Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Fantaseren is overleven

Religie en Filosofie

Niels Mathijssen

© fadi nadrous

Fantasie speelt in ons leven een steeds kleinere rol. En dat is niet best, waarschuwen de filosofen Damiaan Denys en Marjan Slob. 'Zonder fantasie kun je de wereld niet begrijpen.'

Als rechtgeaarde feministe kon filosofe Marjan Slob wegzwijmelen bij de romantische fictie van de bouquetreeks. De vaste rolverdeling in deze verhalen: een jonge vrouw, wat naïef en onervaren, valt voor de charmes van een oudere, wereldwijze man. Vastgeroeste stereotypen die niet passen bij de denkbeelden van een vooruitstrevende vrouw als Slob, zou je zeggen. Ze besefte zelf ook wel dat het niet helemaal lekker met elkaar rijmde.

Lees verder na de advertentie
Fantasie is misschien niet echt, maar wel degelijk reëel

Toch sloten deze genderverhoudingen aan bij Slobs romantische fantasieën. Het zette haar aan tot het schrijven van het boek 'Foute fantasieën', dat nu na tien jaar opnieuw wordt uitgegeven. Daarin zegt Slob dat zo'n heimelijke verbeelding verre van onschuldig is. Het zet volgens haar de toon voor de omgang tussen de seksen. "Maar let wel, íedere fantasie heeft een bepaald effect", zegt Slob. "Verbeelding doet iets met je, het beïnvloedt hoe je naar de wereld kijkt. Fantasie is zelfs nodig om die wereld te begrijpen. Het heeft daarmee een duidelijke en vrij praktische functie voor de mens."

Kijkje in de toekomst

In een lunchroom op het vernieuwde Utrecht Centraal, een plek die tot voor kort maar weinig tot de verbeelding sprak, legt de filosofe uit wat die functie volgens haar is. "Toen ik nog een klein meisje was fantaseerde ik vaak over hoe het leven zou zijn als volwassene. Ik deed dan hoge hakken aan en ging voor de spiegel staan." Die exercitie verschafte Slob een kijkje in de toekomst. Precies zo werkt het in ons hoofd, denkt ze. "We verbeelden ons van alles en maken een voorstelling van hoe iets zou zijn, wat in de werkelijkheid niet zo is."

Een van de grote vragen waar filosofen zich op richten, is of je de wereld kunt kennen, zegt Slob. "Ze gaan daarbij uit van een binaire tegenstelling tussen dat wat waar en dat wat onwaar is. Fantasie zou in die opvatting onwaar zijn, het is immers geen realiteit." Toch klopt dat niet helemaal, zegt de filosofe. "Fantasie is misschien niet echt, maar wel degelijk reëel. Voel je het verschil tussen die twee? Fantasie hoort tot een verbeeldingswereld waarvan we vooraf accepteren dat die niet echt is. Maar toch heeft het een duidelijke invloed op onze materiële werkelijkheid. Waar of onwaar zijn in dit geval moeilijk toepasbare begrippen."

Volgens Slob moeten we fantasie zien als een mentale proeftuin, waarin ieder individu een verscheidenheid aan situaties voorleeft. Bevalt die verbeelde situatie je of juist niet? Wat zou je anders willen? "Je creëert in je hoofd zo een parallelle wereld waarin je alternatieven kunt bedenken die fijner of effectiever zijn. Zo kun je een stappenplan maken en verder komen in die reële wereld, zonder eerst talloze fouten te begaan."

Noodzaak

Filosoof en psychiater Damiaan Denys spreekt in vergelijkbare termen over fantasie als Slob. "Het is een van onze belangrijkste capaciteiten. Zonder zouden we niet kunnen overleven", zegt hij stellig. "Door fantasie zijn wij in staat tot anticipatie, zoals het in de neurowetenschappen genoemd wordt. In de laatste jaren is er steeds meer aandacht voor dit verschijnsel, omdat het mentale stoornissen beïnvloedt. Het gaat hierbij om het vermogen van de hersenen om zich in te beelden wat er in bepaalde situaties zou kunnen gebeuren."

Waarom laten we die ener­gieslur­pen­de hersenen van ons anders nog steeds zoveel overuren draaien?

Denys geeft een eenvoudig maar herkenbaar voorbeeld. "Veel mensen zijn angstig als ze naar een sollicitatiegesprek moeten. Als ze zich inbeelden hoe zo'n gesprek gaat verlopen, worden ze rustiger. Dat gebeurt vaak onbewust. Sommige mensen fantaseren daarbij tot in het uiterste detail over zo'n situatie. Ze maken een beeld van de kamer, de dikte van het tapijt, de lichtinval, hoe het er zal ruiken. Dat vermogen maakt dat ze als het ware al tientallen malen dat gesprek gevoerd hebben. Die voorbereiding tempert de angstgevoelens."

Cultuur speelt een bepalende rol bij fantaseren, zegt Slob: "Je gebruikt concepten uit de wereld om je heen om die simultane werkelijkheid in elkaar te knutselen." Dat verklaart ook waarom vrouwen zich kunnen verliezen in romantische verhalen uit de bouquetreeks. "Politiek gezien hebben we sterke bedenkingen bij die genderverhoudingen. Maar hoe afgekloven ook, toch zijn veel vrouwen er ontvankelijk voor." Dat komt omdat die rolpatronen koninklijk uitgerold zijn in onze westerse cultuur, legt Slob uit. "Dat zit al in sprookjes. Daarin zie je passieve prinsessen die gered moeten worden door heroïsche prinsen - dezelfde patronen als in die bouquetreeks. Zo leren vrouwen van jongs af aan zich te vormen naar bestaande beelden. Er bestaat dus een wisselwerking tussen jou, je fantasie en onze samenleving. Erg kritisch is dit type verbeelding inderdaad niet."

Slob is ervan overtuigd dat al die fantasieën, hoe wild of gedwee ook, nuttig zijn voor de mens. "Voor mijn boek 'Hersenbeest' heb ik mij verdiept in de evolutiebiologie. Sindsdien geloof ik sterk in een theorie die de 'economie van de biologie' heet. Die zegt dat we blijven doen wat nuttig is. Met activiteiten die dat niet zijn, stopt onze soort vroeg of laat. Volg je deze wetmatigheid dan moet fantaseren wel zinnig zijn. Waarom laten we die energieslurpende hersenen van ons anders nog steeds zoveel overuren draaien?"

Maar volgens Denys is het juist onmogelijk om in dergelijke termen te spreken over fantasie. "Verbeeldingskracht heeft volgens mij geen moraliteit. Het is er gewoonweg. Er zijn daarbij talloze fantasten die allerlei beelden en ideeën voortbrengen die nergens op slaan. Handopleggers en genezers, mensen die denken de toekomst te kunnen zien in dierentekens - dat alles is ook volstrekte fantasie. Of dat nuttig is? Voor sommigen geeft dat betekenis aan het leven, dan is er misschien sprake van een bepaald nut. Maar heel productief is het niet."

Grenzeloos

Denys beschrijft daarnaast nog een ander type fantasie, die niet beperkt wordt door iemands culturele context. "Want je kunt daar ook compleet aan voorbij fantaseren, in tegenstelling tot wat gebeurt bij die weinig kritische verbeelding. Dat is juist het mooie aan onze fantasie. Het is grenzeloos. Je kunt je hele samenlevingen voorstellen aan het uiterste einde van het heelal of de gedaante aannemen van een platvis van een onbestaande soort. Je fantasie is onbeperkt. Bij sommige creatievelingen wordt het wel zo bizar, dat niemand het meer begrijpt."

"Het is wel belangrijk om duidelijk te maken dat fantasie zeker wel ongezonde situaties kan voortbrengen", benadrukt Denys. "Je kunt een teveel aan fantasie hebben, waarbij een mens geen onderscheid meer kan maken tussen de fantasie en realiteit. Het is duidelijk dat dit onwenselijke toestanden met zich meebrengt. Maar ook een tekort aan fantasie kan ongezond zijn. Mensen die in een depressie geraken, komen daar sneller uit door hun voorstellingsvermogen. Met een beperkte fantasie is dat een stuk moeilijker."

Wat dat betreft is Denys niet positief over onze tijd. "Fantaseren is een kunst. Je moet er mee oefenen, anders raak je het kwijt. Dat is nu precies het euvel. Wij leven steeds meer in een saaie, dode maatschappij die almaar fantasielozer wordt. Zo lezen we steeds minder, een activiteit waarbij fantasie een grote rol speelt. Daarnaast hebben we mobiele apparaten die aan het organiseren slaan als we bijvoorbeeld op reis willen. Vroeger had je daar fantasie voor nodig. Verder zijn er overal schermen die non-stop beelden produceren die onze fantasie compleet platslaan. We worden zo nauwelijks nog uitgedaagd om fantasierijk op te treden."

Die fantasieloosheid is problematisch, beaamt ook Slob, maar niet alleen voor een individu. "Ook idealen zijn gebaseerd op verbeeldingskracht. Echte grote politici kunnen hun fantasieën bijna belichamen. Martin Luther King is daar misschien wel het bekendste voorbeeld van. Hij liet zijn fantasie spreken en schetste een ideale wereld waarin alle rassen harmonieus naast elkaar leefden. Fantasie is dus niet alleen van levensbelang voor de mens, ze is ook onontbeerlijk voor een gezonde samenleving."

'Foute Fantasieën' van Marjan Slob is verschenen bij uitgeverij Lemniscaat (188 blz., €17,95).



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Fantasie is misschien niet echt, maar wel degelijk reëel

Waarom laten we die ener­gieslur­pen­de hersenen van ons anders nog steeds zoveel overuren draaien?