De samenstelling van de circa twintig EBG-gemeenten in Nederland is overwegend Surinaams.

Reportage Migrantenkerken

Bij de Evangelische Broedergemeente draagt de Surinaamse zang de eredienst

De samenstelling van de circa twintig EBG-gemeenten in Nederland is overwegend Surinaams. Beeld Otto Snoek

De autochtone kerk wordt kleiner, de migrantenkerk is springlevend, en dus wordt het Nederlandse christendom veelkleuriger. Vandaag: De Evangelische Broedergemeente Rotterdam-Centrum.

Met rechte rug loopt Claire Cornet naar de voorste bank in haar kerk. Ze is vandaag jarig, en bij de Evangelische Broedergemeente kunnen jarigen na de preek naar voren komen om gefeliciteerd te worden door dominee en gemeente. ‘Felicitaties en zegen voor o.a. de jarigen’ heet dit vaste onderdeel van de eredienst in het liturgieboekje.

Dominee Denny Zinhagel staat achter een tafel met groen kleed en witte loper, met daarop de net aangestoken paaskaars en aan weerskanten een vaas met chrysanten. Hij zegt: “Wat fijn dat u uw 69ste verjaardag viert!” De jarige veert op. “Ik word niet 69, maar ik ben van ‘69!” Zuster Claire, zoals ze tussen de kerkmuren heet, wordt dus geen 69 maar 50 – de dominee ziet het nu ook op zijn blaadje. Foutje. Maar ook de jarige zelf blijft lachen: “Zie ik er zo oud uit?”

Ze is zangeres, ze wil graag voor de gemeente zingen. “Maar wij zingen eerst voor u”, beslist de predikant. De gemeente zet het opwekkingslied ‘Ik Stel mijn vertrouwen op de Heer mijn God’ in, op de reusachtige beamer verschijnt een boeket rozen, een fleurig element in de van oorsprong gereformeerde kerk met houten banken, witte muren en hoge ramen van glas in lood.

Samenzang

Dan neemt Claire Cornet de microfoon en volgt een ‘I surrender all’. De kerkleden neuriën mee, de zangeres met opvallende wit-gele hoed nodigt de paar honderd aanwezigen uit mee te zingen, ze eindigt met een fabuleuze uithaal. Ze krijgt een enorm applaus, de gemeente gaat staan, in de banken knikken ze elkaar toe: prachtig!

Muziek is essentieel in de gemoedelijke eredienst van de EBG, zoals de broederschap kortweg heet. Als voorbereiding op die dienst zingt de gemeente twintig minuten vrolijke liederen uit verschillende evangelische bundels. Dit keer gebeurt dat aanvankelijk zonder organist. Die is een beetje laat en komt pas bij het vijfde en laatste lied van de voorzang binnenvallen. Voorzanger Rudi Foort zet daarom zelf maar in.

De dominee is vlak voor de preek genoodzaakt ook zelf het voortouw te nemen, als de organist niet reageert op zijn wat vertwijfelde roep om lied 541 van Johannes de Heer te begeleiden. De organist blijkt even van zijn plek, als hij terugkomt is het lied net klaar.

De hoofdmoot van de liederen is in het Nederlands, een handjevol gaat in het Surinaams, het Sranang Tongo. Dat heeft te maken met de samenstelling van deze gemeente van de EBG: ze is overwegend Surinaams. Met uitzondering van de gemeente in Zeist, is dat ook zo in de andere circa twintig EBG-gemeenten in Nederland. Ze maken deel uit van een internationaal kerkgenootschap, dat in het buitenland ook door het leven gaat als Hernhutters of Moravians.

Dit protestantse gezelschap, ontstaan nog vóór de reformatie, zond in 1732 de eerste zendelingen naar Sint Thomas, en later naar Suriname. Op de plantages in die Nederlandse kolonie bekeerden ze slaven, hun kerk maakte gebruik van tot slaaf gemaakten en werd deels gefinancierd door slavenhandelaren. Bij de herdenking van 150 jaar bevrijding uit de slavernij, in 2013, heeft de EBG schuld erkend voor haar rol in het in stand houden en legitimeren van de slavernij.

Sporen van het verleden

De Evangelische Broedergemeente bleef in Suriname actief en de Surinamers die sinds de jaren zeventig massaal naar Nederland kwamen, namen hun religie mee. De Nederlandse tak van de EBG groeide, en kleurde zwart.

Sporen van het verleden zijn nog terug te zien in de kerkdienst in Rotterdam. In de liturgie zit een flyer van ‘Geboeid’, een televisieprogramma van de EO waarin politieman Dwight van de Vijver in zijn familiegeschiedenis op de plantages duikt. Eromheen is een evenement voor andere nazaten van tot slaaf gemaakten waarvoor ook de Rotterdamse kerkleden van harte worden uitgenodigd. En de gemeente zingt: ‘Vrijheid! O al bonden duizend keet’nen mij, Gij maakt van der zonden slavendienst mij vrij.’ De Surinaamse liederen komen voor een deel uit de tijd van de slavernij. “Dat zijn betekenisvolle liederen, die worden ook nu nog overgedragen aan nieuwe generaties”, zegt dominee Zinhagel.

Hij preekt vandaag over het koninkrijk der hemelen, dat gelijk is aan een verborgen schat en aan een koopman die parels zoekt. “Je moet moeite doen om de schat te vinden”, zegt de dominee. “En de parels worden je in de schoot geworpen, maar als je niet graaft, vind je ze niet.” Ook met verwijzingen naar de grondteksten in het Hebreeuws en Grieks, houdt hij de gemeente voor dat vergevingsgezindheid en nederigheid in het Koninkrijk van God in hoog aanzien staan. “En we moeten nu al volgens die regels leven.”

Verkoop van huisraad

De voorganger is trots op zijn gemeente, die hij sociaal en maatschappelijk betrokken noemt. Zo krijgt de voorzitter van de oudstenraad in de dienst van een zuster een enveloppe overhandigd met 3250 euro erin. Het is de voorlopige opbrengst van de verkoop van de huisraad van een buurvrouw van een gemeentelid, die voor haar dood had gezegd dat ze het geld wilde schenken aan de kerk. “We moedigen dit soort initiatieven aan”, zegt de dominee, die snel begrijpt waarom de gemeente lacht: “Ja het is natuurlijk niet de bedoeling dat u hoopt dat uw buren snel doodgaan…”

Bij de koffie kunnen de kerkleden kiezen uit twee soorten koek, in de dienst had de ouderling al gezegd dat die gebakken waren door een echtpaar uit de kerk.

Broeder Drooduin gaat met een groepje gemeenteleden naar Maassluis, voor een lezing over slavernij. Zangeres Claire zegt haar verjaardag verder in te vullen met lekker eten. Ze vertrekt met een bos chrysanten in de arm.

Evangelische Broedergemeente Rotterdam-centrum

Gesticht: in Rotterdam in 1973
Aantal leden: 1250
Nationaliteit: overwegend Surinaams
Voertaal: Nederlands, met een klein deel van de liederen in het Surinaams
Voorganger: Denny Zinhagel, 65. Studeerde theologie aan de VU in Amsterdam en aan hogeschool Windesheim in Zwolle. Was predikant in Suriname en op de Nederlandse Antillen en Aruba. Is sinds 2008 voorganger bij de EGB in Rotterdam.
Aangesloten bij: de Evangelische Broeder-Uniteit, een wereldwijde protestantse kerk met circa 1 miljoen leden. 

Astrid van van de Vijver

55, boekhouder op de financiële afdeling van een bedrijf. Is sinds haar derde in Nederland en woont met haar dochter van 17. 

Astrid van van de Vijver. Beeld Otto Snoek

Wat trekt u aan in deze kerk?

“Van huis uit ben ik lid van de Evangelische Broedergemeente, in eerste instantie heb ik nooit geweten dat er ook nog andere kerken zijn. De EGB trekt me aan vanwege de muziek, en het familiegevoel dat je hier hebt. Je kent hier iedereen, je bent hier thuis. En het is een hele multiculturele gemeenschap, mensen hebben verschillende etnische achtergronden, Javaans, Hindoestaans. Er zijn ook gemengde koppels, van wie de een Surinaams en de ander van orinigine Hollander is. We kunnen hier de band met Suriname houden, dat vind ik ook belangrijk.”

Hoe helpt de kerk u bij uw leven in Nederland?

“In moeilijke dingen die je meemaakt ben je onderdeel van de kerk die helpt je om zware tijden door te komen. Dat geeft troost, dat je deel bent van een groep. Wij hebben een groot verlies gehad in ons gezin, mijn zus is overleden. De gemeente stond als één man achter ons, we zijn door velen gesteund. In de kerk heb ik ook veel vrienden, die zie ik ook buiten de kerkdiensten om.”

Wat heeft u vandaag in de dienst het meest aangesproken?

“Het is altijd mooi om de blijdschap van andere mensen te zien, dat geeft je het gevoel dat je samen geniet van wat er naar je toekomt. Ik hou van muziek, als het uit het hart komt raakt me dat in de ziel. Het is een genot om daar naar te luisteren. Ik vond de preek over parels erg mooi.”

Frits Drooduin

65, alleenstaand. Werkte voor zijn pensioen als personeelswerker bij Verolme. Is sinds zijn zeventiende in Nederland. Geeft als vrijwilliger Nederlands aan vluchtelingen.

Frits Drooduin. Beeld Otto Snoek

Wat trekt u aan in deze kerk?

“Ik ben als baby gedoopt in de Evangelische Broedergemeente in Paramaribo. Met mijn oma ging ik langs de huizen om contributie bij de mensen te halen, van jongsaf ben ik met haar meegelopen. Toen ik in 1970 in Nederland kwam, heb ik me meteen aangesloten bij de EBG hier. Die zat toen nog in het gebouw van de Schotse kerk. Ik heb in verschillende koren gezeten, daarmee heb ik ook wel diensten in andere kerken opgeluisterd. Maar ik ben in hart en nieren EBG’er gebleven, ik ken ook alle Surinaamse gezangen, daar ben ik mee grootgebracht.”

Hoe helpt de kerk u bij uw leven in Nederland?

“Ik ben als zeventienjarige hier gekomen, en heb me destijds aangesloten bij een jongerengroep van de kerk. Met hen heb ik allerlei dingen ondernomen. De meesten zijn nu getrouwd, hebben kinderen en zijn uitgewaaierd over het land, naar Utrecht, naar Den Haag. Maar het is nog steeds een heel hechte vriendenkring, die ik aan de kerk te danken heb.”

Wat heeft u deze dienst het meest aangesproken?

“Ik vind de preken altijd mooi. De boodschap neem je mee naar huis, je weet eigenlijk niet beter. Ik heb vanochtend erg genoten van de dame die gezongen heeft. Zij geeft ook een boodschap mee, dat je vertrouwen moet hebben in de Heer.”

Voor de serie ‘De kerk krijgt kleur’ bezoeken religie-redacteur Maaike van Houten en fotograaf Otto Snoek een aantal migrantenkerken in Rotterdam. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden