Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Behoren leidinggevenden altijd meer te verdienen dan hun werknemers?

Religie en Filosofie

Alexandra van Ditmars

© ANP
FILOSOFISCH ELFTAL

Het is heel gewoon dat de leidinggevende een hoger salaris krijgt dan ondergeschikten. Maar is dat wel zo logisch?

Basisschooldirecteuren voeren vanaf half september actie voor meer salaris en minder werkdruk. Na de onderwijsstakingen zijn schoolleiders er minder op vooruit ­gegaan dan de basisschoolleraren. Sommige leraren verdienen daardoor nu meer dan hun leidinggevende. De Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) vindt dat niet kunnen. Is dat terecht? Behoren leidinggevenden altijd meer te verdienen dan hun werknemers?

Lees verder na de advertentie

Bas Haring, filosoof en bijzonder hoogleraar publiek begrip van de ­wetenschap aan de Universiteit Leiden, vindt van niet. “Bij een voetbalclub verdient de coach aanzienlijk minder dan veel van de voetballers, terwijl hij wel de leiding van het team op zich neemt. De directeur van de voetbalclub draagt nog meer verantwoordelijkheden, maar verdient weer minder dan de coach. Dat vind ik volkomen logisch. Een salaris moet niet afhangen van het aantal verantwoordelijkheden dat iemand heeft, maar van diens toegevoegde waarde. Een basisschooldirecteur hoeft dus niet per se meer te verdienen dan een leerkracht. Misschien is het werk van een leerkracht wel van meer betekenis in de organisatie en in de wereld.”

Bij een voetbalclub verdient de coach aanzienlijk minder dan de meeste voetballers

Bas Haring, filosoof

Ingrid Robeyns, hoogleraar ethiek aan de Universiteit Utrecht, vindt het wel degelijk rechtvaardig als een directeur meer verdient. “Voetballers zijn wellicht een uitzondering als we het over beloningen op de arbeidsmarkt hebben. Een schooldirecteur draagt de eindverantwoordelijkheid en moet daarom continu alert zijn op wat er ­nodig is in de organisatie. Daarnaast moet hij of zij allerlei verschillende vaardigheden hebben. Het gaat niet alleen om het uitstippelen van een ­visie, maar ook om zaken als grote budgetten beheren, werknemers enthousiasmeren, proactief zijn en inspelen op politieke veranderingen. Mensen die al deze talenten bezitten, zijn schaars. Om ervoor te zorgen dat ze schooldirecteur willen worden – wat ten goede komt aan het onderwijs van de kinderen – moet een hoger loon geboden worden.”

Albert Heijn

Haring: “Leidinggevenden moeten inderdaad veel verschillende zaken kunnen. Maar dat betekent niet automatisch dat ze meer moeten verdienen. Als er meer mensen goed zijn in leidinggeven dan in lesgeven, is het logisch dat de leraren een hoger salaris krijgen. Het is simpelweg een kwestie van vraag en aanbod, geen principekwestie. In de negentiende eeuw wezen de economie-filosofen van de Oostenrijkse School erop dat een prijs altijd rechtvaardig is. 

"Wat mensen ergens voor over hebben is de juiste prijs, stellen zij. Daar sluit ik me bij aan, ook wat salarissen betreft. De waarde die anderen jouw werk ­toedichten, bepaalt je salaris. Zo is mijn zusje een hooggewaardeerd actrice. Toch verdient ze minder dan iemand die de groenteafdeling van de Albert Heijn onder zijn hoede heeft. Blijkbaar vindt de samenleving het werk van ­iemand bij de groenteafdeling waardevoller dan dat van een ­bijzondere ­actrice. Daar kun je van alles van ­vinden, maar het is niet onrechtvaardig. Hetzelfde geldt voor werknemers die meer verdienen dan hun baas.”

Robeyns: “Het loon dat je krijgt, is helemaal niet per se een rechtvaardig loon. Lonen moeten ook bepaald worden door de sociale waarde van het beroep. Als wij leerlingen gelijke kansen willen geven in het leven, is het essentieel dat ze allemaal de beste docenten en directeuren krijgen. Maar dat is nu niet mogelijk: er ontstaat naast het leraren­tekort ook een tekort aan basisschooldirecteuren. Dat is een teken aan de wand. Er gaat duidelijk iets mis met de status en de beloning van deze beroepen uit de publieke sector. Ze worden laag gewaardeerd, terwijl ze van groot belang zijn voor onze samenleving. Als het lastiger is om goede directeuren te vinden dan goede leerkrachten, mogen we dat weerspiegeld zien in het salaris. Maar voor beide beroepen geldt: we moeten de waardering ervoor uitspreken door een beter salaris te bieden. Daarnaast moet de maatschappelijke status ervan verhoogd worden – zodat je de beste mensen voor de klas en in de directeursstoel hebt.”

Mensen met alle talenten van een leidinggevende zijn schaars

Ingrid Robeyns, hoogleraar ethiek

Haring: “Het blijft de vraag hoe je bepaalt wat het werk van een leiding­gevende waard is. En voor wie doet een leidinggevende eigenlijk zijn werk? Het lijkt mij dat een basisschooldirecteur zijn werk doet in dienst van de leraren. Zij krijgen ondersteuning en hoeven ­allerlei zaken niet te regelen. Dan zouden eigenlijk de leraren moeten bepalen wat een directeur waard is, dus ­behoort te verdienen. Vanwege vastgelegde machtsverhoudingen gebeurt dat nooit. Maar het lijkt mij een goed idee.”

Senioriteit

Robeyns: “Er zijn op dit moment nog meer factoren die het salaris bepalen waar je vraagtekens bij kan zetten. Neem senioriteit. In Nederland krijgen mensen met meer werkervaring doorgaans een hoger loon. Als meer ervaring betekent dat iemand meer betekent voor een organisatie, is dat terecht. Maar het is de vraag of dat altijd zo is. Jonge mensen zijn vaak heel innovatief en creatief. Soms voegen zij meer toe aan de organisatie dan de oudere mensen met meer ervaring. Dan behoren ze niet minder te verdienen.”

Haring: “We zijn aan het idee ­gewend geraakt dat we later in onze carrière meer gaan verdienen vanwege ­onze hogere leeftijd of functie. Salarissen moeten maar vanzelfsprekend omhooggaan, zonder dat er wordt gekeken naar wat iemand eigenlijk oplevert en wat iemand op basis daarvan mag kosten. Daar mogen we wel rationeler ­tegenover staan. Het lijkt me wel wat om een basisschool een jaar geen directeur te geven en te kijken wat er gebeurt. Vroeger waren er ook geen basisschooldirecteuren, enkel hoofdmeesters. Na dat jaar kunnen we dan kijken naar de consequenties daarvan. Daaraan plakken we dan een bedrag. Dat is dan een gepast loon voor de leidinggevende. Ongeacht of dat meer of minder is dan het salaris van de werknemers.”

Lees meer afleveringen van het Filosofisch Elftal in ons dossier.

Lees ook:

Hoe de zwemtocht van Maarten van der Weijden bijna een religieuze missie werd

Was het opoffering, de zwemtocht van Maarten van der Weijden, en sprak het ons daarom zo aan? Of was er iets anders aan de hand, vraagt het Filosofisch Elftal zich af.

Deel dit artikel

Bij een voetbalclub verdient de coach aanzienlijk minder dan de meeste voetballers

Bas Haring, filosoof

Mensen met alle talenten van een leidinggevende zijn schaars

Ingrid Robeyns, hoogleraar ethiek