Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Als katholiek kan ik de geschiedenis van katholieke vernietiging niet naast me neerleggen

Religie en Filosofie

Stephan Sanders

© Jean-Pierre Jans

Stephan Sanders ging een beetje proefgeloven. Op deze plek doet hij verslag van zijn vorderingen. Dit keer vanuit het Spaanse Córdoba, waar hij wandelt tussen de katholieke en islamitische kunstschatten.

Spanje is een favoriet land, al jaren, maar sinds een tijdje is alles daar anders geworden. Nee, ik zeg het verkeerd, ik ben anders. Anderhalf jaar noem ik me nu katholiek, mijnheer, maar ook daarvoor had ik vele kerken, kathedralen en andere Spaanse heiligdommen bezocht, met het voorgeschreven ontzag en decente kleding. Je gedraagt jezelf een beetje omdat je bij een vreemde op bezoek gaat, je kent die lui niet, en wilt geen aanstoot geven. En natuurlijk wordt het kunstzinnige interieur bewonderd, de beelden, glas-in-loodramen, de schilderijen vooral, en altijd is de kathedraal wel van zo'n onnoemelijke afmeting dat het gebouw de omliggende huizen in de schaduw stelt. Shock and awe, ook toen, overweldigend.

Lees verder na de advertentie
Ik geloof dat mijn redenatie 'jezuïtisch' was

Terzijde: een vriendin van mij, met wie ik veel reisde, kon zo'n groot katholiek heiligdom niet betreden zonder letterlijk misselijk te worden van de pracht en praal, allemaal gestolen van de arme, ongeletterde en onwetende bevolking, zoveel jaren her. Ik zei dan dat die arme drommels toch ook die geweldige kerk met z'n zinsbegoochelende inhoud konden bewonderen, en dat het waarschijnlijk de enige keer was dat ze in contact kwamen wat wij nu verwaten 'het sublieme' noemen. Is de pauper beter af wanneer alles in zijn omgeving pauperachtig is? Of maakt het wel degelijk verschil als er iets is dat letterlijk uittorent boven het armzalig alledaagse, waaraan ook een schlemiel zich kan laven?

Ik geloof dat bovenstaande redenatie 'typisch katholiek' heet of ook wel 'jezuïtisch', wat voor veel mensen een ongunstige bijklank heeft. Maar het geval wilde, dat ik toen nog niet katholiek was, of het althans niet wist of erkende. Nu loop ik in Córdoba rond, en alles wat toen eenvoudigweg exotisch mooi was of interessant, doet nu een beroep op mij, want al die kunstschatten zijn een verbeelding van mijn godsdienst. Ik ben nog steeds op bezoek, maar een compleet vreemde ben ik toch niet meer, want niet alleen weet ik beter waar al die verschillende afbeeldingen voor staan, ik word ook direct aangesproken, niet zomaar als toeschouwer of kunstliefhebber, maar als geloofsgenoot.

Dat is even wennen, want wat Kant zo fraai het interesseloses Wohlgefallen noemt, het belangeloze welbehagen waarmee een beetje kunstkenner ruimte schept door zichzelf weg te cijferen uit de formule - dat komt te vervallen. Ik ben lid van die katholieke club, met een eeuwenoud getekend gezicht en verleden, en met 'spannend' kom ik niet meer weg.

Tekst gaat verder na onderstaande afbeelding.

© Marien ter veen

Heilige plek

Dat heeft ook schaamte tot gevolg: bij de (nog steeds bloedhete) schemering stuiten mijn man en ik, dwalend door Juderia, de voormalig Joodse wijk in Córdoba, per ongeluk op de Mezquita, de fabelachtige moskee die in 990 zijn voltooiing vond. Dat was niet de bedoeling, de Mezquita stond voor de volgende dag gepland, maar ineens staan we op het intieme plein met de sinaasappelbomen, en ook zonder toeristengids weet je dat je op een heilige plek staat. 

De overwinnaar vernietigde het oude, en drukte er niet alleen zijn eigen stempel op, maar ook zijn macht en heerlijkheid

Islamitische heersers hadden het rond de toenmalige millenniumwisseling voor het zeggen in Córdoba, toen een wereldstad, en ik ben ervan overtuigd dat er geen indringender voorbeeld van Moorse architectuur bestaat dan hier. Sorry Granada, sorry Alhambra. Middenin dat immense zuilenwoud, met zijn verspringende roodwitte bogen, die je letterlijk stil maken en van je stuk brengen, midden in dat architectonische wonder is een kathedraal gebouwd, pats boem, toen de katholieke Karel de Vijfde het weer voor het zeggen kreeg. Ik sloop daar schuldbewust rond, heb me niet gewaagd in het katholieke deel, want daar is geen sprake geweest van een beeldenstorm maar een heiligschennis.

Ronddwalend door het Moors-islamitische deel overviel me de abstractie, die zo modern oogt; moeiteloos worden duizend jaren (kunst)geschiedenis overbrugd. Ik mompelde spontaan de naam, nee niet van Allah, maar van Maurits Cornelis Escher, de beroemde Nederlandse graficus (1898-1972), die met zijn oneindige ruimteloosheid en perspectiefverschuiving tot zijn eigen verbazing hippies wist te hypnotiseren. Wat een verrukkelijk, zelfbevestigend genoegen om 's avonds te lezen dat Escher zich inderdaad geïnspireerd wist door de Mezquita.

Vuile handen

Maar toch: katholieke vernieling van een fabuleus bouwwerk, althans gedeeltelijk; de kathedraal die er middenin is gepropt, protserig, middelmatig, die niet kan tippen aan het Moorse mysterie van toen.

Natuurlijk ben ik niet direct verantwoordelijk voor het besluit van Karel de Vijfde toen, maar ik kan de geschiedenis ook niet naast me neerleggen. Een redelijk begaanbaar excuus is dat ook de islamitische heersers hun Mezquita zonder al te veel schuldgevoel bouwden op resten van oudere Romeinse tempels en een Visigotische basiliek. De overwinnaar vernietigde het oude, en drukte er niet alleen zijn eigen stempel op, maar ook zijn macht en heerlijkheid. Daar waren alle monotheïsten zeer bedreven in (de Joden kregen het minst de kans.) Er is geen godsdienst die zijn handen niet bevuild en bebloed heeft. Met het geloof verlies je ook een deel van je gedroomde onschuld. Take that, believer.

Lees ook

'God zeggen zonder te giechelen.' Het interview met Stephan Sanders over zijn beslissing om te gaan 'proefgeloven'. 

Deel dit artikel

Ik geloof dat mijn redenatie 'jezuïtisch' was

De overwinnaar vernietigde het oude, en drukte er niet alleen zijn eigen stempel op, maar ook zijn macht en heerlijkheid