null Beeld
Beeld

BoekrecensieFilosofie

De duizend-en-één gedaanten van eros in het innerlijk theater


Eros op de scène. Psychoanalytische en artistieke beschouwingen
Trui Missinne & Christine Franckx (red.)
Gompel & Svacina; 176 blz., € 28
★★★

De schrijvers

Trui Missinne en Christine Franckx zijn psychoanalytici met een eigen praktijk. Ze zijn lid van de Belgische Vereniging voor Psycho­analyse.

De thematiek

‘Eros’ is in de psychoanalyse een centraal thema. Freuds grote ontdekking was het feit dat ook jonge kinderen een seksuele belevingswereld hebben, wat destijds insloeg als een bom in de burgerlijke maatschappij. Die infantiele psychische constructie rond het seksuele werkt volgens de psychoanalyse overigens door tot op volwassen leeftijd, met alle gevolgen van dien. Dit boek gaat aan de hand van bijdragen van meerdere psychoanalysten na hoe de psychoanalyse vandaag naar ‘eros’ kijkt. Het stelt aan de hand van cases de vraag hoe mensen tijdens de psychoanalyse ertoe gebracht kunnen worden om ‘eros op de scène te brengen’: te spreken over het vaak onuitsprekelijke van hun psychoseksuele drijfveren. In zijn latere werk associeerde Freud ‘eros’ met de levensdrift, die hij tegenover ‘thanatos’ stelde, de doodsdrift of het geheel van destructieve drijfveren.

Het eerbetoon

Centraal in alle bijdragen staat de Nieuw-Zeelandse psychoanalyste Joyce McDougall (1920-2011), die in Londen bij Melanie Klein studeerde en later in Parijs colleges volgde bij Jacques Lacan, zonder zich overigens ooit tot een van de rivaliserende psychoanalytische scholen te ‘bekeren’. Ze was over de hele lijn antidogmatisch en wilde zich niet laten opsluiten in een strak theoretisch kader. De theorie had volgens haar slechts betekenis als ze door de klinische praktijk aan het licht kon worden gebracht. In haar boek De vele gezichten van eros beschreef ze hoe eros in zijn duizend-en-een gedaanten (trauma, psychose, verslaving, psychosomatische reacties) de hoofdrol speelt op de innerlijke scène van mensen. Ze hechtte ook veel belang aan de ‘innerlijke scène’ of het ‘intieme theater’ van de analyticus, die open en vrij van vooringenomenheid moet zijn om de analysant tegemoet te kunnen treden.

Opvallende bijdragen

Rudi Vermote schrijft over drie soorten liefde: de romantische, de langdurige en de mystieke liefde. Terwijl de romantische liefde als het ware ‘blind’ en onverwacht iemand treft, is de langdurige liefde eerder een geïnstitutionaliseerde vorm. In de langdurige liefde zou er een evenwicht zijn tussen de verschillende driften, en wordt voorspelbaarheid belangrijk. Geliefden sluiten het ‘vreemde’ gaandeweg steeds meer uit, met als gevolg de ‘libodo-dodende’ voorspelbaarheid van de ander, terwijl liefde eigenlijk het vreemde nodig heeft. Mystieke liefde draait dan weer rond het onzegbare en de overgave. ‘In de liefde manifesteert zich het wonder van de onkenbare complexiteit van onze soort en van het leven tout court.’

Missine vraagt zich af of we in ‘vloeibare tijden’ leven, waarin de binaire ketens (man-vrouw) worden afgegooid. Is de psychoanalyse normerend, gericht op aanpassing aan het ‘normale’, of een ‘queer’- theorie die de grenzen tussen normaal en abnormaal op de helling zet? Feit is dat de psychoanalyse bij uitstek een theorie is die de illusie van innerlijke coherentie en van een netjes afgebakende (seksuele) identiteit doorprikt.

In een afzonderlijk deel spraken de auteurs met kunstenaars over de vraag hoe zij eros op de scène brengen. Voor theatermaker Alain Platel is het feit dat mensen moeten sterven een nauwelijks te verwerken gegeven, dat zijn oeuvre steeds weer heeft bepaald, ondanks de levensdrift die ook een grote rol speelt. En kunstenares Berlinde De Bruyckere bekent dat het haar enorm veel moeite heeft gekost om zichzelf bloot te geven in de eerder sensueel-erotische componenten van haar werk.

Reden om dit boek niet te lezen

Door de dubbele invalshoek – eros én McDougall – zijn de bijdragen erg ongelijksoortig.

Reden om dit boek te lezen

De niet-dogmatische benadering van McDougall is verfrissend. Zo spreekt ze bijvoorbeeld over ‘neoseksualiteiten’, in plaats van over ‘perversies’, omdat dit te stigmatiserend klinkt. Dergelijke seksuele constructies ziet ze overigens niet als ‘afwijkingen’, maar als overlevingsstrategieën die een jong kind inzet om niet ten onder te gaan aan de tsunami aan boodschappen over identiteit en seksualiteit. Het boek toont ook overtuigend hoezeer mensen kunnen lijden onder de doorwerking van hun eigen infantiele psychische constructie.

Lees ook:

Filosoof Ad Verbrugge bekritiseert de invloed van Sigmund Freud.


“In de postmoderne westerse filosofie moesten we relaties, alle cultuur en alle orde zien als vorm van onderdrukking - onder invloed van Freud, die stelde dat cultuur de onderdrukking betekent van onze erotische drift. In de jaren zestig is dit idee tot de hele samenleving doorgedrongen. Ik zeg het omgekeerde: juist de eros is een kracht die verbindingen en vormen zoekt. De eros is juist de bron van gemeenschap en van cultuur.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden