De Spaanstalige Dios Esta Obrando kerk te Rotterdam Zuid.

Inclusiviteit

Catharijneconvent maakt geschiedenis christenmigranten zichtbaar

De Spaanstalige Dios Esta Obrando kerk te Rotterdam Zuid.Beeld Otto Snoek

Museum Catharijneconvent wil de geschiedenis van migrantenchristenen zichtbaar maken. Met een offerschaal uit Ambon en een tentoonstelling rond de gospel.

Na de succesvolle tentoonstelling over de Biblebelt hebben de medewerkers van Museum Catharijneconvent zeker overwogen om ook over migrantenchristenen een mooie expositie te maken. Ze zijn met een miljoen, en ook hun 1200 internationale kerken zouden voldoende materiaal bieden voor een groots overzicht. “Maar het voelde niet goed om een aparte expositie te maken”, zegt Marieke van Schijndel, directeur van het museum voor christelijke kunst in Utrecht. “Het verhaal van het christendom in Nederland is enorm beïnvloed door migratie. We gaan dat zichtbaar maken in álles wat we doen.”

Met gepaste trots meldt ze via Zoom een zeer concreet resultaat van dit voornemen. Het museum krijgt dit najaar langdurig de beschikking over de piring natzar, een offerschaal met muntjes, die Molukkers ook in Nederland bij hoogtijdagen thuis gebruiken om Gods zegen te vragen.

De originele offerschaal uit Ambon, met speciaal voor dit doel gemaakte muntjes, is het eerste object dat aan de vaste collectie over de geschiedenis van het christendom wordt toegevoegd, als een van de vele voorbeelden dat migratie en christendom verweven zijn. Het Catharijneconvent wil de vaste opstelling in het klooster in de Utrechtse binnenstad de komende jaren aanvullen met materieel en immaterieel erfgoed van de internationale kerken. Dat kunnen voorwerpen zijn, maar ook verhalen van christenmigranten over wonderen, heiligen en martelaren gaan onderdeel uitmaken van de collectie. De komende jaren worden de veranderingen geleidelijk doorgevoerd, op weg naar een grote herinrichting.

Een dankdienst ter ere van de 65-jarige Molukse Kerk in Drachten. Beeld Hollandse Hoogte / Jilmer Postma
Een dankdienst ter ere van de 65-jarige Molukse Kerk in Drachten.Beeld Hollandse Hoogte / Jilmer Postma

Museum Catharijneconvent heeft daarnaast drie andere projecten op stapel staan om de geschiedenis van de christelijke migranten zichtbaar te maken. Rond de Molukse offerschaal komt na de zomer een kleine expositie. Volgend jaar is een grote tentoonstelling gepland rondom de gospel. En er staat een boek op de planning met foto’s van het interieur van internationale kerken.

Zonder migratie geen christendom

Voor dit hele project werkt het Catharijneconvent samen met de overkoepelende organisatie van migrantenkerken, Samen Kerk in Nederland SKIN. De coördinator van SKIN, Madelon Grant, gaat voor twee dagen in de week aan de slag met het verwerken van de religieuze migrantengeschiedenis in alle onderdelen van het museum.

“Dat begint al heel vroeg”, zegt Grant. “Het is leuk om je te realiseren dat de grote namen van het begin van het christendom allemaal migranten waren. Willibrordus en Bonifatius kwamen uit Engeland, Sint Servaas was een Armeen. Zij hebben een grote invloed gehad op het christendom zoals het nu is. Sterker nog: zonder migratie geen christendom.”

En ook de internationale kerken zijn niet van vandaag of gisteren. De eerste stammen al uit de zeventiende eeuw, Schotten vluchtten naar Rotterdam en zo waren er meer bannelingen die in Nederland neerstreken en hun eigen kerken stichtten. Na de Tweede Wereldoorlog kwamen in de golf van dekolonalisatie de Molukkers, Indonesiërs en later Surinamers, gevolgd door honderdduizenden christenen uit de hele wereld, van pinkstergelovigen tot oosters-orthodoxe. Alleen al in Rotterdam zijn er nu circa 180 internationale kerken.

Door hun achtergrond en hun betekenis in het Catharijneconvent te belichten, worden niet alleen hiaten in de religieuze historie van Nederland gedicht, zegt Grant. Daardoor kan de geschiedenis ook voor hedendaagse migranten herkenbaarder worden. De Dordtse synode staat nu eenmaal ver van hen af, iets waarin ze overigens niet verschillen van de gemiddelde Nederlander.

Om zoveel mogelijk erfgoed ‘los te peuteren’, schakelt Grant haar contacten in, er is een klankbordgroep die met haar meedenkt. “De diversiteit is heel groot en een brede input vanuit de kerken zelf is noodzakelijk”, zegt Grant. “Het is voor onze achterban ook een proces van bewustwording. Zij moeten zich afvragen wat hun erfgoed eigenlijk is, en wat zij willen doorgeven.”

‘Leuk als er iets is te zien van ex-verslaafden’

Samany Sedney (32), lid van de Victory Outreach in Amsterdam, zij is daar onder andere vertaler en leider van jongerenwerk.

“Het beeld dat de kerk in Nederland uitsterft, klopt niet. Dat is alleen het perspectief vanuit de autochtone kerk. De kerk is hartstikke levend. Men mag weten dat wij ook bestaan. Als ik iets vanuit onze kerk aan de expositie mag bijdragen, zouden dat vlaggen zijn van de landen waar de mensen vandaan komen, en drugsspuiten om aan te geven dat God mensen vrij zet, zelfs van een heroïneverslaving of uit dwangprostitutie, onze andere prioriteit. Als ze willen, kunnen verslaafden bij ons een programma volgen om af te kicken. Veel ex-verslaafden hebben een boek geschreven of een documentaire gemaakt. Het zou leuk zijn als daarvan iets te zien op de tentoonstelling. Het Catharijneconvent kan zeker bezoekers van internationale kerken verwachten als zij iets van zichzelf terug kunnen vinden, in kleur, afkomst of interesse.”

‘Bij de expositie dit najaar verwachten we veel Molukkers’

Simon Ririhena (72), rector van het Moluks Theologisch Seminarie Apeldoorn en voorganger in de Molukse kerk in Nederland

“Het Catharijneconvent is voor de meeste Molukkers ver weg. Er was voor migrantenchristenen in zijn algemeenheid niets te zoeken, want het gaat om geschiedenis van het Nederlandse christendom. Daarom is het goed dat het museum nu ook de geschiedenis van internationale kerken gaat belichten. Er zijn inmiddels 19 traditionele Protestantse kerkgenootschappen, met 148 gemeenten. En jongeren hebben kerken opgericht met een sterk evangelisch karakter. Bij de expositie dit najaar verwachten we veel Molukkers. Die komt op een goed moment, want dit jaar is het 70 jaar geleden dat de eerste Molukkers in Nederland aankwamen. Zij namen de Piring Natzar van thuis mee mee, zonder de eerste generatie was die hier niet gekomen. Het heilige dat we hebben willen we communiceren met de buitenwacht. Het is goed dat iedereen ziet dat ook een deel is van Nederland.”

Fundamenteel en snel de aandacht verleggen

Een helemaal onontgonnen terrein is de religieuze migrantenwereld voor het Catharijneconvent niet: er zijn al contacten gelegd en in bij voorbeeld de expositie over Maria Magdalena is aandacht voor het oosters orthodoxe christendom. “Maar het moet fundamenteler en sneller”, zegt directeur Van Schijndel. Zij noemt in dit verband ook de in haar ogen prachtige Byzantijnse verbeelding van Maria Hedrogetia. Die staat in de schatkamer van het museum opgesteld als kunsthistorisch topstuk. Van Schijndel zou deze meer als exponent van de invloed van het wereldwijde christendom op de samenleving willen presenteren.

En wat te denken van Jacobus Capitein, de eerste zwarte dominee in Ghana. Als jongetje deed een slavenhandelaar hem cadeau aan een vriend. Die nam hem mee naar Nederland, in Leiden was hij de eerste zwarte student theologie. Capitein verdedigde in zijn proefschrift de slavenhandel, hij was ‘kind van zijn tijd’, benadrukt Grant. Terug in Ghana ging hij voor in de witte en de zwarte gemeenschap. In beide kon hij zijn plek niet vinden, zegt Grant.

De zondagse Chinese kerkdienst in de Bethelkerk in Rotterdam. Beeld Otto Snoek
De zondagse Chinese kerkdienst in de Bethelkerk in Rotterdam.Beeld Otto Snoek

Ook dit verhaal verdient aandacht, vinden conservator Grant en directeur Van Schijndel. Zij willen niet de slavenhandel verdedigen, maar wel de complexiteit en nuances zichtbaar maken: “Je zou kunnen zeggen dat hij te zwart was voor de witten en te veel beïnvloed door zijn Nederlandse opvoeding om in de zwarte gemeenschap een plek te vinden”, zegt Grant. “Die menselijke dilemma’s zijn ook de realiteit.”

Het Nederlandse slavernijverleden komt expliciet terug in de tentoonstelling over gospels, die op de plantages werden gezongen door slaven. Maar in Pinkster- en evangelische kerken zingen hedendaagse witte gelovigen deze liederen net zo uitbundig. In de voorbereidingsgroep leidde dat tot de discussie of de expositie beperkt moest worden tot de zwarte gospel, of dat het gebruik in witte kerken er ook bij moest. Het werd het laatste: “Want kerken zijn natuurlijk niet wit en zwart, er vindt steeds meer kruisbestuiving plaats”, zegt Van Schijndel. “Als we alleen zwarte gospel zouden laten zien zou dat niet erg inclusief zijn. En daar willen we juist vanaf.”

De verrijking van de vaste collectie is een manier waarop het Museum Catharijneconvent aandacht wil besteden aan migratie en christendom. Daarnaast werkt het museum aan drie projecten:

presentatie Molukse kerk in Nederland

In 1951 kwamen circa 13000 Molukkers naar Nederland. Zij vormen een hechte gemeenschap en hebben van meet af aan hun eigen kerk gehad, de Molukse kerk in Nederland. Hun erfgoed heeft alles met maken met de zending en missie door Nederlanders in Indonesië. Ook is er een relatie met hun komst naar Nederland, waar zij vaak in kampen werden gehuisvest. Rondom de offerschaal die het Catharijneconvent in bruikleen krijgt, komt een kleine expositie met herinneringsverhalen en objecten. De expositie is dit najaar te zien.

tentoonstelling Gospel

Samen met evangelische gemeenschappen heeft het Catharijneconvent een grote tentoonstelling in voorbereiding over gospelmuziek. Geschiedenis en functie van de muziek in internationale kerken worden belicht, daarnaast is er aandacht voor de invloed op populaire muziek en cultuur. De nadruk zal liggen op beeld en persoonlijke verhalen en uiteraard op de Afro-Amerikaanse muziek zelf. Overwogen wordt wekelijks live-muziek te brengen. Ook daardoor zal de expositie naar verwachting een vrolijk karakter hebben, maar er wordt óók stilgestaan bij de slavernij die deze muziek heeft voortgebracht. Gospel is te zien van in het najaar van 2022.

boek internationale kerkgemeenschappen

Migrantenkerken hebben zelden het geld voor een eigen gebouw, en daarom huren ze vaak een ruimte in bestaande kerken, in een school, een gymzaal. Anders dan oosters-orthodoxe kerken, zijn ze aan de buitenkant niet als migrantenkerk te herkennen, maar waar mogelijk richten ze de zalen naar eigen inzicht en stijl in. Voor dit boek worden de mooiste, belangrijkste en meest treffende interieurs van internationale kerken gefotografeerd. Door die binnenkant willen de makers inzicht bieden in de diversiteit van het christelijk erfgoed in Nederland.

Lees ook:

Trouw maakte een serie portretten van internationale kerken in Rotterdam.

‘Kerken moeten met racisme aan de slag’

Op papier hebben alle grote kerken in Nederland zich uitgesproken over het eigen slavernijverleden. Maar de Lutherse Kerk en Evangelische Broedergemeente vinden dat niet genoeg. Het is tijd voor daden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden