Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De kerk als bubbeldoorbreker

Religie en Filosofie

Wolter Huttinga

Het kerkje van Marsum, bij Delfzijl. © Hollandse Hoogte / Reyer Boxem
Theologisch Elftal

Komende zondag staan de kerkdeuren open voor mensen die eens aan het geloof willen snuffelen. Maar is de kerk aantrekkelijk genoeg voor zoekenden? 

Komende zondag doen veel kerken in Nederland mee aan de Kerkproeverij: mensen die niets (meer) hebben met kerk of geloof worden door kerkleden uitgenodigd om eens een kerk van binnen te bekijken en mee te maken wat daar op zondag gebeurt. Maar de kerk staat er niet al te best voor. Het vertrouwen in kerken is laag en de nieuwe misbruikschandalen in de rooms-katholieke kerk maken het er niet beter op. Waarom zouden mensen zich willen inlaten met de kerk? 

Lees verder na de advertentie

“Zelf heb ik een haat-liefde-verhouding met de kerk. Ik vind het een heel goed concept, maar om eerlijk te zijn kom ik er zelden, behalve als ik ergens als voorganger gevraagd word”, vertelt Alain Verheij, schrijver, blogger en ‘randkerkelijk theoloog’.

Je kunt niet klakkeloos je vastgeroeste traditie op een bordje serveren

Matthias Smalbrugge

“De kerk staat er niet goed op bij veel mensen. Dat is onterecht. Het goede concept van de kerk bestaat volgens mij uit drie ingrediënten: verhalen, rituelen en gemeenschap. Als je dat in het Engels zegt heb je drie grote modewoorden: stories, rituals en community. Storytelling is wat elke marketing-goeroe verkondigt, rituals is een hippe winkel en community is wat Facebook zijn gebruikers belooft. Kortom, in theorie is het een perfect concept. Iedere Nederlander heeft een enorm stuk maatschappelijk kapitaal gewoon bij zich om de hoek liggen.”

Alain Verheij © Maartje Geels

“Eén van de goede redenen om af en toe een kerk te bezoeken is dat het een plek is die onze maatschappelijke bubbels doorbreekt”, zegt Matthias Smalbrugge, hoogleraar Europese cultuur en christendom aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. “Kunstenaar Jonah Falke schreef er recent mooi over in Vrij Nederland. Hij bezoekt regelmatig zowel een volkse kroeg als een christelijk klooster. Hij wil de stem van mensen horen die niet in zijn witte, linkse, hoogopgeleide en a-religieuze bubbel voorkomen. Een monnik zei tegen hem: ‘Weet je Jonah, wij verschillen niet zoveel. Kunstenaars en geestelijken zijn allebei mensen die vragen niet alleen stellen, maar ze ook belichamen.’ De kerk is een plek die wezenlijke vragen stelt. Misschien nog wel het meest aan jezelf. Een goede reden om naar de kerk te gaan is dat er ruimte is voor zelfkritiek die de bubbel van voortdurende zelfbevestiging doorbreekt.

“De kerk is ook de plek waar je het verhaal kunt horen dat nog altijd de voedingsbodem vormt voor de onzichtbare grammatica van onze cultuur. Geloofwaardigheid en vertrouwen, geluk en bestemming: het zijn begrippen die als losse flarden en brokstukken onderhuids in onze cultuur rondzwerven.

Ik ben zelf onderdeel van het probleem. Ik stap niet binnen bij de kerk

Alain Verheij

“Als je nieuwsgierig bent naar het onderliggende verhaal kan het geen kwaad eens een kerk te bezoeken. Als diepste geheim van die grammatica klinkt daar het woord ‘God’ – de vloek voor iedere bubbel, want het staat voor het ultieme loslaten van jezelf.”

Verheij: “Toch weten mensen de weg naar de kerk in de praktijk niet te vinden. En ik ben zelf onderdeel van dat probleem. Ik sta ’s zondags of op de kansel, of ik blijf thuis. Ik stap niet binnen bij de kerk op de hoek en pieker er niet over me erbij aan te sluiten. Best pijnlijk. Waardoor zou het komen? Tja, ik ben natuurlijk gewoon een individualistische, verwende millennial. En de kerk heeft een pr-probleem. Maar laten we niet vergeten dat elk instituut vandaag de dag een probleem heeft. Wie wordt er tegenwoordig bijvoorbeeld nog lid van een vakbond? Verbindingen ontstaan spontaner, zijn meer tijdelijk en ad hoc. We vormen een gelegenheidscoalitie als we twee Armeense kinderen in Nederland willen houden. Dat ontstaat van onderop rond een specifiek thema. Experimentele tijdelijke vormen zoals pop-up-kerken, christelijke zomerfestivals, daar komen mensen op af. Maar het kan volgend jaar weer gebeurd zijn.

Matthias Smalbrugge

“Kortom, dat taaie, oude instituut heeft zo zijn voordelen. Ten eerste is het een plek die het moeilijk maakt de mensen te vergeten die niet zo snel en sexy en succesvol zijn. De kerk behoedt je voor blinde vlekken.

“En dus kom ik ook bij Matthias’ bubbels terecht. Ook al zijn kerken zelf natuurlijk wel degelijk gesegregeerd, het is toch een verzameling mensen die je zelf niet hebt uitgezocht. In een tijd waarin algoritmes bepalen wie en wat we zien is de kerk beslist een bubbeldoorbreker. Maar nogmaals: ook ik vind het heel lastig me daar aan over te geven.”

Smalbrugge: “Maar de kerk moet ook zelf over de brug komen. Kerkproeverij betekent ook wereldproeverij voor de kerk. En als het een proeverij is moet er ook iets goeds geserveerd worden. Je kunt niet klakkeloos je eigen vastgeroeste traditie op een bordje serveren. Hoe klinkt de taal? Als een gedicht of als een gebruiksaanwijzing van pannenkoekenmeel? Goede rituelen hebben geen uitleg nodig. Een hand die zegenend op een hoofd rust of het aansteken van een kaars: dat werkt, dat begrijpt iedereen. Dat raakt aan onze diepste ervaringen en behoeftes. De kerk moet dus kwaliteit bieden. Een ervaring waar je eenzaamheid raakt aan je verbondenheid met anderen en waar je onwetendheid raakt aan je diepste begrip.

“Ook denk ik dat de kerk de plek is waar je je eigen kwetsbaarheid als mens kunt vormgeven. Dat is nodig in een maatschappij waarin we heel veel zeker weten, maar ook heel veel betwijfelen. Dat zeker-weten, maar ook dat twijfelen is vaak een puur intellectuele exercitie. De kerk zou er weer een spirituele oefening van kunnen maken. Ruimte bieden aan de kwetsbaarheid van je eigen bestaan. Ik hoop dat mensen daar zondag van mogen proeven.”

Verheij: “En nu wil ik Gods grondpersoneel niet afvallen, maar de ontkerkelijking ligt ook wel voor een deel aan de kerk zelf. Iedere week naar een lange monoloog van dezelfde persoon luisteren? Die vorm is niet houdbaar. Juist de wederkerigheid van de kerkproeverij vind ik belangrijk. Wat mij betreft moet je niet je buurman meenemen in de hoop dat hij maar zo snel mogelijk net zoals wij wordt.

“Een kerkproeverij zou al in de voorbereiding ook over de vraag moeten gaan: wat zijn die mensen waard voor ons, wat kunnen wij van onze geseculariseerde medemens leren? Ik hoop dat de kerk leert van iedere ontmoeting met een niet-kerkelijke.” 

Lees meer afleveringen van het Theologisch Elftal in ons dossier

Deel dit artikel

Je kunt niet klakkeloos je vastgeroeste traditie op een bordje serveren

Matthias Smalbrugge

Ik ben zelf onderdeel van het probleem. Ik stap niet binnen bij de kerk

Alain Verheij