Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Joden en moslims hebben zo hun eigen opvatting over orgaandonatie

Religie en Filosofie

Wolter Huttinga

D66-Tweede Kamerlid Pia Dijkstra verdedigt in de Eerste Kamer de nieuwe donorwet. © Werry Crone
Theologisch Elftal

Hoe wordt er in kringen van joden en moslims gedacht over orgaandonatie, waarover eerder deze week de nieuwe wet werd aangenomen?

'Gedenk, mens, dat je stof bent en tot stof zult wederkeren.' Dat is de klassieke zin die de priester of voorganger uitsprak tegen christenen die gisteren, op Aswoensdag, een askruisje op hun voorhoofd getekend kregen. Het zijn woorden die de mens bepalen bij zijn sterfelijkheid en stoffelijkheid. Hoe kijken de joodse en de islamitische speler uit het Theologisch Elftal aan tegen deze woorden? Hoe kijken zij aan tegen de dood? En wat betekent dat voor recente debatten over de juist aangenomen donorwet en de debatten over het voltooid leven?

Lees verder na de advertentie

"De mens moet altijd bedenken dat hij stof is. Stof is waar hij vandaan komt en waar hij weer naar terugkeert. Tussen die beide dimensies speelt datgene zich af wat wij leven noemen, de verbinding van het lichaam en de ziel." Lody van de Kamp, rabbijn en schrijver baseert zich op de Spreuken der Vaderen uit de Misjna. 

"De Talmoed gebruikt over het gestorven lichaam het beeld van het zaadje. Een lichaam moet volgens de joodse wetten worden begraven, en wel zo volledig mogelijk. Die handeling beschrijft de Talmoed als het planten van een gerstekorrel. Dat zaad sterft en brengt vervolgens nieuwe oogst voort. 'Tot stof terugkeren' is dus niet het einde van het verhaal, maar is de opmaat voor de wederopstanding. Je ziet hoe het christelijke Nieuwe Testament, met zijn geloof in de opstanding, volop put uit de joodse traditie."

De Koran. © EPA

"Dat je als mens stof bent en uit de aarde genomen, is een uitdrukking die ook regelmatig in de Koran terugkeert", zegt Mohamed Ajouaou, docent islamitische theologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. "In de islam ligt de focus op dít leven. Zeker, er is een hiernamaals en na je dood moet je verantwoording afleggen over je daden. De boodschap is: pak nu de kans om een goed leven te leiden.

"Sterfelijkheid betekent in de islam het einde aan je kansen om er nu wat goeds van te maken. Dat je als mens maar stof bent resulteert dus niet in passiviteit, zo van 'dan maakt het ook niets uit allemaal'. Het zorgt juist voor een morele oproep in het heden".

Wat betekent deze visie op het sterfelijke lichaam voor orgaandonatie?

Van de Kamp: "Je zou verwachten dat orthodoxe joden tegen orgaandonatie zijn, omdat het begraven lichaam zo ongeschonden mogelijk als zaad voor de wederopstanding ter aarde besteld moet worden.

"Tegelijk hebben we echter de regel: als je met jouw lichaam een ander leven kunt redden, dan heb je ook de plicht om het te doen. Dus zeker, er gelden voor joden 613 strikte geboden en verboden. Maar er zijn situaties waarin het leven zelf voorgaat.

"Op sabbat mag je niets doen. Maar als er een leven in het geding is moet je er alles aan doen om dat leven in stand te houden. Stel dat zich een situatie voordoet waarin jij door een nier af te staan het leven van een ander kunt redden. Dan is het niet zozeer de vraag of jij daar zin in hebt. Nee, dan is het de vraag of je gehoor gaat geven aan je morele plicht."

Ajouaou: "Binnen de islam wordt daar heel verschillend over gedacht. Toch hoor ik de laatste tijd vooral het geluid dat het geldt als een goede daad wanneer jij besluit je organen aan een ander door te geven. Voorheen ging de principiële discussie voor veel moslims vooral over de vraag of het wel goed is als mijn hart straks klopt in het lichaam van een ongelovige. Nu hoor ik vaker: ongelovig of niet, dat maakt niet uit. Leven is leven."

En de discussie over voltooid leven?

Van de Kamp: "Het leven is voor ons onaantastbaar en er mag niet actief worden ingegrepen om het te beëindigen. Termen als 'onaanvaardbaar lijden' of 'onwaardig leven' kennen wij niet. 'Het woord leven tolereert geen bezittelijke voornaamwoorden of bijvoeglijke naamwoorden' schreef de Engelse opperrabijn, Immanuel Jacobovits. Het is nooit 'mijn leven', en ook niet mooi of lelijk, zinnig of voltooid. Leven is leven en dat moet in stand blijven. Dat geeft natuurlijk wel een absolute plicht aan de samenleving om dat leven zo dragelijk mogelijk te maken. En nee, 'leven rekken' is daarmee niet aan de orde. Een patiënt in de stervensfase moet je laten overlijden. In de Talmoed staat een mooie casus over iemand die stervende is. Buiten is echter een houthakker bezig een boom om te kappen. De cadans van dat hakken zou de stervende kunnen belemmeren bij het overlijden. Dan moet je volgens de Talmoed die houthakker vragen even te stoppen met zijn arbeid om de dood z'n intrede te laten doen."

Voor Ajouaou is het thema 'sterfelijkheid' persoonlijk actueel. Hij geeft op dit moment even geen colleges, maar is in Marokko om voor zijn bejaarde zieke ouders te zorgen. Een taak waar hij zich net als zijn broers en zussen regelmatig aan wijdt.

"'Voltooid leven' is een iets te nette uitdrukking waarmee de samenleving haar eigen geweten sust. Ik ben bang dat de neiging om leven als 'voltooid' te benoemen een soort druk van buitenaf op veel mensen legt van wie het leven nog helemaal niet voltooid is.

"Moslims beschouwen het als een daad van moed als je je kwetsbaarheid, je stoffelijkheid, kunt accepteren. Als je geduldig volhardt. Het leven voltooit zich vanzelf. Dat vergt voor jou een daad van overgave die in het hiernamaals beloond zal worden. Maar bedenk dat dat heel moeilijk wordt als je het helemaal in je eentje moet doen. Daarom heb je anderen zo hard nodig die hun bijdrage leveren en die jou bijstaan."

Lees hier meer artikel van het Theologisch Elftal. 

Trouw schreef in 2016 een verhaal over een campagne om allochtonen tot orgaandonatie aan te zetten. Marokkanen staan het minst vaak met een 'ja' in het donorregister ingeschreven. 

Deel dit artikel