eeuwen vóór de moderniteit dachten mensen in een onderscheid tussen natuur en cultuur, zonder dat het tot grote milieurampen leidde, schrijft Maris. En in de miljoenen jaren vóór de mens waren er grote milieurampen zonder invloed van Sapiens.

Vanzelfsprekend moet Maris haar betoog buitengewoon precies formuleren. Voor je het weet is zoiets koren op de molen van klimaatrelativisten. Maris relativeert, maar niet om haar lezers te sussen. Ze wil haar lezers juist bewust maken van de manier waarop de mens zichzelf via sluipweggetjes in het middelpunt van de aarde blijft situeren, zelfs wanneer dit in de rol is van een Verlosser die de natuur – en daarmee zichzelf – weleens eventjes zal redden.

Lees ook:

Inmiddels is er een flinke boekenplank volgeschreven over het antropoceen. De term is gelanceerd door de Nederlandse Nobelprijswinnaar Paul Crutzen. Het betekent ‘geologisch tijdperk van de mens’, waarin de (desastreuze) invloed van de mens overal op aarde aanwezig is. Is het een moedeloos stemmend begrip, of kunnen we er hoop uit putten?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden