Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het is tijd om anders over werk na te denken

Home

Marco Visscher

James Livingston © René Clement
INTERVIEW

Werk vormt ons karakter. Daarom willen we altijd maar banen creëren. Maar werkgelegenheid neemt alleen maar af, meent James Livingston. Tijd om anders over werk na te denken.

Werken: alleen het wóórd al ontneemt James Livingston alle aandrang. Niet dat de Amerikaanse historicus het erg vindt om les te geven of te schrijven, maar dat hele idee dat het ‘Werk’ is, ‘Arbeid’, pfff, daar heeft hij genoeg van. En hij is niet de enige. Werk als hoog ideaal, als het ultieme bewijs dat we deugdzaam zijn en voor onszelf kunnen zorgen, is zó achterhaald, stelt Livingston. En als straks al ons werk door de robots is overgenomen, zijn we te laat om serieuze vragen over leven en arbeid te stellen. Het zijn vragen die hij alvast aan de orde stelt in zijn spraakmakende boek, ‘No More Work’.

Lees verder na de advertentie

Liefst wilde hij zijn boek (‘eigenlijk een pamflet’) een andere titel meegeven: Fuck Work, maar zijn uitgever vreesde dat je dan geen bespreking krijgt in grote Amerikaanse kranten en Amazon.com het niet wil verkopen. Dat is dan toch zonde van het, eh, werk.

Wat is er mis met werk?

“Banen zijn al een generatie lang aan het verdwijnen: ze komen niet meer terug. En met de resterende banen kunnen we nauwelijks rondkomen. Van alle Amerikanen met een baan leeft maar liefst een kwart onder de armoedegrens. Bijna de helft van de werkende beroepsbevolking komt in aanmerking voor voedselbonnen. In sommige Europese landen zit een kwart van de beroepsbevolking werkloos thuis. Weet u nog dat we ons zorgen maakten over de politieke onrust die zou volgen als zoveel jonge mannen in het Midden-Oosten werkloos zouden zijn? Nou, misschien is Europa wel het echte broeinest. Het is in elk geval hoog tijd om na te denken over de betekenis van werk. Wat krijgen we nu eigenlijk terug van ons werk? Wat zouden we wíllen terugkrijgen?”

Wat krijgen we nu eigenlijk terug van ons werk? Wat zouden we wíllen terugkrijgen?

Wat kregen we altijd?

“Sinds de Reformatie denken we dat werk verheffend is. Goed voor je karakter, discipline, eerlijkheid, stiptheid, initiatief, noem maar op. Word geen kluizenaar of monnik, maar begeef je tussen je medezondaars en werk met hen samen, dan maak je kans op de Hemel.

“Daarvoor dachten we dat werk iets was voor de onderworpenen. Wanneer je voor iemand werkte, dan was je slaafs en afhankelijk. Je kon niet voor jezelf zorgen of zelf nadenken. Dan had je geen eigen wil, maar deed je wat anderen jou opdroegen. Pas in de laatste paar honderd jaar werd dat idee vervangen door een ander idee.”

Inmiddels is onze samenleving geseculariseerd.

“Maar het heilige belang dat we hechten aan werk leeft nog altijd voort. Zodra we horen dat iemand geen werk heeft, vragen we ons onderhuids af of zo iemand eigenlijk nog wel deugt. Hangt-ie niet de hele dag op de bank tv te kijken? Is-ie niet almaar stoned? Iedere politicus, links en rechts, streeft dan ook naar volledige werkgelegenheid. Banen creëren is in de politiek zo ongeveer het allerbelangrijkste.”

Vandaar ook de voorstellen om het minimumloon te verhogen. Dat zou nieuwe banen scheppen.

“Ja, en daar zijn goede morele argumenten voor. Maar zelfs wanneer we het hier in de VS verhogen naar 15 dollar per uur - een verdubbeling dus - moet je 29 uur per week werken om voorbij de armoedegrens te komen. Dat klinkt haalbaar, maar bij McDonald’s of Walmart krijgt niemand contracten voor zoveel uren, dus dan moet je twee of drie baantjes hebben om rond te komen. Is dat een waardig leven? Ik denk het niet.”

Maar het is wel goed voor je karakter.

“Dat is maar de vraag. We kennen nu een groeiende inkomenskloof. Natuurlijk waren er altijd verschillen in wat we verdienden, maar we leefden met het idee dat je met wat meer inzet meer kon verdienen dan de anderen die luier waren. Vandaag bestaat er geen enkele relatie meer tussen inspanning en beloning. De bankiers op Wall Street ontvangen gigantische bonussen, en wanneer het misgaat, mogen wij, belastingbetalers, hen redden, waarop de economie in elkaar zakt, wij onze baan verliezen en zij nog steeds hun bonussen opstrijken! Wat leer je dan? Dat je heel wat meer geld verdient als je op Wall Street gaat werken of een drugsdealer wordt. Je leert dus dat criminaliteit loont.”

U maakt zich zorgen over automatisering. Robots pakken volgens u onze banen af.

“Ik ben niet de enige. Economen van de Massachusetts Institute of Technology stellen dat de digitale technologie steeds meer dingen kan doen waarvan we nog altijd denken dat alleen mensen ze kunnen - en de ontwikkelingen gaan razendsnel. Volgens Oxford-economen dreigt binnen twintig jaar zeker tweederde van de huidige banen daardoor uit te sterven. Daar zitten ook de banen bij waarvoor je ‘niet-routinematige cognitieve vaardigheden’ nodig hebt, u weet wel, zoals denken. Er zijn simpelweg niet genoeg banen. Al sinds 2000 is er netto geen enkele baan bij gekomen in de VS. In sommige Europese landen is de werkloosheid nog nooit zo hoog geweest. Met de doorbraak van de robots zal het alleen maar erger worden.”

© René Clement
Iedereen blijft gewoon doen wat-ie doet, ook de vakkenvuller en de vuilnisman

Zulke voorspellingen klinken al zeker honderd jaar. Waarom is het nu anders?

“Daar heeft u een goed punt. Al in de jaren twintig van de vorige eeuw probeerde de auto-industrie ‘het menselijke element’ in de productie al uit te schakelen. Dat lukte niet, omdat er altijd mensen nodig waren om robots te ontwerpen en te bouwen. Dát is nu anders. Robots kunnen zichzelf reproduceren: een compleet nieuwe stap in de evolutie. Lange tijd gebruikten we gereedschappen als een verlengstuk van ons lichaam. Dat veranderde in de Industriële Revolutie. Toen konden de door ons gemaakte machines véél meer dan dat en verveelvoudigden ze onze productie. En nu belanden we in een derde fase, waarin het moeilijk te voorspellen is wat door machines gemaakte machines allemaal kunnen.”

Tot nu toe zijn mensen altijd iets anders gaan doen wanneer machines en robots hun werk overnamen.

“Klopt, en u mag er best op blijven hopen dat het opnieuw gebeurt. Maar wat, als er straks echt geen werk meer is? Hoe zullen we ontdekken wie we zijn? Waar zullen we dan nog de waarden leren die ons karakter vormen? Het zijn verontrustende vragen, omdat niemand de antwoorden heeft.”

Maar er is toch nog altijd werk te doen? De zieken moeten worden verzorgd, de kinderen opgeleid...

“Ah, het is tekenend dat u uitgerekend deze twee voorbeelden geeft. Gezondheidszorg en onderwijs zijn de twee grootste sectoren van de Amerikaanse economie. Niet heel lang geleden waren auto’s en staal de grootste. Wat valt op? Het is een verschuiving van mannenwerk naar vrouwenwerk. Toen vrouwen zich begonnen te mengen op de arbeidsmarkt, deden ze dat vooral in gezondheidszorg en onderwijs. Dit vrouwenwerk is altijd onderschat en onderbetaald geweest. En nu, in 2017, waarin die sectoren zo belangrijk zijn, zijn we op het punt beland dat we zo ongeveer allemáál worden onderbetaald.”

Toch blijft dit werk belangrijk.

“Dat ben ik met u eens. We moeten zorgen voor elkaar, anderen opleiden en zelf blijven leren. Maar het zijn zaken die weinig mensen als ‘werk’ zien.”

Moeten we misschien de belasting op arbeid verlagen, zodat er een prikkel komt om mensen in dienst te nemen?

“Ammehoela! En zo de kapitalisten tegemoet komen? Laat ze lekker zelf uitzoeken hoe ze hun winst kunnen maximaliseren, terwijl hun werknemers voor een hongerloontje werken. Welnee, we hebben een basisinkomen nodig.”

U wilt een basisinkomen voor iedereen?

“Jazeker. Alle volwassenen, of ze nu werken of niet, moeten iedere maand een bedrag krijgen waarmee ze rond kunnen komen. Het kán niet anders. De arbeidsmarkt heeft gefaald en valt niet meer te herstellen.”

Gratis geld voor iedereen, word je daar niet lui van?

“Alle studies naar experimenten met het basisinkomen laten zien dat het geen enkel effect heeft op de werkethiek. Mensen blijven werken, ze blijven netjes getrouwd, verbrassen het niet in de kroeg. Het bewijs is overweldigend. Waarom zou iemand hierover bezorgd kunnen zijn?”

Is zo’n basisinkomen wel te betalen, en moreel in de haak?

“Wat?! Meent u dat werkelijk? Luister. Veruit de meeste grote bedrijven betalen weinig tot geen belasting. Hoort u? Weinig. Tot. Geen. Belasting... Wíe krijgt er op dit moment iets voor niets? Is dat soms wél moreel verantwoord?”

Zouden we dan niet massaal stoppen met werken?

“Natuurlijk niet. Iedereen blijft gewoon doen wat-ie doet, ook de vakkenvuller en de vuilnisman. Dacht u soms dat ze thuis zouden blijven om met een inkomen van, zeg, 40.000 dollar op de bank te hangen? Dat dacht ik niet. Uit alle studies die ik heb gezien en uit alle gesprekken die ik heb gevoerd blijkt van niet.”

We zouden vrij moeten zijn om te zeggen: weet je wat, ik ben helemaal klaar met werken, ik ga doen wat ik wil

Maar voor veel mensen is werk heel vervelend.

“Ja, maar het vooruitzicht om níet te werken is óók heel vervelend. En laten we ons nu eens afvragen waarom dat zo is. Volgens mij wijst dat namelijk niet op een economische crisis, maar op een morele, spirituele crisis. Er dringen zich belangrijke, moeilijke vragen op. Hoe leren we elkaar wat belangrijk is? Hoe leren we onszelf om een goed leven te leiden? Hoe leren we om onszelf te ontwikkelen? De meesten van ons hebben geleerd dat we daarvoor werk nodig hebben. Dankzij de protestanten denken we dat we een prooi voor de duivel zijn als we nietsdoen en onszelf niet nuttig maken. Maar zo dachten ze in de Oudheid niet. Nietsdoen is een kunst, dachten ze. Als je het beheerste, kon je je ontwikkelen tot wie je werkelijk bent. Je kon iets over jezelf leren, je kon lezen, met mensen praten...

“Tegenwoordig denken wij allang niet meer zo. Daarom zijn we zo bang om geen baan te hebben. Maar vraag uzelf eens af: waaruit bestaat een goed leven? Hoeveel heeft u daarvoor nodig? Het lijkt me veel nuttiger om die vragen te beantwoorden dan om je iedere dag voor een hongerloontje het schompes te werken, zodat een paar eikels meer winst kunnen opstrijken. We zouden vrij moeten zijn om te zeggen: weet je wat, ik ben helemaal klaar met werken, ik ga doen wat ik wil.”

Zijn wij slaven?

Livingston twijfelt even. “We zijn slaven van een ideologie die ons vertelt dat we moeten werken om een fatsoenlijk en verantwoordelijk mens te zijn. Maar je bent geen slaaf als je voor iemand anders werkt. Het zou een belediging zijn voor de slaven van vroeger als we ons op gelijke voet met hen zouden stellen.”

En wat nu?

“Laten we leren om lief te zijn voor elkaar en voor anderen te zorgen.’

Liefde en werk: dat is alles wat er is, zei Freud al.

“Precies. Als er geen werk meer is, houden we alleen de liefde nog over. Kan de liefde overleven en ons onderhouden? Ik denk het wel.”

James Livingston

James Livingston(68) is hoogleraar geschiedenis in New Jersey. Hij schreef voor (inmiddels opgedoekte) linkse periodieken als Socialist Revolution en Marxist Perspectives. Hij publiceerde boeken over voordelen van de consumptiemaatschappij (‘Against Thrift’) en ‘The World Turned Inside Out’, over Amerikaanse popcultuur zoals muziek, films en cartoons. Zijn jongste boek heet ‘No More Work: Why Full Employment is a Bad Idea’.

Deel dit artikel

Wat krijgen we nu eigenlijk terug van ons werk? Wat zouden we wíllen terugkrijgen?

Iedereen blijft gewoon doen wat-ie doet, ook de vakkenvuller en de vuilnisman

We zouden vrij moeten zijn om te zeggen: weet je wat, ik ben helemaal klaar met werken, ik ga doen wat ik wil