Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Filosoof Julian Baggini wil niet in koloniale valkuilen trappen

Religie en Filosofie

Maurice van Turnhout

Julian Baggini. © Getty Images
recensie

Julian Baggini: Hoe de wereld denkt. Een mondiale geschiedenis van de filosofie.. Vertaald door Ronnie Boley; Nieuw Amsterdam; 432 pagina’s; € 34,99.
★★★★☆

De schrijver

Lees verder na de advertentie

Julian Baggini (1968) is oprichter en hoofdredacteur van The Philosopher’s Magazine, de Britse tegenhanger van Filosofie Magazine. In 2015 werd zijn boek ‘Herwonnen vrijheid’ in Nederland uitgegeven, vorig jaar verscheen ‘Een kleine geschiedenis van de waarheid’.

Opzet van dit boek

De klassieke filosofische tradities van Griekenland, India en China bloeiden op tussen de vijfde en achtste eeuw voor Christus. Niet exact tegelijkertijd, maar toch: continenten van elkaar verwijderd, braken Socrates, Boeddha en Confucius zich over dezelfde zaken het hoofd.

Eigenlijk is die relatieve gelijktijdigheid een ‘onverklaard wonder’, schrijft Julian Baggini. Betekent het dat de drie filosofieën slechts variaties zijn op het grote verhaal van de menselijke familie? De schrijver waarschuwt: “Wanneer we anderen leren kennen moeten we enerzijds niet overschatten hoeveel we gemeenschappelijk hebben, maar anderzijds ook niet hoeveel we van elkaar verschillen.”

Na dertig jaar studie kent Baggini de westerse denktraditie van haver tot gort. Met dit boek schrijft hij een geschiedenis van de filosofie die de gehele wereld bestrijkt. Baggini is zich ervan bewust dat hij als witte Europese denker gemakkelijk in koloniale valkuilen trapt. Stereotypen over bijvoorbeeld spiritualiteit in de Indiase filosofie wil hij vermijden, maar het zou even onzinnig zijn om het hoge spirituele gehalte van Indiase filosofie te bagatelliseren.

Volgens Baggini zetten filosofieën via een proces van sedimentatie waarden en overtuigingen af in de dominante cultuur van een volk, zoals een rivier grind afzet in een bedding.

Met andere woorden: volkeren leven naar een verruwde vorm van hun filosofische traditie. Zo zal de gemiddelde Chinees waarde hechten aan sociale harmonie zonder ooit Confucius te hebben gelezen en de gemiddelde Indiër zal in karma geloven zonder per se de Veda’s te kennen.

Vergelijken

Door middel van vergelijkende filosofie stelt Baggini de dominantie van logica en individualisme binnen zijn eigen, westerse denktraditie aan de kaak. Kennis van de holistische Chinese Tao-filosofie zou westerse maatschappijen bijvoorbeeld meer voeling voor het leven in gemeenschappen kunnen bijbrengen.

Baggini merkt daarnaast op dat kritisch westers Verlichtingsdenken het einde inluidde van ‘slavernij, foltering, minder rechten voor vrouwen en homo’s, feodale leenheren en ongekozen parlementen’. Vergelijk dat eens met India, waar traditionele ideeën over karma en hiërarchie zorgen voor een passieve houding ten opzichte van de meest schrijnende armoede.

Een paar druppels westers denken over individualisme en vrije wil zouden best heilzaam kunnen zijn voor de Indiase samenleving, meent Baggini.

Opvallende passage

“Elke cultuur is een soort levend experiment van wat er zou gebeuren als we hier wat meer en daar wat minder waarde aan zouden hechten.”

Reden om dit boek niet te lezen

In lijn met die gedachte kan het Westen volgens Baggini meer ‘intimiteit’ gebruiken (aandacht voor het zelf als deel van een groter geheel) en het Oosten meer ‘integriteit’ (aandacht voor het zelf als een op zichzelf staand wezen).

De auteur kiest voor twee positief geladen begrippen om niet al te streng moraliserend uit de hoek te komen. Toch zijn passages als deze natuurlijk inherent moralistisch.

Reden om dit boek wel te lezen

Baggini’s relaas wordt gelukkig niet zoetsappig. Het goede van ‘Hoe de wereld denkt’ is, dat de schrijver uitkomt voor zijn eigen, Kantiaanse denktraditie. Daardoor worden  andere denktradities meer dan  exotische bloemen in een vaasje. Dat zou pas echt badinerend zijn.

Baggini’s uitwerking van sedimentatie is problematisch, zoals de schrijver zelf al laat doorschemeren in zijn slotconclusie: in een globaliserende wereld komen dominante culturen immers los van hun wortels, en daarmee raken ook de ‘afgezette’ waarden en overtuigingen op drift.

Dat denkbeelden van gedaante veranderen als ze zich verplaatsen is volgens Baggini onvermijdelijk. Universalisme, het idee dat één waardenstelsel voor elke tijd en plaats het beste is, geldt in zijn boek misschien wel als de meest tragische denkfout.

‘Hoe de wereld denkt’ is een even ambitieus als toegankelijk boek. Lange tijd is vergelijkende filosofie als domein geclaimd door antropologen en cultuurwetenschappers.

In dat opzicht heeft filosoof Baggini met zijn onderzoek al een wereld gewonnen.

Julian Baggini: Hoe de wereld denkt. Een mondiale geschiedenis van de filosofie.. Vertaald door Ronnie Boley; Nieuw Amsterdam; 432 pagina’s; € 34,99.

Lees ook: 

De bespreking van Baggini’s boek ‘Een kleine geschiedenis van de waarheid’ door Fleur Jongepier

Wie wil niet weten waarom we experts zouden moeten vertrouwen en waarom complotdenkers algemeen geaccepteerde feiten maar niet willen geloven? Bijna niemand. En dus heeft bijna iedereen wel een reden om dit boek te lezen.

Deel dit artikel