Dirk van de Glind: ‘We verbergen het leven van alledag. Daar heeft het christelijke geloof, zoals ik dat heb meegekregen, helaas een flinke steen aan bijgedragen.’

Zin in het alledaagsePeter Henk Steenhuis

‘De grote vraag is niet of Jezus over het water liep maar of het ons lukt niet kopje onder te gaan’

Dirk van de Glind: ‘We verbergen het leven van alledag. Daar heeft het christelijke geloof, zoals ik dat heb meegekregen, helaas een flinke steen aan bijgedragen.’Beeld Lars van den Brink

Welk verhaal geeft uw leven zin? Trouw-lezers vertellen hun zingevingsverhaal. In deze aflevering: Dirk van de Glind (61). ‘Mijn wankelende geloof heb ik niet verloren.’

“Ik zat achter in een legertruck, dicht bij de opening, zodat ik lekker naar buiten kon kijken. Ik had ingetekend op een excursie naar de bronnen van de Jordaan, vanuit de kibboets waar ik werkte. Vooraan in de truck zaten beveiligers met geladen geweren. Het was eind jaren zeventig, ik was negentien en voelde grote sympathie voor de jonge staat Israël.

Toen we langs het Meer van Galilea reden, stootte een Israëlisch meisje dat naast me zat me lachend aan: ‘Kijk, daar zou Jezus over het water gelopen hebben’. Ik keek naar het water dat me opeens onwaarschijnlijk ‘gewoon’ voorkwam – en m’n kinderbijbelgeloof stortte ineen.

Ik was een gelovig jochie, luisterde graag naar de verhalen van mijn moeder over de Here Jezus. Op een avond vertelde zij over zijn wederkomst en met heel mijn gevoelige kinderhartje geloofde ik haar. De volgende ochtend zat ik al rond een uur of vijf op de keukentafel naar buiten te kijken, naar de opkomende zon, waarvan de stralen door de wolkenpartijen braken. We woonden in de middle of nowhere, niet ver van Barneveld. Het uitzicht was weids en adembenemend. Ik dacht: nu gaat het gebeuren. En: wat ben ik bevoorrecht dat ik straks aan iedereen kan vertellen dat ik Zijn wederkomst als eerste gezien heb. Ik was enorm opgetogen.

Oervertrouwen

Later geneerde ik mij zo voor deze overrompelende ervaring dat ik er nooit over gesproken heb. Toch herinner ik mij het uitblijven van Jezus’ wederkomst niet als een teleurstelling. Er is daar op die ochtend wel iets gebeurd; ik heb iets ervaren van het geloof van hoop en liefde dat mijn ouders mij wilden meegeven. Een soort oervertrouwen dat de dingen ooit goed zullen komen.

Wij zijn van huis uit gereformeerd. Ik ben niet erg conservatief opgevoed maar heb behalve een kinderbijbelgeloof ook veel gevoelens van schuld en schaamte meegekregen. Over ons gezin hing een schaduw van ernst. Het zou ooit goedkomen, maar op dat oervertrouwen mochten we niet vooruitlopen. Zomaar genieten van het leven was bepaald niet ons sterkste punt. Tijd verlummelen bestond niet, je moest je nuttig maken. En door alles heen klonk de vraag of je goed genoeg was. Ik heb daar lang last van gehad. Ik ben docent levensbeschouwing geweest, wanneer mijn lessen eens minder goed liepen, dan stak die fundamentele twijfel de kop weer op.

Dirk van de Glind: ‘We verbergen het leven van alledag. Daar heeft het christelijke geloof, zoals ik dat heb meegekregen, helaas een flinke steen aan bijgedragen.’Beeld Lars van den Brink

Toen ik zelf van de middelbare school kwam, ging ik met een soort ‘Messias-complex’ aan het werk als leerling psychiatrische verpleegkunde. Dat was wat mijn vader had willen doen maar hij moest na de lagere school meteen aan het werk als boerenknechtje. Ik kreeg die kans wel, maar eenmaal aan de slag voelde ik me al gauw een enorme snotneus te midden van zoveel leed en ontreddering. Ook op het hier en daar harde cynisme had ik geen antwoord. Ontgoocheld nam ik na een jaar ontslag.

Wat nu? Ik moest mij bezinnen op wat ik wilde. Omdat twee van mijn broers naar Israël waren geweest, vertrok ik als negentienjarige naar het Beloofde Land. Ik hoopte er mijn wankelende geloof van een stevige basis te kunnen voorzien. Toen stuitte ik dus op dat meisje dat me de ogen opende voor de gewoonheid van het meer van Galilea. Een mooi meer, maar niet heel anders dan meren in Italië of Frankrijk. Wat is hier gebeurd dan?

Een paar weken later vond ik op de kibboets een oude fiets. Leuk. Ik op de fiets naar Nazareth. De volgende dag keek ik vanaf een terrasje naar het voorbij denderende verkeer. Ook hier beantwoordde niets aan het serene beeld dat ik had gevormd. Maar toen een jongeman van een jaar of dertig in T-shirt en spijkerbroek en op gympen energiek voorbij liep, begon alles opnieuw: zo gewoon als hij daar liep, zo gewoon moet Jezus er in zijn dagen hebben uitgezien.

Mijn wankelende geloof heb ik niet verloren; het is wel fundamenteel veranderd.

Steriel vroom beeld van Israël

Ik heb een grote hekel gekregen aan kinderbijbels en bijbelfilms die ons een geromantiseerd en steriel vroom beeld geven van Israël, waar onze werkelijkheid schril bij afsteekt, zodat gelovigen wat jaloers omkijken: ‘Tja, toen sprak God nog met mensen’. Zou het niet omgekeerd bedoeld zijn, dat het Oude Boek ons kan helpen juist in het alledaagse, in gewone ervaringen, onbegrensde liefde te ervaren?

Later heb ik tegen mijn leerlingen gezegd: ‘Het kan spottend klinken maar zelfs als wetenschappelijk bewezen zou worden dat Jezus letterlijk over het water heeft gelopen, dan wordt het verhaal voor mij daar niet anders van. De grote vraag is: lukt het jou en mij om niet kopje onder te gaan in de sores van ons eigen leven?’

Het zingevende van mijn ervaringen in Israël is geweest dat ik beter heb leren zien, daar in die legertruck zijn m’n ogen opengegaan. Sinds die tijd kijk ik niet langer weg van onze menselijke werkelijkheid, maar zie ik in het alledaagse het wezenlijke. In mijn lessen is dat inzicht meer en meer bepalend geworden.

Schrijver Herman Hesse zei eens: ‘Op school heb ik vooral leren liegen’. We leren ons te verstoppen, we leren te voldoen aan duizend-en-een verplichtingen die ons van buitenaf worden opgelegd, we verbergen het leven van alledag. Daar heeft het christelijke geloof, zoals ik dat heb meegekregen, helaas een flinke steen aan bijgedragen.

De ervaringen in Israël hebben mij geleerd dat wat wezenlijk is vlak voor onze voeten ligt. Daarmee leef ik en daarover schrijf en vertel ik. Godsdiensten ben ik gaan zien als menselijke pogingen te dealen met de grote vragen van het leven. Als we daarbij de waarheidsclaim los durven laten, hoeven we elkaar niet meer te bekeren of te bestrijden, en kunnen we van elkaar leren, en samenwerken. Zoals ik van het Israëlische meisje heb geleerd.”

Heeft u ook een zingevingsverhaal te vertellen? Mail zingeving@trouw.nl.

Bij deze verhalenreeks verschijnt ook een podcast. Beluister de afleveringen via trouw.nl/zininhetalledaagse.

In de verhalenreeks ‘Zin in het alledaagse’ vertellen Trouw-lezers welk verhaal hun leven zin geeft. Klik hier om eerdere afleveringen uit de reeks te lezen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden