Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hoe de patiënt een cliënt en consument werd

Religie en Filosofie

Peter Henk Steenhuis

Publiciteitsfoto van de Acibadem-groep van hun privé-kliniek in Istanbul. © Acibadem
Column

We trekken ons terug in onze veilige bubbel. Verliezen we het vermogen elkaar te begrijpen en te bereiken? In een serie columns reist journalist Peter Henk Steenhuis langs de grenzen van onze taal op zoek naar de grenzen van onze werelden. Vandaag:  klant, cliënt, patiënt en consument.

Privébehandeling nog te vaak onveilig’ kopte Trouw donderdag. Het aantal particuliere klinieken groeit als kool, schreef de krant maar de beloofde verbetering van de kwaliteit blijft uit. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) publiceerde deze week twee rapporten. Hoofdinspecteur Marina Eckenhausen: "Wij hebben al langer zorgen over particuliere klinieken. Dat er dingen niet goed gaan, dat kan gebeuren. Je moet er wel van leren. De reguliere ziekenhuizen doen dat. Particuliere klinieken blijven achter.”

Lees verder na de advertentie

In het verhaal staat een veelzeggende passage. Naar aanleiding van het onderzoek vraagt de interviewer, Marco Visser: “Hoe weet de consument of een kliniek aan de eisen voldoet?” Eckenhausen antwoordt: "Je moet je als patiënt goed laten informeren.”

Een patiënt was iemand die medische hulp nodig heeft, maar zijn lijden geduldig droeg – denk aan het Engelse patience

Het gaan mij nu niet om die informatie, die blijkt nog niet zo makkelijk te vinden te zijn. Het gaat mij om het woord ‘consument’ dat de journalist gebruikt en ‘patiënt’ dat in het antwoord valt. Die woorden lijken hier synoniem maar staan symbool voor een opmerkelijke ontwikkelingsgang in de gezondheidszorg, waarbij de klant uiteindelijk koning is geworden.

'Goet Calant'

Die klant moest daarvoor een behoorlijke weg afleggen. Aanvankelijk was een ‘goet calant’ namelijk een ‘beste kerel’. Een paar eeuwen later werd die beste kerel een goede afnemer. En dan zijn we in de buurt van onze klant.

Die klant blijkt niet hetzelfde als de cliënt: verrassend genoeg schijnen die woorden niet aan elkaar verwant te zijn. ‘Clientelijck’ lijkt oorspronkelijk zelfs ‘onderdanig’ te hebben betekend. Later kreeg cliënt dezelfde betekenis als klant, maar werd het vooral gebruikt voor afnemers van diensten, bijvoorbeeld die van een bank, advocaat, verzekeringsmaatschappij.

Verzekeringsartsen hebben het er nu vaak moeilijk mee dat ze patiënten cliënten moeten noemen. Dat is ook wel begrijpelijk, een patiënt was iemand die medische hulp nodig heeft, maar zijn lijden wel geduldig droeg – denk nog maar aan het Engelse patience. Kom daar nog maar een om, bij onze mondige burger, die als cliënt niet meer onderdanig is maar veeleisend.

Hand in hand met deze ontwikkeling ging de opmars van de privéklinieken. Oorspronkelijk waren particuliere klinieken of privéklinieken er alleen voor de allerrijksten, voor de koningen onder ons. Toen de Belgische koning Leopold op 4 maart 1935 een ooroperatie moest ondergaan, ging hij niet naar het hospitaal om de hoek, maar naar een particuliere kliniek in Folkestone, zo lezen we in de Sumatra Post van 05-03-1935. Dat deed koning Leopold waarschijnlijk niet vanwege het uitzicht op zee.

Spectaculaire stijging

Het woord ‘particulier’ betekent ook ‘privé, niet openbaar, niet publiek’. Je ging naar een privékliniek omdat de zorg er beter zou zijn en er geen wachtlijsten bestonden. Daar stond tegenover dat een privékliniek veel duurder was, en daardoor aanvankelijk slechts bevolkt werd door koningen en andere welgestelden.

Maar de goede kerel werd koning en kon zich steeds vaker dure zorg permitteren. Zo groeiden afgelopen jaren de privéklinieken of particuliere klinieken spectaculair in aantal, van 269 in 2011 tot 500 nu.

Is in deze privékliniek nu de klant een consument die zorg koopt of een patiënt die genezen hoopt te worden? Ik vermoed toch steeds meer een consument. Want met de opkomst van privéklinieken maakt de zorg een overstap van de publieke sector, waar het algemeen belang voorop staat, naar de private sector, waar consumenten en producenten de dienst uitmaken.

De consument koopt de zorg die hij hebben wil; de producent produceert de zorg tegen een concurrerende prijs. En wat doet die producent om de kosten te verlagen en de winst te verhogen? Die bezuinigt, bijvoorbeeld op het aantal schoonmakers, of op het aantal controles voorafgaand aan een operatie, of op de voorlichting aan de patiënt/consument, met als gevolg dat de koninklijke privékliniek inmiddels op de voet gevolgd wordt door de inspectie en voor de ‘kwaliteit van zorg’ een ‘onvoldoende’ krijgt. Werd de klant nu werkelijk koning? 

Onder de titel 'Welkom in Bubbelonië' neemt Peter Henk Steenhuis wekelijks op de Trouwsite één woord onder de loep. Lees hier eerdere columns terug. Voor meer info: www.bubbelonie.nl.

© Trouw/Peter Henk Steenhuis

Deel dit artikel

Een patiënt was iemand die medische hulp nodig heeft, maar zijn lijden geduldig droeg – denk aan het Engelse patience