Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Geen aardbeien meer eten is niet het antwoord

Religie en Filosofie

Wolter Huttinga

© ANP XTRA
theologisch elftal

De consument wil perfect voedsel op een koopje. Maar is dat nog wel realistisch nu hij zijn etenswaren steeds meer moet gaan wantrouwen?

Een glanzend rode aardbei pronkte afgelopen zaterdag op de voorpagina van Trouw. De sappige zomervrucht bleek echter symbool te staan voor de 'gifaardbei' uit de supermarkt die door een cocktaileffect van bestrijdingsmiddelen maar liefst zes keer giftiger is dan ander fruit. Voor een welwillende consument lijkt het bijna onmogelijk om nog te vertrouwen op de waren die je voorgeschoteld krijgt. En dat terwijl we bijna een jaar geleden massaal met vochtige ogen naar Jan Terlouws oproep tot meer vertrouwen keken. 'Vertrouwen in de toekomst' en vertrouwen in elkaar: we willen het wel, maar is het realistisch?

Lees verder na de advertentie

"Ik bekijk deze zaak niet zozeer vanuit de vraag of er een vertrouwenscrisis is", zegt Erik Borgman, hoogleraar publieke theologie aan Tilburg University. "Er zit iets onnatuurlijks aan ons verlangen om het hele jaar door een soort vrucht te willen eten die toch van oudsher bij de zomer hoort. Als je die per se het hele jaar door voor de allerlaagste prijs wilt eten, kun je verwachten dat dat ten koste gaat van smaak, kwaliteit en het milieu. Intussen eisen we dat de vrucht er gezond uitziet: perfect rood, sappig en glanzend. We proberen op deze manier iets te beheersen dat zich niet beheersen laat en daarmee vallen we ten prooi aan een paradox. Het probleem verdwijnt niet, maar komt letterlijk op ons eigen bordje terecht.

We zijn het besef kwijt dat gebrek en verval ook bij het leven horen. Kromme komkommers accepteren we niet in het schap van de supermarkt.

Erik Borgman, theoloog

"We zijn het inzicht kwijt dat alles z'n seizoen heeft en dat dit goed is. Als ik als kind zei dat ik wel elke dag jarig zou willen zijn, dan reageerde mijn moeder terecht: 'Nou, dat gaat ook vervelen hoor'. We zijn het besef kwijt dat gebrek en verval ook bij het leven horen. Kromme komkommers en pukkelpompoenen accepteren we niet in het schap van de supermarkt. Vlees spuiten we in met rode kleurstof omdat het anders zo grauw oogt. Dat gaat allemaal niet zozeer over de vraag of we de werkelijkheid wel kunnen vertrouwen, maar over ons onvermogen om te leven met een wereld die niet optimaal is. We willen de perfectie op een koopje."

Nummer één

Manuela Kalsky, bijzonder hoogleraar op de Edward Schillebeeckx-leerstoel voor Theologie en Samenleving aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, las net een studie waarin werd onderzocht met welke levensvragen Vlamingen het meest bezig zijn. "Op nummer één stond: 'Hoe kan ik lichamelijk gezond blijven?' Men is vooral bezorgd over het eigen welzijn en de eigen toekomst. Nieuwsberichten over gif in ons eten zijn dan natuurlijk niet geruststellend. Persoonlijk geluk staat bij de levensvragen bovenaan, niet zozeer de vraag naar de goede samenleving. Het draait om je eigen bestaansonzekerheid. 'Wat maakt mijn leven de moeite waard?', 'Zal ik een goede oude dag hebben?' Het ik staat centraal en dat is, blijkt uit dat onderzoek, omgeven met onzekerheid en gebrek aan vertrouwen in de toekomst en de samenleving.

We pompen goedkoop geproduceerd voedsel rond over de aardbol om altijd alles te kunnen consumeren wat we willen. Het verlangen daarnaar moet doorbroken worden.

Manuele Kalsky, theologe

"Welnu, als gezondheid het hoogste goed is, dan zijn we het met al die bestrijdingsmiddelen aardig aan het verzieken voor onszelf en de wereld. We pompen goedkoop geproduceerd voedsel rond over de aardbol om op elk moment alles te kunnen consumeren wat we willen. Dat verlangen naar directe bevrediging van al onze wensen moet doorbroken worden. We dienen ons ervan te bekeren."

Borgman: "Maar het is ook een systeem dat zichzelf aanjaagt. De neiging de schuld volledig bij de consument te leggen vind ik een gereformeerde reflex. Als je geen weet meer hebt van seizoenen en als het fenomeen 'seizoen' niet meer bestaat in de voedselproductie, hoe weet je dan dat je beter geen aardbeien in de winter kunt kopen? Het heeft dus ook met vervreemding te maken. We weten niet meer waar ons voedsel vandaan komt en hoe het leeft en groeit. Het helpt in ieder geval als je dat proces weer wat meer zichtbaar maakt. Als je weet dat vlees een dood dier is, gun je het gemakkelijker een goed leven en betaal je daarvoor."

Gezonde middenweg

Kalsky: "Ik pleit voor een gezonde middenweg tussen vertrouwen en wantrouwen. Daarvoor heb je ook een realistische opvoeding nodig. De trend om kinderen louter positief te benaderen en te benadrukken dat ze alles alleen maar goed doen, helpt daar niet bij. Dan leren ze geen grenzen kennen. Ze horen ook te weten dat ze iets slecht hebben gedaan en dat ze dingen moeten verbeteren. Minder pampergedrag dus. Ik voel altijd een lichte irritatie als een medewerker in een winkel tegen mij zegt: 'U mag daar afrekenen'. U mag? Nee, ik moet! Anders word ik echt opgepakt door de politie hoor. We maken onszelf wereldvreemd. Je moet leren omgaan met spanningen en falen. Je moet tegen een stootje kunnen. Anders krijg je geen realistisch beeld van de wereld. Dus hoewel ik ervan overtuigd ben dat vertrouwen de basis van een goede samenleving is, moeten we ook leren om zo nu en dan stevig te wantrouwen wat ons aangeboden wordt. Zoals die mooie glanzende aardbei.

"Overigens ben ik er huiverig voor als we nu van de weeromstuit een beweging krijgen die alleen nog maar producten van eigen bodem accepteert. Een beweging terug naar lokaal geproduceerd voedsel moet wat mij betreft niet resulteren in een nationalistisch 'eigen aardbei eerst'. We leven in een globale wereld. Laten we voedselproducenten in Zuid-Europa of Afrika eerlijk betalen. Als gezond voedsel belangrijk voor je is, dan heeft dat een prijs."

Borgman: "Dat ik als individu geen aardbeien meer moet eten, zie ik niet als het antwoord. Dat wordt de volgende hype: alleen gezond voedsel. Maar we moeten wel over de toekomst van onze voedselproductie nadenken. Wat we nu doen is niet duurzaam. We denken wel intensief na over de toekomst van de zorg, maar over de toekomst van ons voedsel lijken we ons nauwelijks druk te maken."

Lees eerdere afleveringen van het Theologisch Elftal



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
We zijn het besef kwijt dat gebrek en verval ook bij het leven horen. Kromme komkommers accepteren we niet in het schap van de supermarkt.

Erik Borgman, theoloog

We pompen goedkoop geproduceerd voedsel rond over de aardbol om altijd alles te kunnen consumeren wat we willen. Het verlangen daarnaar moet doorbroken worden.

Manuele Kalsky, theologe