InterviewNachtleven

'Als je een volk langzaam volgzaam wilt maken, gooi dan de nacht op slot’

Filosofen René ten Bos en Jannah Loontjes in nachtclub Oliva op het Rembrandtplein. Beeld Maartje Geels
Filosofen René ten Bos en Jannah Loontjes in nachtclub Oliva op het Rembrandtplein.Beeld Maartje Geels

Elke dag om 17 uur gaat een groot deel van Nederland dicht. Daarmee is ook het nachtleven nagenoeg tot stilstand gekomen. Voor filosofen René ten Bos en Jannah Loontjens roept dat de vraag op: wat is de waarde van de nacht?

Djuna Spreksel en Tim van Der Pal

Soms zet filosoof en voormalig Denker des Vaderlands René ten Bos midden in de nacht dark techno op. De voetjes komen dan van de vloer, lacht hij, en het bewegen gaat vervolgens vanzelf. Dansen hoort voor Ten Bos bij de nacht: het zicht is troebel, andere zintuigen nemen het over. Ruiken en vooral voelen.

Hij is voor de ander minder zichtbaar, en voelt zich daarom vrijer, zegt Ten Bos. Tegelijkertijd neemt hij zichzelf des te meer waar. “De filosoof René Descartes noemde dat cogito ergo sum. Je bent je volledig bewust van het bestaan van jezelf als menselijke geest. Dat heeft iets intiems. Ik houd van de nacht, het liefste ben ik tot vier, vijf uur bezig. Maar mijn oude lijf trekt dat niet altijd meer.”

Het intieme karakter van de nacht, dat herkent filosoof en schrijver Jannah Loontjens, zeker in de club. Ze schreef in de essaybundel Roaring Nineties over het nachtleven in de jaren negentig, en had een tijdlang een bijbaan als danseres in een nachtclub. In de gesloten nachtclub Oliva op het Rembrandtplein wisselt Loontjens met Ten Bos ervaringen uit over de nacht. Zij drinkt een biertje, hij een glas wijn.

“Overdag kun je in een tram dicht op elkaar staan. Dat is iets volstrekt anders dan wanneer je in een nachtclub dicht tegen mensen aanstaat”, zegt Loontjens. “Daar kan contact ontstaan, ook met mensen van wie je de naam niet kent. Mensen zijn ’s nachts sneller open naar elkaar. Misschien kom je ze volgende week weer tegen, misschien ook niet. Er is niets verbonden aan dergelijke ontmoetingen, de waarde ligt in de intensiteit van het moment zelf. Dat geeft vrijheid.”

Andere regels

Ze wijst op de manier waarop grenzen in de nacht kunnen worden verlegd. In de nacht kun je een andere rol aannemen dan bij daglicht. “Je kunt ‘gek’ doen, uitbundig dansen, en het wordt door anderen als normaal ervaren. Overdag ben je dan algauw een weirdo. Er gelden andere regels in de nacht. En ons besef van tijd verandert: uren in de nacht hoeven niet ‘nuttig’ te zijn. Daardoor verlies je de tijd soms uit het oog. Ik dans weleens zes uur achter elkaar, dat voelt dan als een uurtje.”

Wie is Jannah Loontjens?

Jannah Loontjens (1974) studeerde filosofie in Amsterdam en New York. Daarna publiceerde ze romans en dichtbundels, vaak met een autobiografische insteek. In Veel geluk (2007) komen haar ervaringen als kind van hippie-ouders aan bod. Later volgden onder andere nog Roaring Nineties: Of hoe de filosofie mijn leven heeft veranderd (2016) over het (nacht)leven van de jaren negentig en Schuldig: een verkenning van mijn geweten waarin ze haar altijd aanwezige schuldgevoelens bespreekt.

Ten Bos noemt de nacht essentieel voor ontwrichtend en gezagsondermijnend gedrag, voor disfunctie. “Wat is vrijheid? Niets anders dan het recht om geheimen te hebben. Om geheimen te kunnen hebben, moet je kunnen bepalen wat je van jezelf aan de ander laat zien. In de donkerte zien we letterlijk minder van elkaar. En als je in een club bent, kun je ook even wegkruipen, waar niemand je ziet. Bovendien helpt de massaliteit van de dansvloer, waar je anoniemer bent. De nacht is het kistje dat onze geheimen waarborgt.”

Dat momenteel om vijf uur ’s middags de deuren overal sluiten en het nachtleven nagenoeg tot stilstand is gebracht, baart Ten Bos zorgen. Verbaasd is hij er niet over. “Dit past in een patroon. Ook bij eerdere pandemieën en andere crises werd de nacht tot vijand gemaakt. Curfew, het Engelse woord voor avondklok, komt van het Franse couvrir le feu, wat ‘het vuur toedekken’ betekent. Iedere poging van staten om crises te bezweren, is altijd gepaard gegaan met het bedekken van het vuur. Totalitaire regimes hebben daglicht nodig, die bestaan bij de gratie van volledige zichtbaarheid en transparantie. Als je een volk volgzaam en gedwee wil maken, gooi dan de nacht op slot, en zorg ervoor dat mensen achter hun eigen voordeur moeten blijven.”

Intercontinentale vluchten

Ten Bos gelooft niet dat de sluiting van het nachtleven een bewuste actie is om burgers monddood te maken, voegt hij even later toe, maar het kan wel een dergelijk effect hebben. “Dat de overdracht van het virus ook plaatsvindt in het nachtleven, ontken ik niet. Maar het is niet zo dat het virus na middernacht ineens gaat rondvliegen, en daarvoor niet. Als je de overdracht echt wilt beperken, leg dan eerst maar eens al die intercontinentale vluchten aan banden.”

Wie is René ten Bos?

René ten Bos (1959) groeide op in Twente en studeerde in Nijmegen. Tegenwoordig is hij hoogleraar filosofie aan de Radboud Universiteit. Daarnaast was Ten Bos tussen 2017 en 2019 Denker des Vaderlands. Recentelijk verschenen van zijn hand De Coronastorm (2020) over verschillende aspecten van de coronapandemie en Meteosofie (2021) over een wijze omgang van de mens met het weer.

De nacht, zo menen Ten Bos en Loontjens, is evenzeer een ruimte als een tijdzone. Clubs, cafés en andere plekken waar ’s nachts normaliter activiteiten plaatsvinden, zijn nu vreugdeloos en verlaten. Loontjens: “Als ik de ruimte van de nacht instap, dan gebeurt er vanzelf iets. Ik stap in het domein van de verbeelding. Ik vind het doorgaans lastig om mijn gedachten uit te schakelen, dan blijf ik maar nadenken en piekeren. Door de nacht heb ik geleerd om te luisteren naar het lichaam. En dat het lichaam het soms mag overnemen van de ratio, van het hoofd.”

Wie weleens tot in de late uurtjes doorgaat, kent het gevoel: ineens gaan de lichten aan, en de muziek uit. Alles lijkt een illusie te zijn geweest. Je buurvrouw, met wie je net nog stond te dansen, blijkt uitgelopen mascaravlekken te hebben. Discoballen, lampen, podia: in de nacht leeft het, overdag zijn het stoffige decorstukken. Maar wie zegt dat het niet echt geweest is? De ruimte voor verbeelding in de nacht prikkelt de creativiteit, meent Loontjens. “Donkerte maskeert en verbergt, maar creëert net zo goed. Er ontstaan nieuwe plannen en initiatieven in de nacht, omdat we anders kijken. Die manieren van kijken worden overdag verborgen door het licht.” Loontjens pauzeert even, en voegt dan toe: “De nacht is waardevol in zichzelf, niet omdat we overdag productiever zijn als we ’s nachts stoom kunnen afblazen, zoals weleens wordt gezegd.”

Brutaler en vrijer

Ook Ten Bos kwam naar eigen zeggen in de nacht tot zijn meest belangrijke inzichten, omdat zijn blik anders was. Hij was brutaler, durfde meer, dacht vrijer. Ten Bos ergert zich aan de louter biologische functie die veel mensen de nacht geven: de nacht staat in dienst van de dag. “In onze arbeidsmaatschappij is de nacht een manier om bij te komen, om uit te rusten, om te slapen. Zodat we er morgen weer tegenaan kunnen. Soms hoor ik iemand zeggen dat hij of zij wel om tien uur naar bed moet, omdat -ie anders morgen moe is. Dan denk ik: so what? Dan ben je maar eens moe, dan functioneer je maar eens slecht. Het getuigt van zo’n beperkt beeld van wat zich in de nacht allemaal afspeelt.”

Dit zijn overigens niet alleen maar mooie, positieve dingen, zien beide filosofen. De nacht heeft ook een duistere, onprettige kant. Waar de nacht intiem kan zijn omdat we makkelijker contact maken met anderen, kan die intimiteit soms omslaan in unheimlichkeit, zegt Ten Bos. Bijvoorbeeld omdat mensen in de nacht minder goed te peilen zijn, of omdat ze gemakkelijker je grenzen overgaan. De nacht maakt vrij omdat ze ons in duisternis hult en onze geheimen waarborgt, maar dat geldt dus ook voor de ander. “Kierkegaard sprak over angst als een sympathetische antipathie en een antipathetische sympathie,” legt Ten Bos uit. “Aan de ene kant vermijden we wat ons bang maakt, maar aan de andere kant zoeken we het op. Dat geldt ook voor de nacht, en precies dat maakt haar zo spannend: ze trekt aan en stoot af.”

Lees ook:

Deze nachtvlinders bloeien op in de late uurtjes: ‘’s Nachts kan je echt jezelf zijn’

De nacht verbindt en toont wat het daglicht niet kan verdragen. Terwijl clubs en cafés door corona na twaalf uur nog steeds gesloten zijn, vertellen drie ‘nachtdieren’ over de aantrekkingskracht van het ‘clubben’ by night.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden