Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Er is dus een punt waarop de mens ophoudt menselijk te zijn

Religie en Filosofie

Sofie Messeman

Auschwitz, het gebouw voor het ontluizen van kleren van gevangenen. © Foto: Museum Auschwitz-Birkenau
Boekrecensie

Giorgio Agamben - Wat er overblijft van Auschwitz
Uitgeverij Verbum, 192 blz., € 17,95
★★★★☆

De schrijver

Lees verder na de advertentie

De Italiaanse filosoof Giorgio Agamben (1942) publiceerde aanvankelijk vooral over taal en esthetica, maar ontpopte zich later tot politiek filosoof. Zijn voornaamste inspiratiebronnen zijn Martin Heidegger, Walter Benjamin en Michel Foucault. In zijn toonaangevende, negen delen tellende Homo sacer-project, waarvan 'Wat er overblijft van Auschwitz' deel drie is, bouwt hij verder op de notie 'biopolitiek' van Michel Foucault. 

Agamben gaat uit van het onderscheid tussen zoe (het natuurlijke leven) en bios (het politiek gevormde leven) om zich te concentreren op allerlei uitzonderingstoestanden die het politieke voortdurend inroept. Die hebben als effect dat sommige groepen mensen uit dit bios - lees: uit de definitie van mens-zijn - worden uitgesloten. Ze worden gereduceerd tot 'naakt leven', zonder politieke rechten, ze worden blootgesteld aan geweld. Het naziconcentratiekamp is een voorbeeld van een uitzonderingstoestand. Sterker nog, het is een 'uitzonderingsruimte' waar op een gruwelijke manier wordt geëxperimenteerd met het onderscheid tussen bios en het naakte leven.

© X

Het probleem

Sommigen beweren dat de gruwel van de naziconcentratiekampen zo immens was, dat er niets over kan worden gezegd. Maar dat noemt Agamben een mystificatie: "Zeggen dat Auschwitz 'onzegbaar' of 'onbegrijpelijk' is, staat gelijk met euphemein, het in stilte aanbidden, zoals je met een god doet, het betekent dus dat je bijdraagt tot de verheerlijking ervan." Agamben meent dat er juist over gepraat moét worden. De naziconcentratiekampen betekenen immers het einde van de traditionele ethiek, met zijn concepten schuld, verantwoordelijkheid en waardigheid. Het is dan ook de taak van de filosoof om de mogelijkheid van een nieuwe ethiek te verkennen, een die de toets met Auschwitz doorstaat.

Tal van overlevenden van de concentratiekampen hebben getuigenis afgelegd. Onder hen Elie Wiesel, Robert Antelme, Jean Améry en Primo Levi. Agamben baseert zich sterk op Primo Levi, die zich bewust is van de ambiguïteit van zijn eigen getuigenis. Immers, de 'echte getuigen', zij die de gruwel tot in zijn laatste consequentie hebben meegemaakt, zijn er niet meer. Bijgevolg kunnen de overlevenden enkel 'spreken voor hen, bij volmacht'.

De analyse

Agambens analyse van de kamptoestand vertrekt van een figuur waar Primo Levi telkens op terugkomt: de Muselmann. "Zo werd in het kampjargon een gevangene genoemd die alle hoop had opgegeven en die ook was opgegeven door zijn makkers. Hij had in zijn bewustzijn geen plaats meer waar goed en kwaad, nobel en laaghartig, stoffelijk en onstoffelijk tegen elkaar afgezet kunnen worden", noteert Jean Améry. 

Zeggen dat Auschwitz 'on­be­grij­pe­lijk' is, draagt bij aan het verheerlijken ervan

Giorgio Agamben

Voor Agamben balanceert de Muselmann niet alleen op de grens tussen leven en dood, hij markeert ook de drempel tussen een mens en een niet-mens. "Er is dus een punt waarop de mens, hoewel ogenschijnlijk nog mens, ophoudt menselijk te zijn. Dat punt is de Muselmann." Hij gaat nog verder en noemt de Muselmann een grensfiguur waarin categorieën als waardigheid en respect hun betekenis verliezen.

De conclusie

De nieuwe ethiek de Agamben voorstelt, is geen ethiek van de menselijke waardigheid. De Muselmann bevindt zich immers op de drempel van een levensvorm die begint waar waardigheid ophoudt. Waardigheid - van het leven én van het sterven - faalt als karakterisering van een mens. Ook het traditionele begrip 'verantwoordelijkheid' is niet langer hanteerbaar: de Muselmann kan immers bezwaarlijk 'verantwoordelijk' worden gesteld voor zijn eigen conditie. Mogelijk is 'schaamte', waar Agamben een apart hoofdstuk aan wijdt, beter op zijn plaats.

Redenen om dit boek te lezen

'Wat er overblijft van Auschwitz' is een vernuftig boek, waarin Agamben de ambigue positie van de 'getuige' diepgaand verkent. Ook zijn aanzet tot een nieuw soort ethiek aan de hand van het moeilijk vatbare concept Muselmann, is zonder meer zeer intelligent in zijn consequent volhouden en vasthouden van alle paradoxen.

Redenen om dit boek niet te lezen

Wie een historisch relaas over de Shoah verwacht, komt bedrogen uit. Het boek vraagt een fikse inspanning, want de lezer moet zich een aantal weinig voor de hand liggende filosofische categorieën toe-eigenen, plus soms wat minder relevante begrippen uit de taalwetenschap.

Lees meer boekrecensies op trouw.nl/boekrecensies

Lees ook: Primo Levi's verlangen naar een nieuw begin

Columnist Stevo Akkerman herdenkt Primo Levi.

Deel dit artikel

Zeggen dat Auschwitz 'on­be­grij­pe­lijk' is, draagt bij aan het verheerlijken ervan

Giorgio Agamben