Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Catechisatie is een geloofsgesprek geworden

Religie en Filosofie

Ilona de Lange

Een PKN-catechisatie-les in Leiden. © Phil Nijhuis
reportage

Catechisatie, die was altijd bedoeld om jongeren basiskennis van de christelijk door te geven. Dat lukt niet echt, constateert promovendus Hans Meerveld. Maar toch hebben die samenkomsten zin.

Zullen we alle mobieltjes wegdoen?” Het is tien over zeven op vrijdagavond, zestien pubers zijn de ­afgelopen minuten ­binnengeslenterd in een bijgebouwtje van de protestantse Marekerk in ­Leiden. Snapchattend, al dan niet met een ijsje van de McDonald’s in de hand.

Lees verder na de advertentie

De jongens verzamelen zich rond de ene kant van de tafel, de meisjes aan de andere kant. Ze hebben catechisatie. Dat moet van hun ouders, maar het is ook wel gezellig, getuige de gesprekken en lachsalvo’s die de hele avond door zullen klinken. Bastiaan Koutstaal, huisarts en vrijwillige catecheet, staat op en begint de avond met een gebed. “Heere God, we gaan het vanavond hebben over U op nummer één zetten. Wilt U de avond zegenen?”

Na het amen wordt het direct weer rumoeriger. Koutstaal en de andere vrijwilliger, jeugdwerker Emmie Kaljouw, delen aan iedereen een catechisatieboekjes uit. ‘Leer en leef uit je Bijbel’, staat er op de voorkant.

Ondanks die boekjes staat anno 2018 tijdens catechisatie niet de geloofsleer centraal, maar gesprekken over persoonlijk geloof, zegt theoloog Hans Meerveld. In vier kerkelijke gemeenten deed hij onderzoek bij catechisatielessen van 16- en 17-jarigen. De tijd waarin een dominee of ouderling de jeugd via een monoloog onderwijst over de geloofstraditie is voorbij. Waarom? Klakkeloos kennis overnemen doen de tieners niet en daarbij, de kennisoverdracht blijft niet hangen als het hun persoonlijke leven niet raakt, vertelt Meerveld.

De jongeren die hij sprak, zitten in een zoekende en ontdekkende fase. De meerderheid gaf aan dat ze niet weten of ze geloven of niet. Met die vraag zijn ze bewust bezig. “De geloofstraditie is verwoord in begripstaal: erfzonde, drie-eenheid. Dat zijn woorden die jongeren niet gebruiken als ze over hun geloof praten. Het is alsof ze dat niet pakken”, verduidelijkt hij. “Die kennisoverdracht zou ik dus uitstellen. Jongeren willen eerst persoonlijke, échte verhalen over wat geloven is in de praktijk.”

“Hebben jullie het idee dat jullie van God houden?” Het valt stil.

Je ziet hem niet

Op jongere leeftijd zijn die persoonlijke gesprekken nog wat moeilijker te realiseren, blijkt tijdens de catechisatieles in Leiden, de jongeren zijn hier tussen de 12 en 14 jaar oud. Het thema van de avond is ‘God liefhebben’. In het catechisatieboekje wordt dat geïllustreerd aan het verhaal over Martijn en Francien. Ze hebben verkering, maar Francien gelooft niet dat Martijn echt verliefd op haar is. Ze merkt er niets van. Een opgeschoten jongen concludeert: “Misschien is ie wel gewoon gay.” Ja, vallen anderen hem bij, kan toch ook? Tot zover het voorbeeld.

“Hebben jullie het idee dat jullie van God houden?” Het valt stil. Niet echt, klinkt het en hoofden worden geschud. “Dat is toch ook moeilijk, want het is niet iemand die je ziet”, zegt iemand.

“Hoe zou je aan God kunnen laten zien dat je van hem houdt?”, is de volgende vraag uit het boekje. Nu volgt er wat meer reactie: “Tijd nemen, bidden, dat doet mijn moeder thuis, na het eten weet je wel.”

Hierna volgen nog wat vragen. Kunnen ze voorbeelden van moderne afgoden noemen? “Boeddha!” De bedoeling is dat de tieners anders gaan denken. Op een papiertje moeten ze daarom een topdrie aanvinken van de dingen die zij het belangrijkst vinden en die misschien de plek van God innemen. Er staan voorbeelden op als uiterlijk, sociale media, geld, prestaties en vriendschappen.

Erg goed lukt dit niet – en dan neemt Koutstaal het voortouw. Hij vertelt dat hij vrienden op nummer één heeft gezet. “Ik wil graag dat vrienden, maar ook andere mensen, me aardig vinden. Soms vind ik de waardering van mijn vrienden belangrijker dan van God. Misschien kennen jullie dat ook wel.” De tieners kijken hem belangstellend aan, maar reageren niet echt.

Na een uur catechisatie en een afsluitend gebed, op verzoek ook voor de proefwerkweek, stormen de tieners naar buiten.

De beste catecheten

“Dit boekje gaat ervan uit dat ze van God houden, maar dat gaat dus niet altijd op”, zegt Koutstaal terwijl hij de catechisatieboekjes opstapelt. “Ze komen uit zichzelf wel met ­leuke vragen. Dat is ook mijn doel, dit is een plek waar je alle vragen mag stellen. Ik hoop dat ze door deze avonden goede associaties met het geloof krijgen.”

Kaljouw hoopte wel kennis over te ­kunnen dragen. Maar na zes jaar catechisatie geven maakt ze zich geen illusies meer. “Op deze leeftijd willen we ze gewoon erbij houden, zodat ze hopelijk later vrijwillig komen.”

Hun opmerkingen sluiten aan bij een be­vinding van Meerveld. Predikanten met veel kennis zijn niet per se de beste catecheten, vertelt hij. “Vrijwilligers, en dan met name twintigers en dertigers, hebben vaak beter door wat de vraagstukken van tieners zijn.

Predikanten willen vaak de geloofstraditie van de kerk overdragen, maar dan moet er wel eerst geloof zijn.”

Lees ook: 

Eerst wraps, dan moeilijke vragen

Wat houdt gelovigen bezig? Trouw volgt het wel en wee van de protestantse gemeente Driebergen. Vandaag: catechisatie.

Deel dit artikel

“Hebben jullie het idee dat jullie van God houden?” Het valt stil.