Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Naar wie zou ik als journalist beter moeten luisteren?

Religie en Filosofie

Leonie Breebaart

Leonie Breebaart © Maartje Geels
Column

Als ik me afvraag of ik niet naïef of bevooroordeeld ben, een vraag waar je als columnist niet aan ontkomt, moet ik vaak denken aan Martin, een klasgenoot van de middelbare school. Niet dat ik veel contact met hem had, het is meer dat ik achteraf pas begreep hoe naïef hij mij en mijn vrienden gevonden moet hebben.

Martin, zoiets hadden we wel opgevangen, kwam uit Tsjechoslowakije, waar het in de jaren zeventig zoals bekend geen lolletje was. Dat zal de reden zijn geweest dat zijn ouders naar Nederland waren gekomen, maar ik herinner me vooral dat ons clubje hem een beetje rechts vond. Zo haalde hij altijd heel hoge cijfers en vond hij carrière geen vies woord.

Lees verder na de advertentie

Een duidelijk bewijs van zijn beklagenswaardig rechtse ambitie was de ouderwetse schooltas waarin hij zijn boeken meesleepte. Dat leek wel een aktentas! Wij daarentegen liepen rond met in de legerdump aangeschafte ‘pukkels’; geen moment vroegen we ons af waarom je als zelfverklaarde pacifisten rond zou lopen met afgedankte spullen uit het Amerikaanse leger, maar er was wel meer wat we ons niet afvroegen.

Het blijft lastig de ideologische verblinding van je eigen tijd te herkennen

Comfortabele overtuiging 

We leefden in de comfortabele overtuiging dat we als tegenstanders van ‘het fascisme’ (de politie was toen ook al fascistoide) links moesten zijn. En wie links was, moest wel tegen de kapitalistische VS zijn. En wie tegen Amerika was, was misschien niet helemaal vóór Rusland of China, maar communisme was in de grond toch beter dan kapitalisme, zelfs al viel de uitvoering soms een beetje tegen. Enfin, er zijn nog altijd mensen die dat denken.

Maar bij ons in de klas zat dus een jongen die daar anders over dacht en daar redenen voor had waar wij ons in het kleine, veilige Nederland geen voorstelling van konden maken.

Als ik aan Martin denk, vraag ik me af hoe hij gedacht moet hebben over tieners die geen besef hadden van de tirannie naast de deur - en die niet op het idee kwamen een ervaringsdeskundige ernaar te vragen.

Wie bedreigt wie?

Natuurlijk waren we nog verschrikkelijk jong. Een paar jaar later dacht ik alweer heel anders over de zegeningen van het communisme, vooral omdat ik in de boekenkast van mijn zwager Karel van het Reve had ontdekt. Maar toch. Het blijft lastig de ideologische verblinding van je eigen tijd te herkennen.

Dus vraag ik me vaak af naar wie ik nu als journalist beter zou moeten luisteren. Wat hebben mensen als ikzelf niet door, omdat we maar één vijand in het vizier hebben? Maakt de angst te discrimineren ons blind voor islamisering? Of maakt de angst voor islamisering ons blind voor de discriminatie van moslims? Of om een ander debat te noemen: maakt de angst voor verlies aan privacy ons naïef over andere gevaren die ons bedreigen, of is het andersom?

Zelfs als je op grond van onderzoek voor een van beide antwoorden kiest, kan het gebeuren dat je je mening op grond van nieuwe feiten moet herzien. Maar zonder die Martin in je ooghoek, zonder de vermoeiende onrust dat jij en je eigen club het helemaal mis kunnen hebben, komen nieuwe feiten überhaupt niet binnen. Alleen in die zin zijn feiten volgens mij relatief.

Leonie Breebaart is filosoof en redacteur van Trouw. Hier vindt u meer van haar columns. Bijvoorbeeld haar column over het verlies van privacy: Ik geef de AIVD graag het recht mij op te vissen in hun sleepwet



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Het blijft lastig de ideologische verblinding van je eigen tijd te herkennen