Annelies Rosier verhuisde naar een klooster. ‘Hier wil ik zin geven.’

Annelies Rosier verhuisde met haar gezin naar een woongemeeenschap. ‘Ik wil geen eiland zijn.’ Beeld Lars van den Brink

Welk verhaal geeft uw leven zin? In deze reeks vertellen Trouw-lezers hun zingevingsverhalen. Vandaag: Annelies Rosier (55). ‘Op de drempel van het klooster kwam een verlangen bovendrijven: hier wil ik wonen, hier wil ik zijn, hier wil ik zin geven en zin ontvangen.’

“Twee jaar geleden woonde ik nog met ons gezin in een gewone straat in een Brabants dorp. Huis, tuin, leuke buren, werk, familie. Maar ik verlangde naar iets anders. Ik wil graag een eigen pad creëren. Toen las ik een oproep in een tijdschrift: een klooster in Eindhoven zocht nieuwe mensen om een leefgroep voort te zetten. We konden komen praten. Op de drempel van het klooster kwam een verlangen bovendrijven: hier wil ik wonen, hier wil ik zijn, hier wil ik zin geven en zin ontvangen.

“Er volgden meerdere gesprekken, ook onze kinderen werden erbij betrokken. Zij vormden de grootste barrière, maar ze waren bij alle voorbereidingen betrokken en wenden langzamerhand aan het idee. Na een jaar waagden we de sprong.

“Nu wonen we in een klooster uit 1883, een gemeentelijk monument. Het heeft een enorme uitstraling. Je voelt als het ware de energie van vroeger. Het is een huis met een ziel. Toen we hier pas woonden, durfden we niet veel te veranderen aan het uiterlijk. Inmiddels zijn we met acht mensen en zijn we begonnen onze eigen ‘kleur’ te geven aan ‘ons huis’.

Oase in de stad

“De schoonheid van het klooster zit hem niet zozeer in het uiterlijk. Het ligt in de stad, aan een drukke straat. Het huis waar wij vroeger woonden, lag aan de rand van het bos. We keken erop uit. Ons huis was gezellig, we hadden erin geïnvesteerd. Maar we hebben er zoveel voor teruggekregen. De tuin hier bijvoorbeeld, die hebben we aangepast, is wat wilder geworden, met meer bloemen, een kruidenspiraal, insectenhuis, moestuin. Vooral de binnentuin is een oase in de stad. Zo proberen wij deze plek steeds meer tot de onze te maken en daaraan samen werken geeft zin.

“In het gebouw zitten zeven organisaties die op een of andere manier een sociaal-maatschappelijke doelstelling hebben. Wij bieden gastvrijheid aan vluchtelingen, via een organisatie die de bed-bad-broodregeling van de gemeente handen en voeten geeft.

“Wij wonen aan de voorkant van het klooster. Beneden zijn een kantoor, een stilteruimte, een woonkamer voor vluchtelingen, een gemeenschappelijke woonkamer voor de leefgroep en logeerkamer. Op de bovenverdieping hebben wij een eigen woonkamer voor ons gezin en daar liggen alle slaapkamers, van de andere bewoners en ook die van de vluchtelingen. Een van die kamers is gereserveerd als crisiskamer. Die crisiskamer ligt naast de slaapkamer van mijn man en mij. Dat voelt niet altijd prettig, want het pand is behoorlijk gehorig. En je kunt ook niet zomaar in je nakie over de gang naar de badkamer lopen.

“Onlangs verbleef er een getraumatiseerde man. Vierendertig was hij pas, maar hij zag eruit als een oude man. Hij was bang, ’s nachts hield hij het licht aan en de verwarming hoog. Moesten we onze duurzaamheidsprincipes even voor aan de kant zetten. Het is confronterend te zien hoe deze man worstelde, de ene sigaret na de andere rookte. Toch moet ik ook een zekere afstand bewaren, want anders komt het leed te dicht op mijn huid. Niemand is erbij gebaat als ik mensen zielig ga vinden. De man is nu vertrokken. We zullen nooit meer iets van hem horen.

“De meeste vluchtelingen die hier tijdelijk zijn, gaan hun eigen gang. We hebben geen begeleidende taak, we zijn er wel voor ze als ze behoefte hebben aan een gesprek. Vaak hebben ze genoeg aan zichzelf.

“Een keer in de week eten we samen met de vluchtelingen, als ze dat willen. Meestal hebben ze een ander ritme voor eten. We hebben een gemeenschappelijke keuken waar af en toe heerlijke geuren vandaan komen, maar ook vreemde, niet vertrouwde geuren.

“Een van hen is hier inmiddels bijna twee maanden. Zijn ‘perspectief’ wordt nog bekeken. Met hem spreek ik Engels, hij was tolk in Afghanistan. Hij straalt meer vreugde uit dan toen hij aankwam. Ik vraag niet veel, luister zonder te oordelen, probeer telkens de mens achter de vluchteling te blijven zien. Geregeld antwoordt hij met een grote glimlach. Dat ontroert me, ik voel het in mijn lijf.

Plek voor mezelf

“Ik moet me wel af en toe terugtrekken. Dat heeft niets te maken met de vluchtelingen, maar met mijn eigen behoefte aan een plek voor mezelf. Het gebeurt namelijk niet vaak dat ik hier echt alleen ben.

“We zijn als leefgroep nog vrij pril, moeten onze gemeenschap nog vormen. Wie zijn wij? Wat zijn onze doelstellingen als gemeenschap, in relatie tot de kernwaarden van de zusters van het vroegere klooster?

“In de statuten van de zusters stonden de doelstellingen benoemd: gastvrijheid, met name voor vluchtelingen, werken aan sociale gerechtigheid, aandacht voor stilte en bezinning, aandacht voor het behoud van de aarde. Welke accenten willen wij leggen? Welke kant willen wij op ontwikkelen, waar willen we in groeien? Vragen waarop we ons bezinnen, maar die nog niet beantwoord zijn.

“Voor mij staat de gastvrijheid voorop: het toelaten van mensen in mijn leven, letterlijk en figuurlijk. In de eerste plaats zijn dat de vluchtelingen. Door ze als vanzelfsprekend onderdak te bieden, ruimte om te zijn. Dit heeft te maken met mijn verlangen me te verbinden met anderen. Dan pas word ik echt mens. Ik wil geen eiland zijn. Het is gemakkelijk je af te sluiten van wat er om je heen gebeurt; vluchtelingen te blijven zien als een ver-van-mijn-bed show. Dat wil ik niet, dan had ik op mijn dorp moeten blijven wonen.

Heeft u ook een zingevingsverhaal te vertellen en wilt u dat delen? Mail dan naar: zingeving@trouw.nl.

Elke twee weken vertelt een Trouw-lezer welke verhaal hem of haar zin geeft. Lees hier het verhaal terug van Johannes Klabbers, die vertelde hoe de zelfmoord van een vriend zijn leven veranderd. Of het verhaal van Lotte Driessen die langzaam doof en blind aan het worden is. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden